Main content

Dit achtergrondverhaal van Tanja is een pleidooi voor een ‘do-it-yourself’ mindset in de hulpverlening. Het is een verslag van een persoonlijke ontdekkingsreis met een wens: een GGZ die herstelondersteunend werkt.

Op mijn zevenendertigste kwam ik voor het eerst in aanraking met de GGZ. Na een zeer stressvolle lange periode van frustratie en verdriet door ziektes, sterfgevallen en verbroken relaties was ik helemaal op ben en daardoor mezelf kwijt geraakt. Een collega bracht me naar de PAAZ afdeling in België waar ik vier weken opgesloten heb gezeten.

Een persoonlijk gesprek met een hulpverlener heb ik op de PAAZ niet gehad

Het algemene protocol van groepstherapie en medicatie wel. Aangezien de psychiater dacht dat het een eenmalige ontregeling was, kon ik stoppen met de medicatie. Toen ik hier uitkwam had ik mijn eerste stigma te pakken waar vooral niet over gepraat werd.

Dus de bron van frustratie werd nog eens bijgevuld zodat ik na weer een stressvolle periode twee jaar later opnieuw psychische problemen kreeg. Ik kwam toen bij een GGZ in Nederland terecht waar ik de diagnose bipolaire stoornis kreeg en de bijbehorende medicatie: lithium. Een familielid heeft het verhaal bij binnenkomst bij GGZ voor mij gedaan, maar naar mijn eigen verhaal is nooit geluisterd.

In de eerste jaren was ik heel volgzaam en deed ik wat mijn hoofdbehandelaar mij aangaf zoals groepstherapie volgen

Ik was namelijk als de dood dat ik weer uit de bocht zou vliegen en opgesloten zou worden. Ook gaf hij me aan dat ik de diagnose het beste geheim kon houden omdat er zo’n stigma op rust. Als ik bij deze behandelaar kwam, had hij alleen maar verhalen over zijn eigen leven, mij heeft hij nooit gevraagd waar ik mee zat.

Toen ik in rustiger vaarwater terecht ben gekomen en mijn werk en privéleven weer op ging pakken, begon ik er over na te denken waarom dit alles met mij gebeurd was en hoe ik dit zou kunnen voorkomen in de toekomst.

Ik kreeg het inzicht dat ik zo volgzaam was en ‘pleasing’ gedrag vertoonde vanwege mijn jeugd met een kritische moeder die altijd dreigde met van alles als ik niet deed wat zij wilde. Het drong tot me door dat ik door mijn ‘pleasing’ gedrag altijd weer in situaties terechtkwam waar mensen over mijn grenzen heengingen en ik daar zelf uiteindelijk last van had.

Ik gaf bij mijn hoofdbehandelaar aan dat ik aan mijn valkuilen wilde werken

Zo wilde ik mijn weerbaarheid bevorderen en mijn psychische kwetsbaarheid in de bron aan te pakken.  Daarnaast gaf ik aan dat ik niet achter mijn diagnose kon staan aangezien ik nog nooit depressief was geweest.

Ook vond ik dat deze diagnose heel snel was vastgesteld en geen recht deed aan mijn persoonlijke verhaal en levensgeschiedenis. Het leven met een ‘geheim’ is voor mij ook heel moeilijk aangezien ik zelf respectvol en eerlijk behandeld wil worden en dat ook bij andere mensen wil doen.

Mijn behandelaar had hier geen begrip voor. Hij vond dat ik mijn diagnose moest accepteren en de rest van mijn leven medicatie hiervoor moest slikken. Als ik meende dat ik me zelf nog ergens in moest ontwikkelen dan moest ik dat maar zelf via de huisarts regelen.

Inmiddels had ik zelf uitgezocht dat schematherapie een hulpmiddel zou kunnen zijn

Dit heb ik via mijn huisarts geregeld zodat ik contact op kon nemen met een therapeut. Uiteindelijk werd na een gesprek met een psychiater van dezelfde GGZ-instelling schematherapie voor mij geregeld.

Ik zag destijds een uitzending van ‘de wandeling’ waarin een man die meerdere psychoses had gehad vertelde hoe hij uit het diepe dal was gekomen door behandeling van een psychiater.

Deze psychiater ging met Bram op zoek naar de oorzaak en probeerde niet alles glad te strijken met medicatie

Ik heb toen navraag gedaan bij KRO-NCRV wie deze psychiater was. Ik heb toen aangegeven bij mijn behandelaar en schematherapeut dat dit was waar ik naar zocht.

Mijn behandelaar stond daar niet open voor, het was weer accepteren en medicatie blijven slikken. Mijn behandelaar viel toen echter een tijdje uit door ziekte en werd vervangen door een andere.

Door de schematherapie werden steeds meer zaken duidelijk voor mij. Ook werd ik steeds zelfverzekerder. Dankzij mijn schematherapeut kwam er een gesprek met de psychiater, behandelaar, en de schematherapeut, waarin ik weer heb uitgelegd dat ik problemen had met hoe er werd omgegaan met diagnose en de medicatie richtlijnbehandeling.

Wat was de bron geweest van mijn “uit de bocht vliegen”? Ik wilde zo graag weten wat ik zelf kan doen om dit voortaan te voorkomen

Er is toen afgesproken dat ze hiermee aan de slag zouden gaan. Ik moest toen een lifechart bijhouden waarbij ik een manie of depressie moest bijhouden. We praten nu over een periode van zes jaar na de gestelde diagnose. Ik heb aangegeven dat ik alleen emoties zoals geluk en verdriet ken, dus dat heb ik aangegeven. Op basis hiervan hebben ze aangegeven dat mijn diagnose hetzelfde zou blijven.

Toen heb ik om een second opinion gevraagd

Toen de aanvraag van een second opinion een half jaar op zich liet wachten en nog niet was geregeld heb ik zelf rechtstreeks contact gezocht met Jim van Os die mij meteen uitnodigde voor een gesprek. Het was fijn om met iemand te praten die je begrijpt en positief ondersteunt – als dat standaard kon in de GGZ? Dat zou dat veel mensen helpen denk ik.

Ik heb mijn leven nu weer goed op de rit omdat ik op een gegeven moment zelf ben begonnen om aan mezelf te werken door mijn passie uit mijn jeugd op te pakken, mezelf te omringen met positieve mensen, yoga, weerbaarheidsbevordering met psychotherapie.

Mijn enige pijnpunt op dit moment is dus dat de hulpverleners in de GGZ niet eensgezind zijn in hoe je iemand kan helpen om zichzelf te ontwikkelen. Iemand in dit leerproces zelf het eigen verhaal te laten maken en de eigen weerbaarheid op te pakken.

Hoe je in dit groeiproces zelf regie kunt en moet pakken

Hoe fijn zou het zijn dat je mensen ontmoet bij de GGZ die daarin automatisch je steun en toeverlaat zijn. Ik ben er dankbaar voor dat ik zelf deze stappen heb leren zetten. Ik had het fijner gevonden als ik tien jaar geleden deze handvatten had ontvangen van de hulpverleners zelf.

Natuurlijk, ik heb fijne hulpverleners ontmoet en ze werken hard in een moeilijke bureaucratische omgeving. Deze blog is niet geschreven uit boosheid, schrijf ik er graag bij.

Waar het mij om gaat is dat de herstelondersteunend zijn als attitude en vaardigheid nog niet breed aanwezig is in de GGZ, simpelweg omdat nog niet alle hulpverleners weten hoe dat moet. Net zoals ik moest leren, hoop ik dat de GGZ dat ook gaat doen.


Tanja Crutzen

Meer informatie:

  • Deel deze pagina: