Main content

Sport kan een grote rol spelen in de eerste fase van psychose en in het herstel. Onderzoekster Noëmie Hagemann doet hier onderzoek naar bij het Center for contextual psychiatry in Leuven. In deze blog beschrijft ze haar bevindingen.

Sport als kans

Een belangrijke uitkomstmaat om het herstel na een psychose te bepalen is het functioneel herstel, ondanks terugkerende symptomen. Iemand die functioneel hersteld is, toont belangrijke vaardigheden aan, zoals het zelfmanagement van de ziekte (bv. herkennen en omgaan met symptomen) en focussen op zijn/haar ontwikkeling en groei (zoals het werken naar doelen toe), en uiten van gevoelens zoals hoop, optimisme, controle en geloof in zichzelf.
In deze blog zullen drie aspecten, die het herstel kunnen bevorderen, aangetoond worden. Meer specifiek zal de rol van beweging en sport aan bod komen zoals ik deze onderzoek in mijn doctoraat.

Beweging – de belangrijkste keuze tegen de negatieve effecten van medicatie

De beschermende en therapeutische gezondheidseffecten van regelmatige beweging, zoals wandelen, fietsen of zwemmen, zijn redelijk bekend. Ten opzichte van geestelijke gezondheid, kan regelmatige beweging zelfs depressie voorkomen. Het kan ook een effectieve behandeling van lichte vormen van angststoornissen en depressie zijn.

Voor mensen met psychose zijn door de antipsychotica de effecten van beweging nog belangrijker, omdat er dan een verhoogd risico bestaat voor het metabool syndroom, een samenspel van obesitas, hoge bloeddruk, en hoge suiker- en vetwaarden, die tot diabetes 2 en cardiovasculaire ziektes zoals hartfalen en herseninfarct kunnen leiden. Het risico voor het metabool syndroom ontstaat door een samenspel van roken, veel zitten, weinig beweging, en ongezonde voeding.

Nog meer voordelen

Naast de beschermende aspecten van beweging zijn er nog meer voordelen van beweging. Verschillende studies hebben al aangetoond dat fysieke activiteit bij mensen met psychose de cardio-respiratorische fitheid verbetert (zoals makkelijker trappen omhoog kunnen).  Het kan je helpen met afvallen als je dit wilt. Het gebrek aan motivatie vermindert. De cognitieve functie verbetert (makkelijker dingen kunnen onthouden) en sociale competentie verbetert (zoals makkelijker een praatje kunnen houden).

Het trainen van levensvaardigheden heeft veel kans op langdurig herstel

Ook het ontwikkelen van zogenoemde ‘life skills’, of levensvaardigheden, kunnen een factor bij het functioneel herstel zijn. Life skills bestaan op gedragsmatig vlak (effectief communiceren), cognitief (beslissingen nemen), persoonlijk (assertief zijn), of interpersoonlijk (settings-doelen). Verschillende interventies tonen aan dat fysieke activiteit bij mensen met psychose erg veel mogelijkheden biedt om levensvaardigheden te ontwikkelen. Zo kun je denken aan sporten met vrienden bijvoorbeeld, wat dus een dubbel voordeel heeft.

Sociale verbondenheid

Sociaal engagement en sociale support zijn kritische componenten voor herstel. Onderzoek toont aan dat psychose tot sociale isolatie of zich terugtrekken kan leiden, als gevolg van een complexe interactie van symptomen, medicatie en ook stigma. Interventies met fysieke activiteit tonen veelbelovende effecten op sociaal herstel, zoals verbeterde sociale competentie, en psychosociaal functioneren.

‘Sport is een ideale context die fysieke activiteit, levensvaardigheden, en sociale verbondenheid integreert’

Kortom, sport kan een context bieden die alle drie deze belangrijke factoren samenbrengt. Hier worden, naast de beweging, mogelijkheden voor sociale interactie en het leren van sociale skills gecreëerd (zoals in een groep samenwerken). Er kan ook steun geboden worden bij de ontwikkeling van sociale identiteit en het betrokken zijn bij een groep.

Drie factoren van belang

Voor een succesvolle interventie zijn er drie factoren van belang. Ten eerste is een vroege interventie belangrijk, omdat na een eerste psychose een terugval waarschijnlijker is, mensen met psychose op jongere leeftijd makkelijker hulp zoeken. Ze ervaren ook minder last van cardio-metabolische risicofactoren zoals obesitas, hoge bloeddruk, en hoge suiker- en vet waarden. Deze factoren ontstaan door een samenspel van roken, veel zitten, weinig beweging, en ongezonde voeding.

Ten tweede is het van groot belang dat mensen zelf kunnen kiezen welke soort fysieke activiteit ze willen doen. Er moet ook steun beschikbaar zijn bij het leren van de nieuwe activiteit. Ten slotte is er een methode nodig die het mogelijk maakt om vaardigheden te oefenen die ook in een andere context gebruikt kunnen worden (van de sportgroep naar de communicatie met familie). Dit is geen automatisch proces, maar vraagt deskundigheid van de lesgever.

Je bent gemotiveerd – en nu?!

Wil jij graag meer bewegen en heb je graag een steuntje in je rug? Probeer dan een “Beweging op Verwijzing”- een coach die je helpt om beweging te vinden die in jouw leven past- alleen of in groep. Je huisarts kan je hier verder helpen.


Noëmie Hagemann is onderzoekster bij het Centrum voor Contextuele Psychiatrie in Leuven.

Deze blog werd eerder gepubliceerd op PsychoseNet.be.

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *