Main content

In dit eerste deel van een drieluik vertrekt Geeske in maart 2015 naar Parijs voor een zakelijke bijeenkomst. Al snel blijkt dat ze dringende behoefte heeft aan vrijheid en frisse lucht. Ze besluit om ’s nachts een ‘ochtendwandeling’ door Parijs te gaan maken.

Ik ben in Parijs voor een tweedaagse zakelijke aangelegenheid. Tot mijn schrik krijg ik al op de eerste dag last van een sterk oplopende spanning tijdens de inspannende overleggen. Ik ben blij verrast wanneer ik even in mijn hotelkamer kom: er staat een comfortabel bed, een mooie klassieke badkuip op gouden pootjes in een heel bijzonder afgeschermd nisje. Ik test het bed op comfort en leg mijn pyjama en toilettas alvast klaar voor de nacht. Ook leg ik alvast mijn koptelefoon klaar, het is me al duidelijk dat dat nodig zal zijn met mijn overlopende hoofd.

Ik kleed me snel om voor het zakendiner van vanavond

Het restaurant waar mijn zakelijke gezelschap dineert is dichtbij het hotel. Er komt al snel een goede wijn op tafel, ook zijn er karaffen met overheerlijk water. Ondanks dat ik vrijwel nooit alcohol drink, -ik vind wijn meestal niet lekker-, neem ik toch een glaasje. Een halfje glaasje maar, want ik ben heel verstandig. De wijn valt me helemaal niet tegen. Ik neem daarom nog een half glaasje. Dan besluit ik mijn waterglas bij te vullen.

“Whoops!” Ik heb het water in mijn wijnglas geschonken!

Ik neem een nipje van mijn aangelengde wijn. Deze smaakt nu eigenlijk nog beter vind ik. Wel bijzonder lekker eigenlijk… Dit is beslist meer mijn type wijn! Wachtend op het nagerecht neem ik nog een glas wijn; schenk mezelf hiervoor weer een halfje wijn in, pak dan de fles water weer en leng mijn wijn weer ongegeneerd aan. Ik word nogal vreemd aangekeken door enkele tafelgenoten merk ik op. Waarschijnlijk zit ik een hele dure wijn ongegeneerd aan te lengen. Ik vind het niet mijn probleem.

Aan het einde van de avond open ik nieuwsgierig het raam van mijn hotelkamer

Ik hoop zo dat mijn kamer aan de straatkant zit! Misschien kan ik even lekker uit het raam leunen? Ik trek het gordijn open…

Het uitzicht overrompelt me volledig: een enorme inpandige witte muur zit tegen mijn raam gemetseld. “Shit, nee hè!!” Ik druk mijn voorhoofd tegen het glas en kijk naar beneden langs de witte muur. Ik zie de balie en de vloer. Mijn enige raam kijkt uit op de receptie. Ik zit middenin het hotel opgesloten. Vreselijk! Ik schuif het gordijn met een ruk dicht en laat me gefrustreerd op bed vallen. Hoe onrustig kun je je voelen? Ik zet ontdaan mijn koptelefoon op. Ik voel me ingesloten in mijn kamer. Als er brand uitbreekt zit ik als een rat in de val. Mijn hoofd loopt vreselijk over. Ik zet de muziek wat luider. De tijd verstrijkt en de gedachten buitelen over elkaar heen.

  • Om 02.00 uur schrik ik wakker van een nachtmerrie. Ik word nog een aantal keren erg onrustig en gedesoriënteerd wakker.
  • Om 03.30 uur blijk ik wederom naast mijn bed te staan en blijk ik ook al bijna aangekleed te zijn. Ik kleed me weer uit en kruip nogmaals onder de wol.
  • Om 04.00 uur ben ik alweer uit bed. Ik bedenk me dat, als ik nu even ga douchen, het dan vast wel ochtend zal zijn.

Ik waak er zorgvuldig voor om niet teveel geluid te maken, ik wil niemand wakker maken. Het is kwart over vier wanneer ik keurig gedoucht klaar ben voor een nieuwe dag. Na enige denkwerk lijkt het me een prachtige tijd voor een ochtendwandeling. En zo ik kan ik ook nog mooi op tijd terug zijn voor het ontbijt. Het is duidelijk een echte win-win situatie! Ik trek mijn fleurige, maar flinterdunne zomerjas aan, in combinatie met drie sjaals om de vrieskou van het nachtelijke Parijs te trotseren.

Er staat een nachtportier bij de buitendeur. De deur is op slot met meerdere, werkelijk imponerende, grote deursloten. Ik vraag in het Engels of hij de deur wil openen. Hij kijkt me aan en zegt wat in het Frans tegen me.

Ik doe met opzet alsof ik niet begrijp wat hij tegen me zegt

Want ik wil echt naar buiten en ik blijf geen minuut langer in dit verschrikkelijke hotel! Ik geef nogmaals aan dat ik eruit wil. Vastbesloten. De man pakt zijn sleutelbos en draait de sloten van de deur. Hij kijkt me vreemd aan wanneer hij mij, duidelijk tegen zijn zin, de straat op laat gaan. Eenmaal buiten hoor ik dat de zware sloten weer dicht gedraaid worden.

Ik sta buiten! Ik voel me uitgelaten en loop op fiks tempo het straatje door.

Mijn stappen echoën prachtig in de smalle uitgestorven straten van Parijs. Klik-klak-klik-klak! Ik geniet!

Een wandeling naar de Seine, dat lijkt me wel wat. Daar is vast licht en ruimte te vinden. Ik pak mijn telefoon en raadpleeg Google Maps. Het lukt me niet om wat op te zoeken. Google doet echt heel raar. Ik snap er helemaal niets van en begin gewoon lopen. Ik zal toch vast wel ergens uitkomen…


Geeske Roorda is redacteur voor PsychoseNet. Ook schrijft ze regelmatig over haar zoektocht naar goede hulpverlening en het goed zorgen voor zichzelf. Lees hier haar andere blogs.  

Meer informatie:

Kan dissociëren tot een psychose leiden?
Recept om een dreigende psychose af te wenden
Openheid over eigen ervaringen, de katalysator tot verbinding

Fotocredits: Geeske Roorda
  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *