Main content

“Als een mokerslag word ik getroffen door een plotselinge kinderwens”. schrijft Anniek. Ze vraagt zich af of dit een wens is of een symptoom van het afbouwen van haar medicatie? Lees er meer over in deze blog: “Wie ben ik?”

Het gepland afbouwen van medicatie met behulp van taperingstrips:”Wat merk ik? Waar heb ik last van? En vooral hoe ga ik daarmee om?”

Wie ben ik?

Datum: 5 januari 2020
Afbouwen week: 10
Afgebouwd: 13,5 mg citalopram
Nog af te bouwen: 1,5 mg citalopram en 137,5 mg quetiapine

Als een mokerslag word ik getroffen door een plotselinge kinderwens.

Alles in me schreeuwt om een kindje

Eigenlijk wil ik niet nu een kindje, maar wil ik dat ik al jarenlang een kindje had gehad. Alsof ik de afgelopen jaren heb lopen slapen.

Ik wil er voor gáán, heb er alles voor over. Als ik na het oudejaarsnachtfeestje wakker lig, schiet de angst door me heen: ik ben al 36, als ik klaar ben met afbouwen nader ik de 37.

In bed ga ik op mijn telefoon googelen naar de risico’s van het moederschap op oudere leeftijd. Dat zijn er een heleboel. Niet alle sites die ik bezoek zijn even betrouwbaar te noemen, maar toch.

Op 1 januari maak ik een wandeling en kan ik niet stoppen met huilen. Gelukkig schemert het en er hangt een dichte mist, voorbijgangers zien het niet. Of wel, maar ze lopen netjes door.

Wat me het meest overstuur maakt, is het gegeven dat ik opeens een kind wil, sinds een dag of tien

Vóór die tijd rekende ik mezelf rijk, omdat ik zo verstandig voor een kinderloos bestaan had gekozen. Kijkend naar uitgeputte moeders voor kinderwagens en blèrende kinderen in de supermarkt, kon ik niet begrijpen waarom mensen daar actief voor zouden kiezen. Zelfs bij ouders die straalden met hun baby’tje in een draagdoek op hun buik bleef ik argwanend, ervan overtuigd dat het vaker zwaar dan fijn zou zijn.

Op kraambezoek bij een vriendin was ik oprecht blij. Ik kon blijven kijken naar het baby’tje en stroomde over van affectie. Maar toch overheerste de opluchting, omdat ik ’s avonds weer in alle rust zou kunnen doen wat ik wilde.

Ik had dan ook tig redenen paraat om geen kinderen te willen

Mijn psychiatrische verleden, nog meer gebroken nachten, het risico dat mijn kind ook ongelukkig wordt of een ernstige beperking heeft. Ik zal falen als moeder, mijn lichaam gaat eraan. Ik ga vastzitten aan schoolvakanties. En gewoon het feit dat de wereld vol gevaren zit.

Maar nu loop ik met mijn ziel onder mijn arm. Voor bijna alle problemen heb ik al een oplossing gevonden. Desnoods zou ik elke week bij het Centrum voor Jeugd en Gezin zitten om mijn onzekerheden voor te leggen, om te checken of ik het goed doe. Als ik het wil dan kan ik het vast, een kindje opvoeden.

Ik zie mezelf liefdevol borstvoeding geven, mijn tepels die zullen transformeren in spenen en mijn borsten in kwarktassen plots voor lief nemend. Wat me nog wel veel zorgen baart (baart!) is de kans op een ziek kindje. Er kan zoveel misgaan. En ik ben niet zo veerkrachtig als veel andere mensen

Een miskraam of een ongezonde baby, dat is eigenlijk het enige wat nog leidt tot lichte vertwijfeling

De grote vraag is: wat gebeurt er in mijn hoofd? Welke gedachten zijn van mij? Welke komen voort uit onttrekkingsverschijnselen? Waren de gedachten en gevoelens van de afgelopen tien jaar mijn eigen gedachten, of werden ze gevormd door de medicatie?

Wie ben ik?

Wat ben ik? Wat wil ik? Hoe kan ik dat weten? Hoe zou ik mijn leven hebben ingericht zonder medicatie, of met een minimale dosering?

Wat er nu in mijn hoofd gebeurt, vind ik zo mogelijk nog enger dan het risico op slapeloosheid, depressie en suïcidaliteit waarmee ik rekening had gehouden tijdens het afbouwen.

Ik weet niet meer waar ik voor sta

Of ik in het verleden compleet verkeerde keuzes heb gemaakt, in de waan dat het de juiste waren.

Mijn partner begrijpt dat ik dit spannend vind, maar reageert nuchter op mijn nieuwe werkelijkheid.

“Voor nu kan ik het niet anders zien dan een symptoom van het afbouwen. Straks zien we wel weer verder,” zegt hij.

Dat klinkt hard, maar ik ben het met hem eens. Straks zien we wel weer verder.


Anniek Lemmens-Meijer heeft sinds de puberteit geleden onder ernstige psychiatrische klachten. Rond haar 26e levensjaar is in 2010 haar herstel op gang gekomen. Vanwege verergerende lichamelijke- en vermoeidheidsklachten doet ze sinds november 2019 een poging om geheel van haar psychofarmaca af te komen.

* Om veilig af te bouwen heeft Anniek intensief contact met haar psychiater en huisarts.

Meer informatie:

 

  • Deel deze pagina:

Reacties:

  1. Ik vind het superknap dat je zo open bent en heb veel bewondering voor hoe je deze pittige periode doorstaat.
    Trots op je!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *