Main content

S. schrijft een indringende brief aan haar broer over het verdriet dat zij voelt als ze denkt aan hun geschiedenis. “Dacht je nou echt dat ik zo naïef was en niet wist dat wat je deed afschuwelijk was?!”

Ik weet niet met welke aanhef ik moet beginnen… Het gewone ‘lieve broer’, waar ik -toch- toe neig, staat te veel in strijd met wat je mij hebt aangedaan.

Broer,

Je was die lieve tweede broer voor mij…

Toen wij nog in Somalië woonden maakte je de avondmaaltijd altijd in de vorm van een taart die je versierde met groente. Onze twee zusjes en ik vonden het geweldig. Toen ik terugkwam van 2 weken logeren bij opa, had je voor mij als verrassing een grote poppenkast gemaakt van een kartonnendoos. Je had daar dag en nacht aan gezeten en het was de geweldigste poppenkast ooit! Dat heb ik heel erg gewaardeerd, ook al was dat toen vast niet zo zichtbaar en heb ik het ook niet erg goed onderhouden. Maar ach, ik was rond 7 jaar oud… Ik ben blij dat ik die mooie herinneringen aan jouw creativiteit nog heb.

Eenmaal in Nederland leerde jij mij fietsen en je hielp mij met wiskunde

Je hielp mij met creatieve PowerPointpresentaties, leerde mij hoe ik die moest maken; Ik had altijd de beste PowerPoint van de klas.

Totdat… Totdat je op een dag mij begon aan te raken op een rare manier.

Inmiddels was ik al zo’n 14-15 jaar oud. Ik probeerde het te negeren, maar je ging steeds een stap verder. Er ging van alles door mijn hoofd. Ik begreep niet waarom je dat deed. Ik wist niet hoe te reageren. Je deed alsof het normaal was, maar toch zocht je momenten waar we alleen waren. Als er iemand kwam liet je mij los…

Je hield mij vast tegen de muur en zei grappend: ”Ik verpletter je tegen de muur”. Dacht je nou echt dat ik zo naïef was en niet wist dat wat je deed afschuwelijk was?!

Ik hoopte zo dat je uit huis ging en dat wilde je ook, maar moeder hield je tegen. Ik probeerde je te vermijden en wanneer je met mij wilde praten probeerde ik afstand te houden. Je vroeg mij om dichterbij te komen, maar ik weigerde, grappend, net als jij deed, en liep weg. Op een gegeven moment was het je gelukt, je verhuisde, en voelde ik mij thuis eindelijk veilig. 

Ik heb mij altijd afgevraagd wat er in je hoofd omging toen je dat allemaal deed

Zag je mij nog steeds als je kleine zusje? Je deed wel je best om mij te beschermen tegen mannen van buiten, maar een ding weet je niet. Je was niet de eerste en je bent ook niet de laatste geweest. Voor mij ben je net als al die andere mannen. Sterker nog, dat van jou heeft mij het meest pijn gedaan, omdat je mijn lieve broer was.

Je hebt niet eens sorry gezegd

Je las eens een gesprek waarin ik aangaf dat ik jou haatte. Ik had in dat gesprek niet benoemd dat ik je haatte om wat je mij hebt aangedaan. Die schaamte wilde ik je besparen… Uit je emotie kon ik lezen dat je dat gesprek had gelezen.. Ik was blij dat je daarna afstand nam. Tegelijkertijd voelde ik me, gek genoeg, toch schuldig en heb ik zelfs mijn excuses aangeboden. Maar waar blijven jouw excuses?

We hebben er nooit over gepraat en we doen allebei alsof er niets is gebeurd. Misschien maak je jezelf zelfs wijs dat ik het vergeten ben? Het is een groot litteken in mijn hart. Ik durf, nu bijna 6 jaar later, nog steeds niet in een ruimte alleen met jou te zijn. Ik ben nog steeds bezig de schade te herstellen die jij en al die andere mannen hebben aangericht. Jullie hebben mij iets ontnomen, iets bezoedeld wat mooi en intiem had moeten zijn! Maar ik treur niet meer. Ik repareer en renoveer mezelf wel. En het gaat beter zijn dan hoe het was.

Inmiddels heb je twee prachtige dochters en een knappe zoon

Nu vraag ik mij toch af wat je ervan zou vinden als je zoon zoiets bij je dochter(s) zou doen? Zou het dan nog steeds een spelletje zijn, grappig om elkaar te verpletteren tegen de muur?! Ik hoop dat oprecht niet voor ze. Die pijn gun ik niemand.

We zullen hier nooit over praten. Ik vrees dat het ook meer kwaads zou brengen dan goeds. Ik zal nooit weten wat er toen in je hoofd is omgegaan. En jij zult nooit weten dat ik het jou vergeven heb, ondanks de pijn die ik nog steeds voel. Ik haal kracht uit die vergeving en ook uit dit schrijven; Het verlicht mijn hart, tilt me op uit een ellendig lijden. En dat gun ik mezelf.


S. is psychiatrisch verpleegkundige in opleiding

Meer blogs lezen van S. ?

  • Deel deze pagina:

Reacties:

  1. Dag S. Ik hoop dat het je oplucht je verhaal te doen. Het neemt het verdriet niet weg, maar het kan wel helpen te weten dat mensen zich herkennen in jouw verhaal en te weten dat het niet oké is wat er met jou is gebeurd. Liefs.

    1. Dag Lotjes,

      Dank je voor je bericht.
      Het haalt inderdaad het verdriet niet weg, maar ondertussen werkt het wel helend mijn verhaal te delen en te weten dat mensen zich herkennen in mijn verhaal.
      Liefs

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.