Main content

Lonneke staat na haar psychoses beter in het leven doordat ze meer zichzelf is en van daaruit de regie voert over haar leven. Ze is blij dat ze ruimte voor zichzelf heeft gemaakt, zodat ze in zichzelf heeft kunnen investeren. Naast een opleiding haptonomie doet Lonneke vrijwilligerswerk en is ze inmiddels ook weer aan de slag als arts in de psychiatrie.

“In een periode van acht jaar heb ik vijf psychoses gehad. Uiteindelijk was mijn laatste psychose echt een keerpunt naar herstel. Het jaar daarna is de manier waarop ik in het leven ben komen te staan, heel erg veranderd.

Daarvoor waren die ervaringen wel anders: tijdens mijn eerste psychose had ik aanvankelijk het idee dat ik naar mijn intuïtie luisterde.Ik kreeg leuke impulsen om bijvoorbeeld een jurk te kopen waar ik in gezien mocht worden. En ik moest mensen gaan uitdagen en gesprekken aanknopen met onbekenden. Deze intuïtieve impulsen kregen een steeds dwingender karakter. Eigenlijk vond ik het niet leuk meer, maar ik kon er ook geen weerstand tegen bieden.

Toen heb ik in een week tijd zoveel energie verbruikt, dat ik daar een halfjaar van heb moeten bijkomen. Fysiek was ik helemaal uitgeput.

Doordat mijn psychoses vaak in de vakantie gebeurden, hadden mijn ouders en werkgever niet door dat er iets was. Ook trok ik mij tijdens mijn psychoses vooral terug uit het contact met dierbaren. Ik zette mijn telefoon zelfs uit, omdat mijn stem dat vertelde. Daarentegen bleef ik niet binnen zitten: dag en nacht was ik in de weer en reed ik overal naartoe. Toen ik op straat verward overkwam, heeft iemand de politie ingeschakeld en ben ik via de crisisdienst opgenomen. Mijn omgeving was altijd heel bezorgd en mijn ouders stimuleerden mij om de dagelijkse dingen te blijven doen. Na mijn vierde psychose liep ik brandwonden op en adviseerde mijn vader om het rustiger aan te doen. Op dat moment was mijn gezondheid belangrijker.

Ik denk dat er soms te veel verantwoordelijkheid bij mijn omgeving kwam te liggen. Een goede vriendin vertelde achteraf dat de verpleging haar telkens belde als ze niet wisten wat ze met mij moesten. En na mijn eerste opname ben ik heel snel naar huis gestuurd.

Het heeft veel voor mij betekend hoe mijn vriendin mij toen opving en steunde. Op dat moment had ik alleen niet door dat het haar ook veel kostte.

Ik denk dus dat je dit als hulpverlener in goed overleg met naasten moet doen. Zij moeten zich wel vrij voelen om aan te geven als het niet meer gaat.

Bij de medicatie heb ik een dubbel gevoel. Ik heb aanvankelijk heel lang het idee gehad dat het gewoon niet hielp. De bijwerkingen waren daarbij ook erg heftig: mijn benen waren heel zwaar en ik kon mijn voeten bijna niet meer verzetten. Achteraf ben ik wel blij dat ik zo sloom was, zodat ik bepaalde destructieve dingen niet kon doen.

Er werd mij verteld dat als ik de medicatie wilde afbouwen en na mijn psychose weer snel zou terugvallen, ik kans zou hebben dat mijn hersenen minder goed zouden functioneren.

Ik had daar nog nooit van gehoord en vond dit vreemd. Op internet vond ik juist alleen maar dat het lang slikken van antipsychotica dat effect heeft. Al die verdeelde meningen hierover houden mij wel bezig. Nu ben ik stabiel en als ik soms mijn pillen wel eens vergeet, lig ik de hele nacht wakker.

Op een gegeven moment kwamen dingen samen, waardoor het nu veel beter met mij gaat. Ik voelde me opeens sterker dan mijn stem, ik had angst en pijn overwonnen en daardoor ging ik aarden. Daardoor kreeg ik meer overzicht, kon ik grenzen voelen en aangeven en kreeg ik meer inzicht in mezelf. Nu kan ik veel beter keuzes maken door op mezelf te reflecteren en te ervaren wat ik nou wil en hoe ik me daar bij voel.

Door het crisis signaleringsplan doorzag ik ineens de patronen die bij mij vooraf gingen aan een psychose. Het opstellen van dit plan is heel waardevol gebleken en ik voelde me daarin heel serieus genomen.

Het plan werd geheel persoonlijk opgesteld en we hebben gekeken hoe het gaat als het goed gaat en wat de alarmsignalen zijn. Door samen te kijken en reflecteren, werd ik bewust gemaakt en heb ik meer inzicht in mezelf gekregen. Doordat ik bij mijn vijfde psychose op tijd heb kunnen ingrijpen en werd opgenomen, is er veel schade voorkomen.

Daarbij ontmoette ik veel fijne mensen in de hulpverlening en stond ik er op dat moment zelf ook veel meer voor open. Nu maakte ik deel uit van een groepje mede-cliënten dat elkaar steunde en dingen deelde. Ik was toen eigenlijk een beetje verrast dat ik door de hulpverlening zo serieus werd genomen en ze ook echt hun best voor me deden. Ze luisterden naar me en keken hoe ze dingen konden oplossen. Ik voelde een enorme betrokkenheid en steun van het hele behandelteam. Er was één verpleegkundige door wie ik me op een heel moeilijk moment gezien voelde. Dat heeft veel voor me betekend. Wederzijds vertrouwen is voor mij dus heel belangrijk geweest om er bovenop te komen.

Daarnaast is het voor mij essentieel geweest dat ik zelf het initiatief nam. Toen ik in de ziektewet kwam, ben ik vrijwilligerswerk gaan doen en heb ik allerlei activiteiten opgepakt.

Ik ging regelmatig schilderen en ontmoette mensen die ook opgenomen waren geweest. Ik vond het fijn dat ik een dagstructuur had die niet te belastend was. Een andere keuze was die voor een particuliere psychotherapeute. Zij heeft mij veel geholpen met het krijgen van inzicht, door op situaties te reflecteren. Nu doe ik dingen waar ik mezelf echt in kwijt kan, zoals biodansen en toneel. Ik merk dat ik me daar fijn in voel en dat het voor mij echt heilzaam is. Ik zou graag mensen met een psychosegevoeligheid willen helpen om ook te aarden. Als we hun creativiteit kunnen inzetten, maakt dat de samenleving kleurrijker en waardevoller.

Het afgelopen jaar heb ik  weer als arts in de psychiatrie kunnen werken. Dat heeft veel goeds gebracht en ik vind het heel fijn om ook op die manier weer meer te kunnen bijdragen.

Ik geef nooit op en elke moeilijke periode brengt nieuwe inzichten en nieuwe kracht die ik voor mezelf maar ook weer voor anderen kan aanwenden. Vive la vida.”

  • Deel deze pagina: