Antwoord
Dag B.,
Dank voor je bericht, goed verwoord!
Ja, wat een nare situatie, want waar het over gaat als ik het goed begrijp is dat je van aripiprazol te veel bijwerkingen hebt, van lithium minder last en dat je je afvraagt of je geen lithium op een hogere dosering – met een spiegel van rond de 0,8 – kunt gebruiken. Als je aripiprazol alleen gebruikt in een hogere dosering voel je je heel erg vlak, bij een lagere dosering ‘erbij’ is dat minder maar nog steeds duidelijk hinderlijker. Zo heb ik je vraag in ieder geval begrepen.
Je laatste opmerking, ‘ik heb geen machtiging‘, is belangrijk. Om kort te zijn: het gaat om jouw leven, jouw klachten, jouw welzijn. Zolang je klachten geen gevaar zijn voor jezelf of anderen is er geen reden het daar niet over te hebben. En het punt is dat je het prima met elkaar oneens mag zijn. Het gaat om wat heet ‘informed consent’. Je hebt een gesprek met elkaar. Een professional vertelt wat zijn ervaring door de jaren heen is, jij vertelt wat jouw ervaring met jezelf door de jaren heen is.
Misschien een beetje buiten je vraag om, maar er is wel echt een reden om je lithiumspiegel ergens tussen de 0,6-0,8 te houden. ‘Vroeger’, zeg tot 20 jaar geleden, werden er hogere doseringen gebruikt. In Scandinavische landen worden gegevens van gebruikers goed bijgehouden. En we weten van mensen die hogere doseringen gebruikten dan 0,8 dat de kans op nierschade er zeker is. Maar we weten ook dat sinds er lagere doseringen gebruikt worden, dus onder de 0,8 en misschien liefst nog iets lager, dat dat risico veel kleiner is. Dus dat even over die spiegel.
Maar er zijn meer mogelijkheden dan een antipsychoticum uiteraard. Vanuit een hulpverlenersstandpunt gaat het vaak om ‘gevaar’ of ‘risico’ te behandelen. Geen kans op manie. Want dat geeft ellende/schade/gedoe. Terwijl vanuit een patiëntenperspectief die manie uiteraard naar is (met name achteraf), maar net zo belangrijk zijn: de cognitieve klachten bij een bipolaire stoornis, de depressies, het sociaal-maatschappelijk functioneren. De dingen die de dagdagelijkse gang van zaken beïnvloeden zeg maar. Niet die meer incidentele gebeurtenis zoals de manie.
Dat is lastig voor hulpverleners. Want bij hen wordt ook een deel van de ‘verantwoordelijkheid’ voor het ‘goed gaan’ neergelegd. In ieder geval voelt het vaak zo als je richtlijnen, wetteksten, tuchtrechtuitspraken leest. Maar dat is wel het probleem van de professional om daarmee om te gaan, niet jouw probleem naar mijn mening. Het kan zijn dat ik in je verhaal mis dat je al heel vaak in gevaarlijke situaties terecht bent gekomen, met machtigingen, en dat je situatie er nu een is van ‘zo doen vrijwillig of anders een machtiging’. In dat geval zou ik zelf kiezen voor een machtiging. Als het niet vrijwillig is, dan kan het maar beter duidelijk zijn voor iedereen, met de rechtspositie die daarbij hoort voor jou.
Dus: jij moet dit onderwerp kunnen bepalen. En wat er anders gebeurt is dat je uiteindelijk ‘stiekem’ de aripiprazol stopt of ‘vergeet’. Zo gaan die dingen en dat is niet heel gek. Wat kun je doen? (1) Bereid het gesprek voor op papier. Als je voor iemand zit en je moet iets spannends vertellen, lukt dat vaak niet. Jou niet, mij niet, ons allemaal niet. Neem iemand mee. Neem een patiëntenvertrouwenspersoon mee. Kom je er daarmee niet uit? Vraag om een second opinion.
En wat kan helpen in de voorbereiding: maak een tabel. In één kolom schrijf je “Wel aripiprazol gebruiken” en in de andere “Geen aripiprazol gebruiken”. In de rijen schrijf je “Voordeel” en “Nadeel”. Dan heb je vier velden. Vul die in, met een naaste als je wil, en neem dat mee naar het gesprek. Het laat zien dat je afwegingen weloverwogen zijn. Dat is moeilijk te negeren.
Groet en succes,
Thijs
Disclaimer
Bespreek eventuele verandering van medicatie of andere aspecten van je behandeling altijd eerst met je voorschrijvende arts
Ga niet alleen dingen zitten veranderen, dat is niet de bedoeling van de adviezen van de experts van PsychoseNet. Bedenk je dat de adviezen van experts altijd van algemene aard zijn – je kunt ze niet zonder meer op jezelf van toepassing achten, dat kan pas na overleg met je behandelaar of huisarts. Onze expert heeft je immers niet persoonlijk onderzocht.
Beantwoord door: Thijs van Oeffelt op 25 september 2026