Main content

In deze blog komen allerlei herinneringen voorbij die Walter doet denken aan zijn helden, aan jazzmuziek, aan avontuur en aan zijn vader. Walter legt verbanden tussen deze verhalen waarin zijn verleden met alcohol opnieuw betekenis krijgt.

Kurhaus, Scheveningen 1955.

Op 18 september 1955 was er in het Kurhaus in Scheveningen een nachtconcert met Chet Baker, trompettist. Ik was 15 jaar oud en begon mij te interesseren voor jazz. Ik kocht platen van Chet Baker waarop hij speelde en zong. Ik viel op de zachte, melancholieke, kwetsbare toon.

Dat paste in de zoekende periode die ik als puber beleefde, ik verkeerde in een eigen wereldje.

Voelde mij als de albatros in het gedicht van Charles Baudelaire; in de lucht in zijn element, tussen de mensen op de grond die hem pesten om zijn onbeholpen gedrag, onbegrepen en miskend.

Tijdens het concert zong Chet Baker het nummer: “Someone to watch over me”. Een fragment uit de tekst:

“There’s a somebody I’m longin’ to see

I hope that she turns out to be

Someone who’ll watch over me.”

Chet Baker was verslaafd aan heroïne en dat gegeven boeide mij ook

Een muziekheld zijn en een riskante leefstijl hebben? Was de vraag naar iemand die over hem zou waken een eigen wens?

Hij was fotogeniek en over hem is geschreven als ‘de mooie jongen met wie het verkeerd afliep’. In 1988 viel hij, onder invloed van drugs, uit een hotelraam in Amsterdam en stierf ter plekke.

Ik had meer idolen waar ik mee dweepte. De film ‘Rebel without a cause’ met James Dean heb ik vijf keer gezien. James Dean is op 24 jarige leeftijd door een noodlottige crash met zijn snelle Porsche gestorven.

In het boek ‘Knock at any door’ van Williard Motley zegt de hoofdpersoon:“Sterf jong, dan ben je een mooi lijk!” Ik had deze spreuk in mijn schoolagenda gezet.

Mijn vader zong op zondagmorgen, na een avond vol drank, vals, maar uit volle borst het lied: “Mens, durf te leven!” , een lied, gemaakt in 1917 met tekst van Dirk Witte. De eerste drie regels:

“Je leeft maar heel kort, maar een enkele keer

Maar als je straks anders wilt, kun je niet meer,

Mens, durf te leven!”

Als kind, adolescent en volwassene heb ik mij vaak geïdentificeerd met mijn idolen van toen

Soms gedrag gekopieerd. Risico’s en avontuur niet uit de weg gegaan. Alcohol is decennia lang mijn vriend en vijand geweest. De vriend heb ik ontmaskerd, de vijand de mond gesnoerd. Sinds 2010 drink ik niet meer.

Estland, augustus 2018.

Een neefje trouwt met een Estse. Wij zijn uitgenodigd om het feest bij te wonen. Na de plechtigheid en de felicitaties is er een uitgebreid diner voor de bijna honderd gasten uit Nederland en Estland. Het programma geeft aan dat na het diner life muziek zal zijn en vanaf 24.00 uur een DJ tot 0.500 uur.

Op de tafels, om de twee meter, staat water, flessen rode en witte wijn en karaffen met wodka. Er wordt gegeten, gepraat, gedronken. Ik kan niet meekomen, zie op tegen de avond, zie op tegen de nacht. Ik praat met verschillende mensen, probeer mijn sombere gevoelens niet verder toe te laten.

Ergens op een van de tafels heb ik mijn glas staan. Ik neem een slok en verstar. Het is witte wijn.

Er gebeurt veel en tegelijk. Ik voel wat de alcohol doet en wil meer. Ik schrik, wat moet ik doen?

Terug naar het stiekeme gedrag van vroeger? Acht jaar clean zijn teniet doen? Een eenmalige smoes verzinnen? Ik voel mij ongelukkig. Ik bevries. Mijn partner ziet het en schrikt. “Wat is er met je gebeurd?” vraagt ze. Ik vertel en breek.

Zij pakt mijn hand en zegt: “Kom ga mee.”

Ik ga mee en ga alleen slapen.

Alleen, maar met het weten:

“There is someone who’ll watch over me.”


Walter van Gelderen is runningtherapeut en vrijwilliger bij GGZ-NHN. Samen met een psychomotorisch therapeut en een behandelaar geeft hij wekelijks aan cliënten runningtherapie. Daarnaast participeert hij als ervaringsdeskundige in het HOI-project van GGZ-nhn.

Meer informatie:

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *