Main content

‘Veel cliënten geven aan dat ze zich niet gehoord voelen in de instellling. Dat ze geen mensen tegenkomen van wie ze het gevoel hebben: wow, die is écht begaan met mijn herstel.’ Daarvoor moet eerst het dogma van afstand en nabijheid op de schop, zegt Rokus Loopik, sociaal-psychiatrisch verpleegkundige en herstelcoach.

Wat moet er in Nederland gebeuren, willen alle instelling gaan werken met herstel?

Ik denk dat we veel aandacht moeten hebben voor de gebouwen, het systeem dat we bedenken, waar we mensen binnen laten komen. Wat straalt dat uit? Dat is een architectonische discussie. Daar is veel voor te zeggen, voor healing environments.

Kun je dat uitleggen?

Het zou een plek moeten zijn waarvan mensen zeggen: wow, hier wil ik wel een tijdje zijn. Een plek die heel uitnodigend is, die er als een vakantielocatie uitziet. Het is door onderzoek bewezen dat mensen die op dat soort locaties verblijven, sneller weggaan en sneller beter worden. En daar is nog heel veel te doen.

Je bedoelt geen ziekenhuis maar een prettige omgeving.

Ja, een prettige omgeving. En vervolgens maakt het uit wie je dan ín die prettige omgeving zet om jou te gaan helpen als je daar bent. Ik denk dat we er goed aan zouden doen om veel meer ervaringsdeskundigen te betrekken bij wat we mensen aanbieden. Peers die support geven aan andere peers. En natuurlijk is het belangrijk dat er verpleegkundigen zijn en psychiaters en andere specialisten, maar we weten ook allemaal, inmiddels, dat mensen zich vaak beter gehoord en geholpen voelen door iemand met gelijksoortige ervaring.

Hoe komt dat?

Omdat mensen zich sneller op hun gemak voelen als ze tegenover iemand zitten die herkent wat zij meemaken. En die ook érkent wat zij meemaken. Sneller dan een hulpverlener.

Nabijheid belangrijk bij herstel

Waarom is dat? Want een hulpverlener is opgeleid om compassie te tonen en empathie te tonen.

Ja. Maar die zijn nooit psychotisch geweest, of manisch of depressief of wat voor ellendige dingen we allemaal kunnen bedenken. Iemand die het wel heeft meegemaakt kan sneller inhaken op wat mensen eigenlijk voelen. En ik denk ook dat het fenomeen afstand en nabijheid veel minder speelt als je met een ervaringsdeskundige te maken hebt.

Wat is afstand en nabijheid?

Nou, hoe dichtbij kom je bij iemand? Ben je bereid om je professionele afstand op te geven om iemand het gevoel te geven dat je dat werk met je hart doet, en kun je tegelijkertijd ook structuur aanbrengen? Dus mensen bepalen zelf hoe dichtbij jij mag komen.

Maar doen niet alle hulpverleners hun werk met hun hart?

Nou, ik denk het niet. Misschien ook wel. Ik weet het niet. Ik kan niet generaliseren in dat opzicht. Het feit is wel dat heel veel cliënten aangeven dat als ze binnen die instellingen komen, dat ze zich niet gehoord voelen. Dat ze geen mensen zijn tegengekomen van wie zij het gevoel hebben: wow, die geeft echt om mij, die is echt begaan met mijn herstel. En als we daar geen aandacht voor hebben op de opleidingen… dat fenomeen afstand en nabijheid zó belangrijk is in een herstelproces.

Kun je even uitleggen wat afstand en nabijheid eigenlijk precies is? Want het is nogal een dogma in de zorg en in de opleiding geloof ik.

Afstand en nabijheid is bijvoorbeeld als je een intakegesprek doet met iemand, een eerste gesprek, dat jij die persoon als hulpverlener het hemd van het lijf mag vragen, en andersom is dat niet geoorloofd. Wat je als hulpverlener leert, is dat jij de touwtjes in handen hebt in feite, en dat jij bepaalt in hoeverre cliënten jou vragen mogen stellen. Ik ben daar altijd vrij open in geweest. Mensen mogen mij álles vragen wat ze willen, en ik vertel dat in het algemeen ook en er is in 35 jaar niemand die dat vertrouwen heeft beschaamd, dus daarin neem je risico’s.

Professionele afstand houden, dat leer je in de opleiding. Kan je uitleggen waar het op berust, welk doel dat heeft?

Het berust natuurlijk op een zekere angst om te vervloeien met de problematiek die je voorgeschoteld krijgt. Dat er verschillen tussen hulpverlener en cliënt zijn. En dat we daar cliënten ook heel veel op wijzen.

Maar wat is het doel ervan?

Het doel is natuurlijk objectiviteit. Dat je niet emotioneel betrokken raakt bij mensen. En dat is iets wat ik opgegeven heb, want je raakt altijd emotioneel betrokken bij mensen. En mensen haken daar ook op aan. Omdat ze dat voelen, of jij écht welgemeend wil meewerken aan hun herstel. En daarmee rek je die afstand- en nabijheidsfenomenen op. Daar neem je risico in. Als iemand volledig gedecompenseerd is kun je geen afstand houden. En als iemand dan weer uit zijn psychose is, heb je genoeg tijd om uit te leggen waarom je de dingen gedaan hebt zoals je ze gedaan hebt. Maar risico nemen daarin is heel goed. Bovendien leert het je als hulpverlener, met vallen en opstaan, hoever je kan gaan met mensen. En hoeveel ruimte ze jou geven om iets prijs te geven van wie jij bent. Het zou heel gek zijn als ik iemand niet zou kunnen uitleggen wat ik zelf heb meegemaakt. Ik ben in zekere zin ook ervaringsdeskundige. Hoe functioneel kan dat zijn in een begeleidingsrelatie? Dat kan mensen heel veel helpen. Meer dan ik uit schoolboeken heb geleerd.

Waarschijnlijk zijn mensen bang dat patiënten bij je thuis komen, en je lastig gaan vallen en dat ze je gaan stalken en dat je niet meer van ze afkomt. Klopt dat?

Ja. Nou ja, dat zou kunnen maar het is ongerede angst. In 30 jaar is nog nooit iemand aan mijn voordeur verschenen die ik daar niet wilde hebben. Mensen weten waar ik woon, ze kunnen alles vinden op internet over wie ik ben, mijn 06- nummer kunnen ze van me krijgen, ze weten dat ik getrouwd ben, kinderen heb, een hond heb. Ik weet niet waar die angst vandaan komt. Want ik kan mensen heel goed uitleggen dat ik naast mijn werk ook een sociaal leven heb, dat er verschillende soorten vriendschappen zijn. Ik word natuurlijk ook wel eens aangesproken: Rokus, ben je mijn vriend? Ja, zeg ik dan: in principe zou dat kunnen, maar om een vriendschap te hebben moeten we een stapje verder gaan dan we nu doen, en we kunnen samen kijken of dat erin zit. Ik zeg niet dat het onmogelijk is, maar het kán, en dat moet zich ontwikkelen. Dus als ik met mensen op reis ga, heb ik een reisvriendschap, als ik met ze aan het werk ben, heb ik een werkvriendschap, als ik met ze naar de kroeg ga dan heb ik een ander soort vriendschap.

Maar dat wil in feite zeggen dat de rol die jij voor een goeie hulpverlener ziet, dat die veel ruimer is dan alleen maar in je kantoor met iemand praten.

Ja, natuurlijk.

Mensen hoop en de mogelijkheid op herstel bieden

Wat is een rol van een moderne hulpverlening die begeleidt bij herstel?

Een moderne hulpverlener heeft zóveel bagage dat hij mensen een reële mogelijkheid tot een reële keuze kan bieden. Die is zó geïnformeerd over alles wat er te koop is, niet alleen over herstel maar natuurlijk ook over wat er allemaal fout kan gaan in je hoofd – al die kennis die ik in de traditionele opleiding heb geleerd, die wil ik nooit kwijt. Want dat heeft mij óók gemaakt tot wat ik nu ben. Maar mensen de hoop en de mogelijkheid op herstel bieden, betekent dat je als hulpverlener zó onderlegd bent, dat je al die kennis ook zó uit je handen kan laten vallen en je hart kan laten spreken. Dat is ook niet geheel onbelangrijk.

Ik ken mensen die een natuurtalent hebben om om te gaan met de mensen waar wij mee werken. Alleen dat natuurtalent is niet genoeg, want die mensen lopen soms kans, bij gebrek aan al die kennis, om te vervloeien met die mensen. Dus een cliënt heeft er niks aan als jij emotioneel betrokken bent, zódanig dat je daarmee de hiaten in je eigen hoofd opvult. Die hiaten zijn bij mij genoeg dichtgeslibd met kennis over hoe ik in elkaar zit. En dat is wat mensen voelen, en dat je op tijd kunt zeggen: hier houdt Rokus op en daar begin jij.

Wil het dan zeggen dat een goeie moderne hulpverlener ongelooflijk stevig in zijn schoen staat emotioneel?
Ja.

Kan iedereen dat dan?

Niet iedereen. Maar hulpverleners hebben ook herstel nodig, hè. Dus wat wij doen in ons vak, is jezelf zo actualiseren, dat je op een dag achterover kunt gaan zitten en gewoon eens een tijdje je klep dicht kan houden om mensen te laten zeggen wat ze willen zeggen. In plaats van voortdurend die onbedwingbare behoefte tot hulpverlening te botvieren of tot inmengen. Dus situaties lopen soms natuurlijk wel eens uit de hand, maar niet zo vaak dat we om de vijftien minuten de politie of de brandweer moeten gaan bellen. Er zijn heel veel situaties die meer gebaat zijn bij iemand die achterover zit en gewoon eens luistert naar wat iemand zegt, ook al is het nog zo vreemd of bizar. Wees geïnteresseerd, oprecht, vertel me meer over wat je meemaakt.

Herstel gaat over hoop en vertrouwen

Heb je het dan ook over risico nemen?

Ja. natuurlijk. Risico’s nemen is heel belangrijk. Want wat je indirect zegt als je risico’s neemt in de levenssituatie van wie dan ook, is: ik vertrouw erop dat jij het kan. Ik vertrouw erop dat jij het tot een succes gaat maken. Ik vertrouw erop dat als wij acht dagen naar New York gaan, dat je daar niet cocaïne-snuivend over de avenues gaat rondhollen maar dat we daar een leuke tijd gaan hebben. Dus heel veel van wat hulpverleners doen, is ingegeven door de angst voor decompensaties in elk opzicht. En dat is totaal belachelijk.

Mensen zetten hun beste beentje voor als je risico neemt. Dan laten ze het beste van zichzelf zien. Ondanks al die problemen die ze misschien nog in hun hoofd hebben zitten of in hun lijf.

Omdat je met vertrouwen het beste deel van ze aanspreekt?
Ja.

Het gezonde deel? Als ik dat zo mag noemen?

Ja. Kijk, ik mag natuurlijk niet generaliseren. Maar wij Nederlanders zien alles van de dark side, hè. Dus als programma’s 85% succespercentage genereren dan willen wij weten waarom het met 15% niet goed gaat. Dat is onze volksaard. En het zit in míjn volksaard dat ik geneigd ben om te zeggen: waar ben je goed in, en laten we het dáár over hebben. En de rest, oké, als je het erover wilt hebben, prima, maar niet te lang.

Die opvatting zoals jij die hebt, is het mogelijk om dat in te voeren in onze gebureaucratiseerde wettelijk dichtgetimmerde systemen?

Jazeker.

Hoe dan?

Ik denk dat het mogelijk is, omdat we in een tijd leven waarin er veel minder geld is. Dus mensen zullen creatiever moeten zijn met minder budget. En ik hoop voor cliënten dat die recessie natuurlijk helemaal niet lang gaat duren, zodat het geld bij cliënten terecht komt. Voor hulpverleners hoop ik dat die nog decennia lang gaat duren want het maakt dat hulpverleners veel creatiever moeten zijn met minder middelen om mensen te bieden waar ze wat aan hebben. Dat vind ik prachtig aan deze tijd, dat we methodieken bedenken die veel dichterbij komen bij wat mensen nou eigenlijk nodig hebben. Geen ingewikkelde structuren en systemen. Het gaat erover, dat je mensen iets biedt waarmee ze minder gefocust zijn op wat er nou mis met ze is. Heel veel cliënten krijgen in eerste instantie te horen wat er allemaal mis is met ze. Natuurlijk is het fijn voor sommige mensen, als ze een diagnose te horen krijgen. Dat ze blij zijn omdat ze eindelijk weten wat er met ze aan de hand is. Maar in de psychiatrie bestaat geen waarheid. Wat er daarna gebeurt is honderd keer belangrijker. Hoe ga je daarmee leven?”

  • Deel deze pagina: