Main content

Heb je een bipolaire stoornis¹ en gebruik je daarvoor medicatie? En heb je je wel eens afgevraagd hoe lang je die medicijnen nog moet blijven slikken? Dan ben je zeker niet de enige.

Op onze polikliniek wordt deze vraag bijna dagelijks gesteld. In dit artikel proberen we met onderzoeksartikelen een antwoord te vinden op deze vragen². Daarnaast belichten we de BI-zonder studie: een onderzoek naar mensen die geen medicijnen (meer) gebruiken (zie kader).

Wat is het doel van medicijnen bij een bipolaire stoornis?

In het algemeen is het doel om manische en depressieve klachten te verminderen, maar ook om nieuwe episoden te voorkómen. In de geneeskunde kunnen bepaalde ziektes met medicijnen worden genezen, zoals een longontsteking. Deze ziekte verdwijnt helemaal met antibiotica en komt daarna niet meer terug. Maar we kennen ook chronische aandoeningen die we langdurig behandelen, zoals een hoge bloeddruk. Met bloeddrukverlagers blijft de bloeddruk op peil, zodat de gevolgen van een te hoge bloeddruk beperkt blijven. Als iemand stopt met bloeddrukverlagers, stijgt de bloeddruk weer en komen ook de mogelijke gevolgen daarvan weer terug.

De bipolaire stoornis wordt beschouwd als een chronische aandoening waarbij iemand kwetsbaar blijft. Maar: de variatie tussen mensen met een bipolaire stoornis is groot, dus het is niet goed mogelijk om na een eerste manie te voorspellen wie wel zal terugvallen en wie niet.

Hoe wordt onderzocht of een medicijn werkt bij de bipolaire stoornis?

Het effect van een medicijn wordt beoordeeld ten opzichte van een vergelijkbaar middel of een placebo-pil (zonder medische werking). De ideale studie hiervoor is een dubbelblind onderzoek. Hierbij weet noch degene die de pillen slikt noch de voorschrijver om welk middel het gaat. Zulke onderzoeken zijn schaars en de meeste zijn al vrij oud. Een nieuw onderzoek met een medicijn versus placebo zal er waarschijnlijk niet snel komen, omdat het tegenwoordig als niet-ethisch wordt beschouwd om iemand met een bipolaire stoornis zonder medicatie in een studie op te nemen.

Hoe sterk is het bewijs voor medicijnen bij de bipolaire stoornis?

Acute behandeling

In deze fase wordt medicatie voorgeschreven om zo snel mogelijk de manische of depressieve klachten te verminderen en zo de gevolgen te beperken. In de wetenschap is er overtuigend bewijs dat medicijnen zoals lithium en antipsychotica manische symptomen kunnen verminderen en de duur van een manie kunnen verkorten.

Onderhoudsbehandeling

In deze fase wordt onderhoudsmedicatie voorgeschreven om stabiel te blijven en nieuwe episoden te voorkómen. Voor lithium bestaat het krachtigste bewijs dat het nieuwe episoden kan voorkómen. Voor valproïnezuur (Depakine) en lamotrigine bestaat ook aardig wat bewijs. Maar of antipsychotica, die bij een acute manie vaak goed werken, ook nieuwe episoden kunnen voorkómen op de lange termijn, dat is niet onderzocht.

Uit onderzoek blijkt dat onderhoudsmedicatie niet altijd terugvallen kan voorkomen. De STEP-BD studie volgde mensen die hersteld waren van een episode en ontdekte dat maar liefst 49% van hen een terugval had binnen 2 jaar. En dat terwijl deze mensen al die tijd wél onderhoudsmedicatie hadden gebruikt. Deze studie onderzocht niet of de onderhoudsmedicatie leidde tot een minder ernstige terugval.

Wat zegt de richtlijn over de duur van onderhoudsmedicatie?

Een aantal studies beschrijven dat stoppen met lithium gepaard gaat met een hoog terugvalrisico. Eén studie vond dat 87% van de mensen terugviel in de eerste tien maanden na het stoppen met lithium. En dat terwijl zij daarvóór vijf jaar stabiel waren geweest. Baldessarini (1999) ontdekte dat mensen in het eerste jaar na stoppen met lithium gemiddeld 20 keer vaker een suïcidepoging deden dan vóór stoppen. Vanwege deze hoge terugvalpercentages na stoppen van medicatie en omdat een acute episode grote schade aan kan richten, adviseert de richtlijn om ook op de lange termijn de medicijnen te blijven gebruiken.

Als ik stabiel ben: kan ik dan stoppen of niet?

Het antwoord is dat we dit niet weten.

Wat we wel weten: bij een acute manie werkt medicatie goed. Ook is duidelijk dat als onderhoudsmedicatie plotseling gestopt wordt, er een hoog terugvalrisico ontstaat. Met onderhoudsmedicatie blijven sommige mensen langere tijd stabiel, anderen krijgen toch weer een episode. Het advies is daarom om tijdens elke behandelfase de voors en tegens van onderhoudsmedicatie te bespreken met je behandelaar. Samen kan je dan afwegen wat voor jou persoonlijk het beste is om te doen.

Stop in elk geval nooit in één keer met medicatie omdat dat risicovol kan zijn.

Mocht je in goed overleg met je behandelaar en je naasten besluiten te stoppen, doe dat dan heel geleidelijk (bijvoorbeeld gedurende een jaar). Zorg dat je ook nádat je gestopt bent in elk geval het eerste jaar zonder medicijnen goed wordt begeleid. Mocht je besluiten om medicijnen te blijven gebruiken, bijvoorbeeld omdat je de kans op een terugval zo klein mogelijk wil houden, of omdat je gewoon tevreden bent, dan is dat natuurlijk ook een goede optie. Je kunt dan samen met je behandelaar zoeken naar de laagste dosis die bij jou effectief is. Medicijnbehandeling op de langere termijn is dus echt maatwerk.

Wat weten we over mensen die gestopt zijn met medicijnen?

Er bestaat een groep mensen, die ooit een classificatie bipolaire stoornis kreeg, maar geheel met medicijnen gestopt is of deze nooit heeft gebruikt. Helaas is er weinig bekend over hen omdat zij meestal niet in behandeling zijn. Om deze groep in kaart te brengen zijn we gestart met de BI-zonder studie.

De BI-zonder studie is op zoek naar deelnemers!

Poster BI-zonder - PDF versie 28-01-2021

Via deze link kan je meer lezen over de deze studie.


Alexandra Beunders is arts in opleiding tot psychiater bij GGZ inGeest in Amsterdam. Ze combineert deze opleiding met een promotieonderzoek naar oudere volwassenen (50+) met bipolariteit. Aanvankelijk onderzocht ze alleen mensen die in zorg waren bij GGZ inGeest, maar ze ontdekte dat deze deelnemers bijna allemaal medicijnen gebruikten. En dit bleek eigenlijk in alle eerdere wetenschappelijke studies het geval: er zijn nauwelijks studies te vinden over mensen die leven met bipolariteit zonder medicijnen, terwijl deze mensen er wel zijn! Daarom heeft ze in samen met Annemiek Dols een nieuwe studie opgezet: de BI-zonder studie, een studie naar mensen van 50+ met bipolariteit die leven zonder medicijnen.

Annemiek Dols is psychiater met meer dan 10 jaar ervaring. Naast het behandelen van patiënten heeft ze als doel om psychische klachten bespreekbaar te maken. Dit helpt patiënten en hun naasten, die zich vaak voor hun aandoening schamen om steun en begrip te vinden. Zij verbindt haar werk op de polikliniek voor ouderen en neuropsychiatrie bij GGZinGeest met wetenschappelijk onderzoek bij Amsterdam UMC, locatie VUmc. Haar specialisaties zijn bipolaire stoornis bij mensen ouder dan 50 jaar, electroconvulsieve behandeling en frontotemporale dementie. Zij is de initiatiefnemer van de Kenniscyclus, een platform waar patiënten, hun naasten en professionals kennis en ervaring delen om er gezamenlijk beter te worden, zie ook www.kenniscyclus.nl. Zij is de hoofdonderzoeker van de DOBi studie (Dutch Older Bipolars) en de BI-zonder studie.

Meer weten over het afbouwen van medicatie?

Meer weten over de BI-zonder studie?

¹Wij gebruiken in dit artikel de term ‘bipolaire stoornis’, maar we zijn ons ervan bewust dat sommige mensen liever een andere term gebruiken. Waar we spreken van ‘bipolaire stoornis’ kan je ook lezen: ‘bipolariteit’, ‘manisch-depressiviteit’, ‘kwetsbaarheid voor het krijgen van een (hypo)manie’, of je eigen term.
²Dit artikel is gebaseerd op: Mutahira M. Qureshi and Allan H. Young. Hamlet’s augury: how to manage discontinuation of mood stabilizers in bipolar disorder. Therapeutic Advances in Psychopharmacology 2021, Vol. 11: 1–18. DOI: 10.1177/20451253211000612.
³Op de foto staat links: Alexandra Beunders en rechts: Annemiek Dols
  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *