Fotocredits: Pixabay; Adriansart
Ik (Carlijn Mol) werk in de zorg als ervaringsdeskundige. Dat betekent dat ik weet hoe het is om zo diep te zitten dat je niet meer weet hoe je eruit moet komen. En precies daarom krijg ik vaak een bepaalde vraag. Soms expliciet, soms zit hij verborgen in de manier waarop mensen naar me kijken: jij bent toch hersteld?
Het klinkt simpel, maar het is de meest ingewikkelde vraag die je iemand kan stellen. Want wat betekent het eigenlijk, hersteld zijn bij psychische kwetsbaarheid? Is er een moment waarop je wakker wordt en denkt: oké, nu ben ik klaar, nu is het voorbij? Zo voelt het niet.
Functioneren is niet hetzelfde als oké zijn
Ik functioneer. Ik werk, ik sta voor groepen, ik geef lessen, ik ondersteun anderen. Dat doe ik goed. Mensen zien dat en denken: zij is hersteld.
Maar dan zijn er dagen dat het zwaar is, dat ik moe ben, dat oude dingen omhoogkomen, dat ik me rot voel. Wat ben ik dan?
Hier zit een probleem. Als ik een slechte dag heb, wordt dat meteen gekoppeld aan mijn verleden, aan wat er gebeurd is en aan mijn kwetsbaarheid.
Als een collega zonder psychische voorgeschiedenis een slechte dag heeft, is het gewoon een slechte dag. Bij mij wordt het een teken. Het bewijs dat ik misschien toch niet zo stabiel ben als mensen dachten. Dat is het dubbele stigma.
Je wordt beoordeeld op je verleden én op je huidige professionele status. Je krijgt geen ruimte om gewoon mens te zijn, om moe te zijn en om even te worstelen. Bij anderen is dat normaal. Bij mij is het bewijs dat het niet goed gaat. Waarom mag ik niet gewoon functioneren én soms moeite hebben? Waarom moet het één of het ander zijn?
Herstel is geen schakelaar
Ik denk dat we herstel bij psychische kwetsbaarheid vaak zien als een eindpunt. Je bent ziek, je werkt eraan en dan ben je beter. Maar zo werkt het niet.
Het is geen schakelaar die je even omzet. Het is niet een moment waarop alles ineens goed is en blijft. Het is een proces dat zich door je hele leven heen beweegt. En dat zit hem ook in hoe we als zorg soms nog naar herstel kijken. Als we het zelf zien als een eindpunt, geven we dat ook mee aan de mensen die we begeleiden. Al dan niet onbewust.
We geven hoop, maar we maken die hoop smal. Alsof herstel betekent dat je ooit klaar bent en je een punt bereikt waar niets meer zwaar is. Dat is niet eerlijk en het maakt mensen kapot die denken dat ze het niet halen omdat ze nog steeds worstelen. Je neemt mee wat je hebt meegemaakt, wat je hebt gevoeld en wat er gebeurd is. Dat gaat niet weg, maar je leert ermee leven.
Herstel heeft fasen, maar geen eindpunt
Er is de fase waarin je overweldigd wordt: hopeloosheid, machteloosheid, overleven. Toen ik als kind misbruik meemaakte, toen ik op mijn zestiende instortte, toen ik opgenomen werd en alles uit mijn handen werd genomen.
Dan komt de fase waarin je worstelt. Ontkenning wisselt zich af met besef, je zoekt hulp, maar je weet niet hoe. Jarenlang worstelde ik met de vraag wie ik eigenlijk was. Ik maakte van een diagnose mijn identiteit omdat het makkelijker was dan de waarheid te voelen of te delen.
Later leer je leven met wat er is. Je maakt de balans op, je leert wat je nodig hebt, je pakt de regie terug waar het kan. Ik leerde vaardigheden, ik ging werken als ervaringsdeskundige, ik vond betekenis in het ondersteunen van anderen.
En soms ben je verder dan dat. Je identiteit is losgekoppeld van wat je is overkomen. Je bent meer dan je verleden. Maar niet altijd, en dat is oké. Want herstel bij psychische kwetsbaarheid is geen rechte lijn omhoog. Je zakt weg, je komt omhoog, je zakt weer weg. Soms sta je stevig en soms voel je je breekbaar.
Worstelen is geen bewijs van falen
Als je een week worstelt, verlies je niet alles wat je hebt opgebouwd. Net zoals een atleet die een week training mist niet al zijn conditie verliest. Maar dat is wel wat er gebeurt in de blik van anderen. Als ik zeg dat het zwaar is, zie ik de twijfel. Is ze dan wel stabiel genoeg om dit werk te doen?
Die vraag krijgen anderen niet. Herstel is niet de afwezigheid van strijd. Herstel is weten hoe je weer opstaat. Het is weten wat je nodig hebt als je valt.
Wat herstel voor mij betekent
Herstel is verbondenheid. Mensen om je heen die blijven, ook als het zwaar is, die je zien als mens.
Herstel is hoop. Niet hopen op een wonder, wel rekenen op de verandering. Ondanks dat je de stip op de horizon niet ziet.
Herstel is identiteit. Weten dat je meer bent dan je trauma, meer dan je verleden, meer dan wat anderen van je dachten.
Herstel is betekenis. Het vinden van een reden om door te gaan.
Herstel is regie. Niet over alles, maar over de dingen die tellen. Over je eigen grenzen en keuzes.
Onderweg zijn
Ik ben onderweg in mijn leven. Dingen zullen altijd onderdeel blijven van wie ik ben, van wat ik heb meegemaakt. Dat gaat niet weg.
Maar gaandeweg leer ik omgaan met mijn kwetsbaarheid. Ik leer wat ik nodig heb, ik leer grenzen aangeven, ik leer dat ik mag zijn zoals ik ben. Ook op de dagen dat het zwaar is.Dat is iets anders dan dat alles weg is of opgelost.
Herstel is niet het eindpunt en dat je dan klaar bent. Het is de manier waarop je leeft met wat er is. Hoe je betekenis creëert uit wat je hebt meegemaakt. Hoe je doorgaat, ook als het zwaar is.
Over Carlijn Mol: Ik gebruik al jarenlang mijn eigen ervaringen om de wereld duidelijk te maken dat psychische kwetsbaarheden niet alleen maar kosten of slopen, maar ook uit kunnen monden in creatieve explosies en professionele ontwikkeling. Deskundig door mijn ervaring en gedreven door passie, buig ik onder andere negativiteit om.
Meer lezen van Carlijn Mol?
Meer lezen over Herstel bij psychische kwetsbaarheid?
- Passages uit mijn hersteldagboek — een jaar na de psychose
- Wat is de herstelbeweging? – Info van PsychoseNet
- Mijn innerlijke reis – vallen en opstaan
Heb je een vraag?
Onze experts beantwoorden jouw vraag in het online Spreekuur van PsychoseNet. Gratis en anoniem.
Wil je PsychoseNet steunen?
Wordt donateur en help ons om mooie projecten te realiseren.








Geef een reactie