Main content

Het goed en veilig innemen van antipsychotica is belangrijk om onnodige (extra) bijwerkingen te voorkomen en om er voor te zorgen dat je geen nare ontwenningsverschijnselen krijgt.

Hoe kies je een antipsychoticum?

Dit is een lastige. In tegenstelling tot wat soms beweerd wordt kun je namelijk niet goed voorspellen of het ene antipsychoticum beter werkt dan het andere voor psychotische verschijnelen, motivationele beperkingen, depressie, manie of problemen met denken en geheugen. Er zijn theoretische verschillende tussen de verschillende middelen, maar die zijn in de praktijk nooit overtuigend aangetoond. Voor de antipsychotica geldt het zogenaamde dodo bird verdict: het fenomeen dat alle behandelingen van een bepaald type allemaal ongeveer even goed werken op groepsniveau, hoewel er op individueel niveau belangrijke verschillen kunnen bestaan, die echter niet te voorspellen zijn. De verschillende antipsychotica doen dus que therapeutische werking verschillende dingen bij verschillende mensen.

Waar je echter wel op kunt kiezen zijn de bijwerkingen, want die tonen meer stabiele verschillende tussen de verschillende middelen, hoewel ook hier geldt dat er grote verschillen kunnen zijn tussen mensen. Maar als je geinformeerd wil kiezen kun je dus het beste kiezen op de bijwerkingen met onze antipsychotica keuzetool.

Wat doet een antipsychoticum eigenlijk met me?

Van de verschillende symptomen werken de antipsychotica het best voor (i) psychotische fenomenen als waanideeën en hallucinatoire belevingen en (ii) manische opwinding en psychose. Ze doen dit omdat ze je een beetje onverschillig maken voor wat er gebeurt in zowel je binnenwereld als je buitenwereld. Dus de waanideeën en hallucinatoire belevingen zijn er nog wel, maar omdat je ze niet meer zo belangrijk vind gaan ze gepaard met minder angst en depressie en kunnen ze gaandeweg verbleken. Ook maken de antipsychotica dat je minder in de ban bent van manische energieverhoging en hypereuforie.

Wat doen antipsychotica niet?

Een antipsychoticum doet meestal niet veel voor depressie, tenzij de depressie gepaard gaat met psychotische verschijnselen zoals depressieve waanideeën (dat de wereld vergaat, dat je ingewanden wegrotten, dat God je vervloekt, dat je schuld bent van al het kwaad) of depressieve hallucinaties (stemmen die zeggen dat je waardeloos bent en dat je jezelf moet beschadigen). Ook doen de antipsychotica niet veel voor problemen met denken, geheugen, concentratie en aandacht, behalve als ze werden veroorzaakt door de psychotische verschijnselen (bijvoorbeeld niet kunnen concentreren omdat je de hele tijd stemmen hoort). Verder helpen de antipsychotica ook niet met de motivatieveranderingen die kunnen optreden in het kader van psychosegevoeligheid.

Wat zijn de psychische bijwerkingen van antipsychotica?

Helaas zijn er nogal wat psychische bijwerkingen van antipsychotica die behoorlijk kwellend kunnen zijn en die je in ieder geval deels kunt voorkomen door de dosis zo laag mogelijk te houden. Helaas worden antipsychotica niet zelden in een te hoge dosis voorgeschreven dus we adviseren je dit proces zelf goed te bewaken. Lees hier meer over de psychische en andere bijwerkingen van antipsychotica.

Hoe lang moet je antipsychotica gebruiken?

Dit is een belangrijke vraag. Bij een eerste psychose zal men, als je bent gestabiliseerd, aanraden er nog zeker 6 tot 12 maanden mee door te gaan. Daarna kun je kijken of je af kunt bouwen, maar pas dat dat niet te snel gaat en lees onze tips over afbouwen eerst. Ongeveer 20-30% kan zonder antipsychotica verder maar veel mensen krijgen in de jaren er na opnieuw een psychotische episode en krijgen dan meestal het avies om weer opnieuw antipsychotica te gaan gebruiken en en daarmee ongeveer een jaar door te gaan na stabilisatie. Je kunt dan weer proberen af te bouwen. Mocht er dan opnieuw een psychotische episode dan zal menig psychiuater je adviseren voor de rest van je leven een antipsychoticum te nemen.

Echter meer en meer mensen hebben twijfel over de vraag of het wel zo verstandig is om voor lange perioden – jaren achtereen – antipsychotica te nemen, vanwege het risico op oppositional tolerance of het dopamine supersensitiviteit syndroom. Dit is het fenomeen dat het brein zich gaat verzetten tegen de medicatie en een soort anti-medicatie effect ontstaat. Als je dan opeens stopt met de medicatie kun je meteen psychotisch worden door de rebound van de anti-medicatie veranderingen in het brein.

Er is dus meer aandacht nodig voor hoe mensen met een combinatie van langzaam afbouwen en weerbaarheidsbevordering zonder medicatie kunnen leren hun psychosegevoeligheid te  managen. De meeste psychiaters hebben de voorkeur voor medicatie en zullen hier snel in meegaan in proberen te leven zonder medicatie. Deze voorkeur heeft te maken met het feit dat psychiaters het effect van antipsychotica vaak groter inschatten dan het werkelijk is, op basis van de wetenschappelijke literatuur. Ook heeft het te maken met het feit dat de psychiater een deel van zijn beroepsidentiteit haalt uit het voorschrijven van medicatie. Een ggz met minder medicatie kan leiden tot een voorstelling van een ggz met minder psychiaters.

Waar het op neer komt is dat je goed moet leren onderhandelen en de arts moet vragen of je samen kunt beslissen. Samen beslissen wil zeggen dat zowel patient als de arts zijn voorkeur mag uitspreken en dat je er dan samen probeert uit te komen, op basis van gelijkwaardigheid. Ook dit is niet altijd makkelijk te realiseren in de ggz, hoewel het volgens de richtlijnen wel zou moeten.

Hoe kun je antipsychotica het best gebruiken?

Antipsychotica kun je het best op de volgende manieren gebruiken:

  • Neem je (orale) medicatie altijd op hetzelfde tijdstip in. Veel mensen nemen antipsychotica ’s avonds omdat je er wat slaperig van kan worden.
  • Iedereen vergeet wel eens zijn medicijnen in te nemen, maar probeer dit zoveel mogelijk te voorkomen. Een vergeten dosis kun je alsnog innemen tot 8 uur voor de volgende dosis.
  • Depots/injecties moeten met regelmaat en op vaste tijden worden toegediend, hiervoor bestaan speciale depot-poli’s.
  • Houd je aan de dosering die je is voorgeschreven. Overleg altijd eerst met je behandelaar voor je iets aan je dosering verandert, ook wanneer je veel last hebt van bijwerkingen
  • Vraag op tijd om een herhaalrecept bij je arts, voorkom dat je zonder antipsychotica komt te zitten.
  • Pas op met alcohol- en drugsgebruik in combinatie met antipsychotica. Drink je regelmatig? Bespreek dit dan met je arts.
  • Als je net antipsychotica gebruikt of je dosering is opgehoogd kun je beter niet autorijden. Stap niet in de auto wanneer je je suf of slaperig voelt of wazig ziet.
  • Stop NOOIT zomaar met het innemen van je medicatie. Je loopt hierdoor een onnodig groot risico op een nieuwe psychose.

Vergelijk antipsychotica en hun bijwerkingen met de Antipsychotica Bijwerkingen Keuzetool van PsychoseNet

Met de antipsychotica keuzetool kun je de bijwerkingen van diverse antipsychotica met elkaar vergelijken, zodat je een meer bewuste keuze kan maken welke medicatie je kiest.

Vergelijkingstool Antipsychotica - PsychoseNet

Biografie Jim van Os

Prof. dr. Jim van OsVoorzitter Divisie Hersenen, UMC Utrecht. Hij is tevens verbonden als Visiting Professor Psychiatric Epidemiology aan het Institute of Psychiatry te Londen. Hij is sinds 2011 lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en werd in 2016 benoemd tot Fellow van King’s College London

Jim van Os werkt op het raakvlak van ‘harde’ breinwetenschap, gezondheidszorgonderzoek, kunst en subjectieve ervaringen van mensen met ‘lived experience’ in de GGZ. Hij verschijnt sinds 2014 op Thomson-Reuter Web of Science lijst van ‘most influential scientific minds of our time’. In 2014 kwam zijn boek De DSM-5 Voorbij uit, en in 2016 het boek Goede GGZ! (samen met Philippe Delespaul e.a.)

Lees hier meer over Jim van Os. Of volg Jim op LinkedInFacebookTwitter en YouTube!

Externe informatie:

Lees meer over antipsychotica:

Lees verder over medicatie:

  • Deel deze pagina: