Main content

Journalist Peter Pijls vertelt over enkele bijzondere mensen die hij ontmoette tijdens zijn opname in de GGZ. “Hanny gaat met ware en voorbeeldige doodsverachting door het leven”.

In de jaren dat ik psychiatrisch woonde maakte ik vrienden. Dat is niet zo moeilijk, want GGZ-cliënten zijn niet zelden bijzonder inspirerende, sociabele types. Vooral in de drie beschermde woonvormen waar ik huisde was het bal. Daar woonden mensen waar ik veel van leerde.

Ze paarden levenservaring aan inzicht

Ze heetten bijvoorbeeld Truus, Mien, Peter en Hans. Die mensen waren niet alleen mijn natuurlijke biotoop en mijn habitat, ze werden mijn broeders en zusters die mij een voor een ontvielen. Ze zijn allemaal dood.

Truus was een hippie op leeftijd met wie ik wel eens een wietpijpje rookte. Truus was creatief, maar ze kwam uit een sociaal zwak milieu en kon nauwelijks lezen en schrijven. Ze stierf aan keelkanker.

Peter was een vehement sociale man die iedere dag op bezoek ging bij zijn dementerende vrouw die in een verpleeghuis woonde. Peter werd ’s ochtends dood gevonden op de grond van zijn kamer.

Indische Mien was de best geïnformeerde vrouw van de beschermde woonvorm. Ze was diepgelovig. Ik ging een keer met haar naar de kerk, waar Mien de boel terdege op stelten zette. Ze stierf aan longkanker.

Hans was de liefste man ter wereld. In een vorig bestaan was hij vrachtwagenchauffeur geweest, waar hij blijvend overspannen van raakte. Hij werd koud gevonden in zijn bed, wat je noemt een zalige dood.

Anderen leven nog

Ik herinner me Danny, een bodybuilder met een agressieprobleem

Zijn hoofd zat vol littekens die van vechtpartijen getuigden. Danny was er trots op. Hij noemde mij ‘de geleerde’, omdat ik journalist was geweest. Ook Danny was zo goed als analfabeet. Hij was extreem achterdochtig. Danny dacht dat ik zat mee te lezen op zijn computer als hij aan het internetten was. Dan werd hij kwaad op me. Ik apaiseerde hem met sigaretten, waarop hij me op bloemrijke anekdotes vergastte uit de tijd dat hij verslaafd was aan coke en speed.

Ook met Willem was ik meestal twee handen op een buik

Om mij onduidelijke redenen vond de begeleiding het goed dat hij de hele dag zat te blowen en drinken met zijn matties. Daar werd Willem om de paar weken manisch van, waarop hij zijn kamer aan het slopen sloeg. De buren belden de politie, die Willem een nacht ter afkoeling in de cel gooide. Willem gaf geen krimp, en ging stug door met overmatig drinken en smoken, ook al maakte het hem agressief. Woede was misschien wel zijn laatste uitlaatklep voor een al op jonge leeftijd gemist leven.

Dan hebben we mijn soulsister Nelly

die volgens mij niets in een beschermde woonvorm te zoeken had. Nelly was alleen maar wat vergeetachtig geworden door een hersenoperatie. Ze werkte langdurig in de zorg, was intelligent en een vrouw van weinig woorden. Maar wat ze zei, sneed altijd hout. Nelly was modisch en zag er altijd tiptop uit. Van de begeleiding trok ze zich weinig aan. Op subtiele wijze kon ze een koel soort minachting uitstralen richting hulpverleners die haar als een klein kind behandelden. Inmiddels slijt ze haar dagen in een verzorgingstehuis, waar ze zich ongezien ook niet gek laat maken.

Tim mag ik niet overslaan

Hij is een van oorsprong Britse transgender annex dichter en singer-songwriter. Ook een kleurrijk figuur, maar wel schrijnend eenzaam. We huisden in dezelfde woonvorm. Tim komt wel eens langs en gaat dan liedjes voor me zingen, uit eigen repertoire, of hij draagt gedichten voor. Hij heeft een paranoïde persoonlijkheidsstoornis en vond het ooit nodig om uit een rijdende trein te springen. Sindsdien wordt zijn lichaam bij elkaar gehouden door ijzeren pinnen. Hij was bevriend met Ueberhippie Armand, maar die is dood. Tim voelt zich niet zo geaccepteerd in Venray, waar ik me iets bij kan voorstellen: hij draagt graag vrouwenjurken en pruiken, en dat krijgen de mensen hier alleen met carnaval in hun systeem. Tot overmaat van ramp heeft hij artrose, waardoor hij niet meer fatsoenlijk gitaar kan spelen, wat hem zeer verdriet. Sommige mensen blijft weinig bespaard.

In de verslavingskliniek leerde ik mijn jonge brother Max kennen

Hij was de intelligentste bouwvakker die ik ooit ontmoette. Als anarchisten onder elkaar herkenden we meteen onze autonome levensstijl. We maakten er een sport van de dienstdoende sociotherapeuten en psychologen op de kast te jagen met opruiende taal. Daarbij kregen we fanatieke steun van Lucas en Gert. De laatste moet de meest recalcitrante puber uit de wereldgeschiedenis zijn geweest; de eerste was een deeltijd-autist die, indien in vorm, grappiger was dan Hans Teeuwen en Theo Maassen bij elkaar.

Mijn dierbaarste vriendin uit de wereld van de gekte is Hanny

Misschien wel de lastigste vrouw ter wereld. Ze ziet haar kinderen en kleinkinderen niet meer en verkeert in permanente staat van oorlog met haar buren. De politie moet er om de haverklap bijkomen om de boel te sussen. Hanny is ooit naar de gesloten afdeling van de Paaz gebracht, onder meer omdat ze verdacht werd van verboden wapenbezit in haar huis. Zelf ontkent ze in alle toonaarden. Ze is een begenadigd kunstenares die al haar werk gratis cadeau geeft aan mensen die ze vertrouwt. Ook mij gaf ze een prachtig doek. Ze beweert bij hoog een laag dat haar niets mankeert, maar een coherent gesprek met haar voeren is vrijwel onmogelijk, omdat ze van de hak op de tak springt en constant boos wordt om vormen van onrecht die haar zijn aangedaan. En dan te bedenken dat ze een hartpatiënt is die zich een beetje koest moet houden. Hanny gaat met ware en voorbeeldige doodsverachting door het leven.

Samenvattend leerde ik vele dierbare homies kennen in de wonderlijke wereld van de GGZ

Ze hielden me een spiegel voor, troostten me of maakten me aan het lachen. Vooral leerden ze me mijn eigen mentale ongeriefjes in perspectief te plaatsen. Gekte bestaat eigenlijk helemaal niet, ontdekte ik. Er bestaan alleen maar varianten op sociaal wenselijk menselijk gedrag. De rest is niet zelden vergeefse werkverschaffing voor psychologen, psychiaters en de farmaceutische industrie.


Peter Pijls is oud-journalist, is bipolair en herstellend alcoholist.

Meer lezen over tips hoe je uit de psychiatrie komt:

Fotocredits: Peter Pijls
  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *