Main content

Vraag

Beste Ralph,

Ik heb een volwassen dochter die een bipolaire stoornis heeft. Ze is vijf en zes jaar geleden tot twee keer toe ’s nachts met toeters en bellen naar een instelling vervoert. Na de tweede keer ging ze meewerken aan haar herstel (medicatie en therapie).

Nu is ze weer manisch. Als ze me belt, probeer ik haar een beetje te temperen. Ze is vooral erg boos op mij en legt me allerlei uitspraken in de mond die ik niet heb gedaan. Het kost me heel veel energie om rustig te blijven praten. Ik wil haar wel helpen maar ik kan dat niet meer.

Is het verantwoord om het (telefoon)gesprek af te kappen door te zeggen dat ik er veel last van heb dat ze zo lelijk tegen me doet, en dat ze maar naar de huisarts moet gaan om hulp te vragen omdat ik hoor dat ze manisch gedrag heeft?

Hoor graag uw reactie,

Met vriendelijke groet.

Antwoord

Beste A.,

Dit is een veelvoorkomend en voor alle betrokkenen pijnlijk probleem bij een manisch ontremde patiënt. Als het niet lukt om een redelijk gesprek te voeren, en als alleen maar luisteren en niet teveel reageren geen zin heeft of voor jou niet meer te verdragen is, dan moet je inderdaad grenzen stellen.

Blijf zelf rustig, geen ruzie maken, geen stemverheffing (dat is best moeilijk!) maar gewoon zeggen dat je het gesprek nu gaat beëindigen en dat je hoopt dat ze snel hulp zoekt voor haar situatie.

Vermijd het woord 'manisch', dat is veelal olie op het vuur. Niet zelden eindigt dit met een (gedwongen) opname. Een manie is een ernstige toestand die in een gevorderd stadium niet voor rede vatbaar is. Als het straks weer voorbij is kan alles worden uitgelegd en komt de verstandhouding weer goed.

Trek een duidelijke grens en voel je vooral niet schuldig daarover. Je laat haar niet in de steek als je zo handelt.

Vriendelijke groet,

Ralph Kupka


Biografie - Ralph Kupka

Prof. dr. Ralph Kupka is hoogleraar Bipolaire Stoornissen, verbonden aan het VU Medisch Centrum (Amsterdam UMC), en psychiater bij GGZinGeest (Amsterdam) en Altrecht (Utrecht). Hij is voorzitter van het landelijk Kenniscentrum Bipolaire Stoornissen (KenBiS) en  Vice-President of Education van de International Society for Bipolar Disorders (ISBD).

Ralph Kupka werkt sinds 25 jaar in nationale en internationale onderzoeksconsortia op het gebied van bipolaire stemmingsstoornissen, en is eindredacteur van het eerste Handboek Bipolaire Stoornissen. Hij was voorzitter van de richtlijncommissie bipolaire stoornissen en bestuurslid van AKWA, het kwaliteitsinstituut voor de GGZ.

Meer informatie over de bipolaire stoornis:

Deze vraag is gesteld door een vrouw in de leeftijdscategorie 50-65
Beantwoord door: Ralph Kupka op 25 februari 2022
  • Deel deze pagina: