Main content

Walter heeft een fles whisky in de hand, een helm op zijn hoofd en maakt geluiden van een startende brommer terwijl hij vrolijk door alle moestuintjes van de buren heen loopt. Hij geeft al langer aan dat hij een auto of een motor zou willen om dan overal naar toe te rijden. De door hem opgesomde bestemmingen wisselen elkaar in ijltempo af. Het lijkt er niet echt toe te doen als hij maar in beweging kan zijn. De groenten van de buren zijn hem wellicht niet opgevallen in zijn reislust. 

Els, mijn collega-casemanager van de rehabafdeling in het psychiatrisch ziekenhuis kreeg een telefoontje van Laura, de buurvrouw van Walter. Els gaat onmiddellijk langs. De psychiatrische instelling waar we werken is zo’n tien minuten rijden van de woonplaats van Walter. Ze ziet wat hierboven beschreven staat. Walter geeft de whisky-fles aan haar af en dan spreekt Els met de vrij talrijke aanwezige buurtbewoners.

Op de afdeling zijn we erg veel bezig met kwartiermaken en vermaatschappelijking

Diagnoses spelen geen rol. We geloven in de motivatie van onze cliënten en bieden ondersteuning bij hindernissen. Overleg met de buurt kan één van de manieren zijn om mensen die door anderen worden opgegeven en vastgehouden op afdelingen, weer op weg te helpen.

De vraag van de buurtbewoners van Walter blijkt vooral te zijn hoe veilig het is voor hen om Walter aan te spreken als hij iets doet zoals hierboven beschreven staat. Walter wordt erbij gehaald. We zeggen hem dat dit iets is wat niet kan en tonen op die manier aan buurtbewoners dat ze Walter kunnen aanspreken zoals ze elke andere buurtbewoner zouden aanspreken die iets doet wat ze niet graag hebben. Walter luistert en geeft Laura en de anderen gelijk.

Laura was de buurtbewoonster die ons aansprak rond Walter. Ze verwoordde namens de buurt kritiek op onze aanpak. Toen we haar voor het eerst vroegen om nog eens bij haar langs te komen voor een gesprek over Walter was ze afhoudend. Ze vreesde dat we haar tot ‘babysitter’ van Walter wilden maken. We stelden haar gerust en vertelden dat het onze bedoeling was om juist ook de buurt te ondersteunen. Ze heeft ons telefoonnummer en we reageren onmiddellijk als ze belt. Het zorgt ervoor dat Laura praat over haar bezorgdheid voor Walter.

Dit gesprek van mens tot mens zorgde er uiteindelijk voor dat Laura initiatieven in de buurt nam als het over het belang van Walter ging

Ze helpt hem. Als ze het gras maait dan doet ze ook even het gras bij Walter. Haar hondjes lopen binnen en buiten bij Walter, iets wat hij heel erg prettig vindt. Als we op bezoek gaan bij hem en de buurvrouw is er, dan drinken we samen een kop koffie. Gezellig buurten is dat. En de buren kennen Walter ondertussen. Ze weten zijn sterke en zijn minder sterke kanten en weten ondertussen dat ze hem kunnen aanspreken zonder dat er gevaar is. Laura blijft wel onze contactpersoon en bemiddelingspersoon met de buurt.

Op dit moment slaapt Walter nog niet thuis

Uit ervaring weten we dat dit de moeilijkste momenten zijn, niet zozeer moeilijker voor Walter maar wel voor de omgeving omdat we niemand hebben die op dit moment de buurt kan ondersteunen als er ’s nachts iets zou gebeuren. De huisarts in ons netwerk is wel op zoek hoe hij de wachtdienst van de huisartsen kan inlichten om stand-by te zijn voor de buurt en voor Walter.

Walter wordt bij toerbeurt door verpleegkundigen en therapeuten ’s morgens naar zijn huis gebracht en in de namiddag weer afgehaald

Voor het eerst sinds zijn psychotisch worden gaat hij weer winkelen, samen met ons. Walter beseft dat we er alles aan willen doen om zijn droom –een normaal leven– mogelijk te maken. Dit zorgt ervoor dat zijn ongeduld verminderd en dat hij niet meer agressief wordt als we hem feedback geven op wat kan en niet kan. Hierdoor blijven de opnames op de gesloten afdeling achterwege. Kortom Walter heeft weer hoop en dat zorgt voor meer en betere communicatie tussen ons, hem en de buurt waar hij woont.

Zijn ouders die heel erg leden onder de psychose-gevoeligheid van Walter zijn ons en ook Laura dankbaar. Zij gaan ook af en toe op bezoek bij de buurvrouw.

Het FACT team blijft op dit moment eerder wat op de achtergrond meewerken en zijn klaar om de begeleiding verder over te nemen als er nog meer stabiliteit komt. Eigenlijk zijn we allen een groep van mensen geworden die zorgdragen voor Walter, zonder dat we hierbij zijn verantwoordelijkheid ontnemen voor wat hij doet en laat.

We bekijken hem niet als iemand met een diagnose maar als een mens met een verlangen, met rechten en ook met plichten

Het maakt niet meer uit of we cliënt, hulpverlener, ouder van, of buurtbewoner zijn. We zijn een groep mensen met één doel: een patiënt weer burger te laten worden.

En wat betreft het verlangen naar snelheid en bewegen bij Walter: in ons proces rond een betere maar ook veilige integratie vonden we een buurtbewoner bereid om Walter achterop de motor mee te nemen. Deze buurman wordt onze allereerste motor-maatje.


Peter Dierinck (BE)- Psycholoog, Vlaamse Werkgroep Kwartiermaken

photo credit: sun via photopin (license)

BewarenBewaren

  • Deel deze pagina:

Reacties:

  1. geweldig dat Walter een motor-maatje heeft! Dankzij jullie intensieve ondersteuning en investering durven mensen hun goedhartigheid, die er echt wel is, aan te boren. Zo overwinnen zij angsten die belemmerend zijn bij het terug in verbinding komen en krijgen daar heel veel voor terug. De verpletterde sla richt zich dan ook wel weer op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *