Main content

Deze blog van Anna over irrigatie, begint met een jeugdherinnering. Een moment van bewustwording, dat zich afspeelde op de basisschool. Dit moment zette zich in haar latere studie en leven voort.

Op de lagere School met de Bijbel hadden we een project over de zending in arme landen. Met een klasgenoot kliederde ik aan een wereldkaart die groter was dan mijzelf. Een kaart met arme en rijke werelddelen.

De juf zei dat het doel van zending was om over de Here Jezus te vertellen

Ik vond, zeven jaren jong, dat het niet over Jezus moest gaan, maar dat ik het kolonialisme goed moest maken. Geen idee hoe ik daar bij kwam. Daar is mijn Messias-waan geboren.

Ik sprak met niemand over deze luchtbel in mijn hoofd. Iets kwam naar buiten toen mijn scriptie voor geschiedenis over de Amerikaanse burgeroorlog ging. Dat ging dus over de afschaffing van de slavernij.

Ik was niet knettergek, maar de waan was me jarenlang de baas

Ik dwong mijzelf tot ontwikkelingswerk door in Wageningen Tropisch Landgebruik te gaan studeren. Mijn ouders zagen dat niet zitten, met het eenvoudig en geldige argument en dat ik niet in staat was om mijn kamerplanten heel te houden.

In Wageningen wisten ze wel raad met idealisten als ik. Daar wilden ze vanaf, die redden het uiteindelijk niet. De propedeuse was er mede voor bedoeld om die studenten er uit te filteren.

Ik hoorde veel negatieve verhalen over mislukkingen

Wat liep ontwikkelingswerk vaak verkeerd af! Irrigatiewater leek wel per definitie oneerlijk verdeeld over de boeren. Achter de stuwdam stonden gewassen te tieren die heel veel water nodig hadden.

Kilometers verderop waren lege kanalen in een woestijn, het berekende water is er nooit gekomen. We hoorden ook dat er geen monteurs waren voor de noodzakelijke reparaties van pompen en vrachtwagens.

Omdat ik geen goed alternatief had, ging ik door met de studie. Eerst hadden we leuke inleidende vakken over landverdeling, voedsel voor werk, en over de groene revolutie in de landbouw. Wat me uiteindelijk wel opbrak was het ontwerpen van een irrigatiesysteem.

Het ging bij irrigatie om het inrichten van het zogenaamde tertiaire veld

Daar komt het water aan uit de grote kanalen en moet het verdeeld worden over de akker. Het gaat om berekenen van hoeveel water een gewas nodig heeft en hoe je dat dan aanvoert.

Ik vond er echt helemaal niets aan, dat zag ik mezelf niet doen. Ik realiseerde me dit pas toen dat ik een studie had gekozen die wel bij mijn messias-waan paste, maar niet bij mijn vaardigheden en interessegebieden.

Kleine crisis. Mijn ouders hadden gelijk

Mijn ouders hadden gelijk met hun argument over mijn kamerplanten. Vanaf dat moment ging ik wel rondkijken naar iets wat ik goed kon en wat bij me paste.

Ik heb toen nog anderhalf jaar vakken gedaan bij Communicatie. Mijn afstudeervak was in Nederland, omdat ik die combineerde met een bestuursjaar. Waarschijnlijk heb ik daar een depressieve episode in den vreemde mee voorkomen.

Ik ben er een soort van trots op dat ik de waan zelf heb doorgeprikt

Aan de andere kant was ik jarenlang in dit opzicht niet voor rede vatbaar. Een studiekeuze geeft toch richting aan je leven. Alle tijd en energie die ik aan deze waan en vergelijkbare principes besteedde, heb ik niet gepuberd. En nu zie ik dat de waan een opmaat was naar een bipolaire stoornis.

Jesus Christ the Remunerator

Anna van Arkel (pseudoniem)

Meer informatie:

Fotocredits: Pixabay Irrigatie en  https://www.flickr.com/photos/waitingfortheword/8430907017
  • Deel deze pagina:

Reacties:

  1. Dag Anna,
    Ik ben benieuwd naar je verdere bijzondere ervaringen (jouw Messias-waan, zoals jij dat noemt). Misschien wil je daar nog eens verder over schrijven? Wat jij nu hebt beschreven (jij als 7-jarige in de schoolbanken) komt op mij volstrekt normaal over… Je krijgt les over arme en rijke landen en voelt de wens om die scheve verhouding in de wereld later te gaan rechttrekken. Wat is hier vreemd aan, vraag ik me af? Als klein kind heb je nog iets wat magisch bewustzijn wordt genoemd, het gevoel dat je met alles verbonden bent en dat jij het centrum van de wereld bent, en dat je invloed op die wereld kunt uitoefenen. Als je als baby huilde kreeg je eten. En aandacht. Langzamerhand verdwijnt bij de meeste kinderen dat gevoel naar de achtergrond, naarmate er op school en thuis steeds meer nadruk wordt gelegd op je hoofd, op rationele capaciteiten. Maar bij sommige adolescenten blijft de verbinding met dat ideaal, met die ideale wereld, intact. Het is alleen een hele kunst om daarmee te leven, en te weten dat je door eigen kracht en verbeelding invloed kunt hebben. Het is wat bijvoorbeeld sjamanen langzaamaan leren van hun mentoren. Het is namelijk een hele tocht. Je idealisme en je wens om bij te dragen aan een betere wereld kunnen blijven, en dat is -denk ik- een zegen voor de mensheid, maar vaak een last voor de mensen die dat zo sterk ervaren. Ik spreek hier uit ervaring. Ik snapte als kind niet hoe grote mensen op zondag vroom in de kerk konden zitten en dan door de week weer auto konden rijden bijvoorbeeld. Dat vond ik huichelachtig, dat kon ik met elkaar niet rijmen. Nog steeds niet, trouwens…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *