Veel gezochte termen

Psychosenet blog

Auteur

Bram-Sieben

Bram-Sieben schrijft maandelijks een bijdrage voor Psychosenet. Hij is actief voor patiëntenvereniging Anoiksis. Ook is hij als  onderzoeksmedewerker betrokken bij HAMLETT en OPHELIA. Dat zijn twee grote Nederlandse onderzoeken naar het gebruik en afbouw van anti-psychotische medicijnen.

Stoppen met antipsychotica, wat gebeurt er in het brein?

Franciska onderzoekt wat er gebeurt in het dopaminesysteem wanneer mensen die hersteld zijn van een psychose stoppen met antipsychotica.
Fotocredits: Pixabay; JonathanPrestes

Blogtekst door Bram Rosema, samen met Franciska de Beer, onderwerp van de blog en hoofdauteur van het artikel: de Beer F, de Vries E, Wijnen B, et al. Dopamine D2/3R availability after discontinuation of antipsychotic treatment: a [11C]raclopride PET study in remitted first-episode psychosis patients. Psychological Medicine. 2025;55:e264. doi:10.1017/S003329172510161X

Onderzoeker Franciska de Beer van het UMC Groningen keek met hersenscans naar wat er gebeurt in het dopaminesysteem wanneer mensen die hersteld zijn van een psychose volledig stoppen met antipsychotica. Ze ontdekte dat het brein na het stoppen van de meeste middelen gevoelig wordt voor dopamine, maar niet bij aripiprazol. Dit kan verklaren waarom het risico op terugval vlak na het stoppen lager is bij aripiprazol.

De hersenonderzoeker: Franciska

Franciska is neurowetenschapper in het UMC Groningen en doet onderzoek naar de voor- en nadelen van het vroegtijdig afbouwen van antipsychotica. Zij coördineerde onder andere de HAMLETT-studie en zag veel deelnemers in het noorden van Nederland. Toen ze deelnemers sprak merkte ze op dat de één veel makkelijker afbouwt dan de ander en ze wilde weten waar dat aan lag. Franciska heeft meerdere artikelen geschreven en daarbij ook onderzoek gedaan naar het effect van antipsychotica in het brein. Deze blog gaat over wat er gebeurt in het brein wanneer mensen stoppen met antipsychotica.

Antipsychotica in het brein

Antipsychotica werken door dopaminereceptoren in de hersenen te blokkeren, met name de dopamine D2 receptoren. Die receptoren zijn plekken in het brein waar dopamine, een belangrijke boodschapperstof voor motivatie en beloningsgevoel, zich aan kan hechten. Te veel dopamine wordt vaak in verband gebracht met psychoses. Door de dopamineverwerking in het brein te remmen, helpen antipsychotica om psychotische symptomen te verminderen.

Maar het ene type antipsychotica is het andere niet, en ze werken in het brein net even anders. Zo zijn er blokkerende antipsychotica (zogenaamde antagonisten, zoals olanzapine of risperidon), die de receptor blokkeren en minder signaal doorlaten. Maar er zijn ook antipsychotica die binden en wel een licht signaal stimuleren. Die heten partiële agonisten (bijvoorbeeld aripiprazol). Met die antipsychotica verwerkt je brein wel minder dopamine, dus het signaal wordt wel kleiner.

Stoppen met antipsychotica en het effect op dopamine

Als mensen afbouwen of zelfs volledig stoppen met antipsychotische medicatie hebben ze een verhoogd risico op een psychotische terugval. Franciska wil met haar onderzoek begrijpen hoe dat werkt in het brein. Volgens een veelbesproken verklaring (de dopamine supersensitivity hypothese) reageert het brein op langdurige remming van dopaminereceptoren door ervoor te zorgen dat de dopaminereceptoren extra gevoelig worden voor dopamine.

Het gevolg is dat op het moment van stoppen van de antipsychotica de hersenen extra gevoelig zijn voor dopamine. Het natuurlijke dopamine in het brein kan dan op meer receptoren binden en dus ook een sterker signaal doorsturen. Het idee is dus dat na afbouw er daardoor een extra risico is op terugval. Dit omdat er dan weer, net als bij de eerste psychose, een teveel aan dopaminewerking is. Dat is dan ook de reden dat afbouwen van antipsychotica heel geleidelijk moet gebeuren om het lichaam geleidelijk te laten wennen aan de nieuwe situatie. Het effect van teveel aan dopaminewerking wordt dan mogelijk voorkomen.

PET studie

Met zogenaamde PET (Positron Emission Tomography) scans, wilde Franciska kijken of ze deze dopamine supersensitivity hypothese zichtbaar kon maken in het brein. Dit idee speelt al decennialang een rol in hoe we denken over terugval tijdens het afbouwen van antipsychotica. Maar zo’n studie is lastig om uit te voeren. Tijdens de PET-scan wordt er een licht radioactieve vloeistof toegediend die bindt aan de dopaminereceptoren om zo de receptoren zichtbaar te maken. De beschikbaarheid van D2/3 dopaminereceptoren in het striatum, een deel in het midden van het brein, werd gemeten met een zogenoemde “tracer”, een traceerbare stof, in dit geval [11C]raclopride.

Bij de PET-studie werd twee keer een scan gemaakt: de eerste scan één week nadat mensen waren gestopt met antipsychotica, en de tweede scan ongeveer 2 maanden later. Met die tweede scan werd er gekeken of het brein flexibel is en zich aanpast na het stoppen. Dat betekent dan dat er na 2 maanden mogelijk weer minder dopamine  D2 receptoren zijn.

Enkele hobbels op de weg

Bij deze studie heeft Franciska heel wat hobbels moeten overwinnen. De radioactieve stof raclopride is lastig om te maken en mislukte ongeveer 1 op de 3 keer. Deelnemers maakten gelukkig vaak wel tijd vrij om nog een keer terug te komen, soms een verre reis naar Groningen, voor een tweede poging. Volgens Franciska valt of staat het onderzoek ook echt met de inzet van de deelnemers. Voor het op tijd inplannen van deelnemers snel na het stoppen van de medicatie was er veel contact nodig. Elke paar weken of na een bezoek aan een psychiater was er vooraf al veel contact met de potentiële deelnemers.. “Je bouwt zo soms echt een band op en hebt het soms ook over meer dan alleen de medicatieafbouw”, aldus Franciska.

Deelnemers onderzoek

Er deden tweeëntwintig mensen mee die een eerste psychose hebben gehad en die volledig waren gestopt met antipsychotica, waaronder vier vrouwen en achttien mannen. Ze werden vergeleken met een controle groep van vijftien vergelijkbare personen zonder psychosegevoeligheid, waaronder vier vrouwen en elf mannen. De afbouw van de patiëntengroep ging volgens een geleidelijk afbouwtraject (link naar de afbouwgids). De afbouw was onder begeleiding van een behandelaar. Uiteindelijk heeft niet iedereen een tweede scan gehad door terugval, of door het weer gaan gebruiken van antipsychotica.

Hoe reageert het brein op stoppen van antipsychotica?

Zoals verwacht lieten de hersenscans zien dat kort na het stoppen van blokkerende antipsychotica er meer dopaminereceptoren zichtbaar waren dan bij de controle groep. De hersenen waren zoals verwacht dus op dat moment gevoeliger voor dopamine. Dit effect werd niet gezien bij deelnemers die aripiprazol hadden afgebouwd. Na 2 maanden was er bij de afbouwers van de dopamine blokkerende medicijnen geen verschil meer met de controlegroep en was hun gevoelige periode dus voorbij.

Terugval binnen 12 maanden kwam opvallend vaker voor bij mensen die waren gestopt met blokkerende antipsychotica: 81% tegenover 17% bij mensen die met aripiprazol stopten. Eerder vond Franciska met collega Shiral Gangadinin een grotere groep ook al een lagere kans op terugval tijdens het afbouwen van aripiprazol en andere partiele agonisten (Gangadin & De Beer et al., 2025).

Dat mensen die blokkerende antipsychotica gebruikten een gevoeliger dopaminesysteem leken te hebben kort na het stoppen én vaker een terugval kregen, past bij de dopamine supersensitivity hypothese. Wat er precies gebeurt bij het stoppen met aripiprazol en waarom dat mogelijk beschermt tegen terugval is nog niet duidelijk. Daar is meer onderzoek voor nodig.

Conclusie

Het brein reageert niet op elke antipsychotica hetzelfde bij het stoppen. Na blokkerende middelen wordt het dopaminesysteem tijdelijk gevoeliger, wat het risico op terugval kan verhogen. Dit effect is na 6-8 weken voorbij. Bij aripiprazol lijkt dat niet te gebeuren. Dat kan betekenen dat aripiprazol bij geleidelijk én onder begeleiding afbouwen een kleinere kans op terugval geeft.


Meer lezen van Bram-Sieben?

Meer lezen over Stoppen met antipsychotica?

Heb je een vraag?

Onze experts beantwoorden jouw vraag in het online Spreekuur van PsychoseNet. Gratis en anoniem.

Wil je PsychoseNet steunen?

Wordt donateur en help ons om mooie projecten te realiseren.

Reacties

12 reacties op “Stoppen met antipsychotica, wat gebeurt er in het brein?”

  1. anoniem

    Is er al eens geprobeert om een dieet te volgen zonder D2. (Minder dopamine)
    Of zeg ik nu iets geks? Uit het onderzoek van Franciska komt het bij mij over dat men weet wat dopamine is.

  2. Kyon

    Lees ik het goed dat er 22 deelnemers waren in de ‘behandelgroep’ en 15 in de controlegroep? En niet alle deelnemers konden het onderzoekstraject voltooien?

    Zo ja op de eerste vraag, dan ben ik zelf terughoudend om deze onderzoeksresultaten op mezelf te betrekken. Zo ja op ook de tweede vraag, dan ben ik _zeker_ terughoudend daarover. Dit omdat ik het woord ‘heterogeen’ vaak in meta-analyses tegenkom, als kenmerk van de groep psychosegevoeligen.

    1. Hoi Kyon, ja klopt. Je kunt dit soort onderzoek op het beste op groepsniveau,als een soort algemene aanwijzing hoe dingen soms zouden kunnen werken. Maar het zegt niet veel over het individu dus je kunt het niet op jezelf betrekken.

  3. Victor

    Beste Bram,

    dank voor het artikel.
    In de tekst mis ik het stukje dat aangeeft na hoe lang er afgebouwd wordt: wat is de tijd tussen laatste psychose episode en afbouw.

    Is dat zoals onderzoek laat zien pas mogelijk na 2 jaar, of ook eerder? En maakt de tijd tussen psychose en afbouw uit voor aripiprazol?

  4. Anoniem

    Ik vind het heel jammer dat er anno 2026 nog op deze manier gekeken wordt. Stel je voor dat ze eens echt gaan werken voor hun centen en daadwerkelijk contact gaan maken. De psychiatrie heeft nog steeds de mindset van de spinhuizen van vroeger. Ooit eens op het idee gekomen om al die lastige mensen te verdoven en dat is dan maar de status quo geworden. Over 200 jaar komen die behandelaars er bekaaid af in de geschiedenisboekjes, o nee zijn artsen en daar gelden speciale regeltjes voor en houden elkaar allemaal de hand boven het hoofd. Artsen zijn heel slim, lees ze kunnen complexe informatie opslaan en reproduceren, echter op een humane manier naar iets kijken en daar naar handelen is ze teveel. Gelukkig krijgen ze een riant salaris om hun geweten te sussen. We weten niet hoe het anders moet, dus we doen maar wat ons is verteld. Hoeren van de staat, moet wel een beetje rustig blijven op straat.

    1. Maar je leeft nog wel toch?
      Veel verder gaan de garanties van geneeskunde ook niet. Wat dacht jij dan? Gratis hotel zonder inspanningsverplichting? Dan zou iedereen willen 😉

    2. Anoniem

      Gratis hotel? Waar heb jij het over? Je leeft nog? Dat is aan de psychiatrie te danken? Wat een domme reactie van jou.

    3. Kyon

      Dat vind ik ook jammer, dat er nog steeds op die ouderwetse manier naar gekeken wordt. Daarom vind ik onderzoek naar afbouwen een lichtpuntje, want zo verkrijgt men informatie waar op te letten bij het ‘van de pillen af komen’.

  5. Heleen

    Dag Bram,

    Interessant stuk.

    Is er verschil in terugval tussen mensen die antipsychotica voor psychosegevoeligheid gebruiken of voor een bipolaire gevoeligheid?

    En zou je met de kennis van het onderzoek ook iets kunnen inzetten om die 8 weken van extra gevoeligheid te overbruggen?

    Ik heb ooit quetiapine geslikt voor een bipolaire gevoeligheid en heb kunnen stoppen door slaapmedicatie in te gaan zetten op het moment dat ik uit balans dreig(de) te raken. Is het toeval of heb ik met slaapmedicatie die verhoogde gevoeligheid behapbaar gehouden?

    Ben benieuwd of er een verband is.

  6. Maria

    Dag Bram,

    Dank. Maar voor mij niet helemaal te volgen. Zou je ajb willen aangeven welke antipsychotica (met naam) blokkerend zijn?

    Dank !

  7. Dennis Ruigrok

    kunt u uw claim dat eerste episode psychose veroorzaakt wordt door dopamine teveel omdat de medicatie afbouw een dopamine storm veroorzaakt uitleggen?

    1. Het brein compenseert de werking van bepaalde medicatie met een tegenreactie. Daardoor ontstaat dit effect. In een poging de (zoekterm:) Homeostase – te handhaven, maakt het lichaam onbedoeld (tijdelijk) gevoeliger voor decompensatie bij acute onthouding. Daar is en blijft het advies om nooit zomaar, plots en liever ook niet zonder begeleiding af te bouwen.