Main content

Elin heeft haar leven op orde. Wel heeft ze in het verleden twee psychoses gehad. Ze vraagt zich af of ze -met de medicatie die ze slikt- wel kinderen kan krijgen. Ze stelt deze vraag aan haar psychiater. “Wat ik vervolgens hoorde werd enorm gekleurd door mijn eigen verwachting van ‘hij vindt het toch niks'”.

Sinds ik mijn twee psychoses heb meegemaakt, is er een heleboel veranderd. Waar ik eerder al schreef dat ik ‘de oude’ niet meer zou worden, heb ik ‘de nieuwe’ Elin wel echt geaccepteerd. Ik durf stiekem weer te dromen, maar ook heb ik gewoon al hartstikke veel bereikt! Van buiten heb ik dan ook een heel mooi plaatje: Een lieve vriend, een eigen huis, een baan, en binnenkort zelfs een opleiding. Maar er miste van binnen een ding.

Een paar maanden terug was ik bij de psychiater. Ik had net medicijnen gewisseld, en het ging goed met me! Maar ik had wel een belangrijke vraag.

Kinderen krijgen, kan dat dan wel met deze medicijnen?

En hoe zou mijn toekomst eruit zien? Met of zonder kinderen? Ik ben heus niet iemand die haar toekomst laat bepalen door de eerste de beste dokter. Maar ik barstte toch echt in tranen uit toen hij heel neutraal zei: “Kinderen? Dat lijkt me niet een geschikte toekomst voor jou. En met deze medicijnen? Nee, helemaal niet verstandig“.

In de autorit naar huis spookte er van alles door mijn hoofd

Wat zou mijn vriend vinden? En zou ik de rest van mijn leven neutraal moeten blijven kijken wanneer iemand me vroeg: ‘En jullie? Ook al een kleine?’ Ik werd al verward met zwangere collega’s.

Dus wat nu? Een tijdje heb ik mezelf laten gaarkoken in mijn eigen sop. En nog steeds heb ik het er best moeilijk mee. Het lijkt me prachtig een groep op te richten voor vrouwen die in hetzelfde schuitje zitten. Helaas ontbreekt daar de energie en tijd voor. Dus wat doe je dan?

In mijn geval ben ik terug gegaan naar de dokter.

Ik heb gezegd: “Wat je zei deed me pijn. Maar wat bedoelde je nu eigenlijk?”

En dat was positief. Hij bedoelde niet: ‘dat gaat nooit gebeuren, jij bent ongeschikt als mens om moeder te worden’. Wat ik hoorde werd enorm gekleurd door mijn eigen verwachting van ‘hij vindt het toch niks’. Maar wat hij wel bedoelde was dat ik nog steeds pas op de plaats moet maken. Dat ik rustig aan moet doen, en niet morgen al een baby in mijn armen kan hebben. Niet mijn eigen baby in ieder geval. En dat gaf wel een beetje rust.

Rammelende eierstokken heb ik nog steeds, maar ze houden me niet meer wakker. En die baby? Die komt er echt wel!


Elin Lambregts (pseudoniem) schrijft over psychosegevoeligheid. Soms moeilijk, soms leuk. Elin maakt van alles mee!

Meer informatie:

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *