Main content

Antidepressiva afbouwen kun je het beste doen als de depressieve klachten voldoende zijn verminderd en je inzicht hebt gekregen in jouw kwetsbaarheid én weerbaarheid. Acceptance and Commitment therapie kan hierbij heel behulpzaam zijn. Lees verder over afbouwen antidepressiva.

Wat zijn jouw triggers, wat zijn voor jou signalen dat je klachten toenemen, en hoe ga je daar vervolgens mee om? Het is belangrijk bij deze vragen stil te staan als je wilt gaan afbouwen. Een signaleringsplan kan helpen om jezelf en je naasten handvatten te geven in dit proces.

Het kan fijn en steunend zijn om contact te zoeken met lotgenoten en/of ervaringsdeskundigen. Praten met mensen die ook in dit proces zitten of het al hebben doorgemaakt kan heel prettig zijn.

Afbouwen antidepressiva

Antidepressiva zijn niet verslavend zoals kalmeringsmiddelen dat bijvoorbeeld wel zijn, maar als je te snel afbouwt of in een keer helemaal stopt kun je wel last krijgen van onttrekkingsverschijnselen. Bouw dus niet af op eigen houtje maar stel samen met je behandelaar een afbouwschema op en houd regelmatig contact over hoe het afbouwen je vergaat.

De antidepressiva venlafaxine en paroxetine gaan vaker gepaard met onttrekkingsverschijnselen bij afbouwen. Steeds meer artsen vermijden deze middelen dan ook.

Heel geleidelijk medicatie afbouwen kun je goed doen met taperingstrips. Een taperingstrip is ‘medicatie op rol’ voor een periode van 28 dagen waarmee de dagelijkse dosis van een medicijn in 28 dagen geleidelijk een stuk wordt verlaagd. Voor veel verschillende antidepressiva zijn al taperingstrips verkrijgbaar.
Lees meer over taperingstrips.

Bekijk de animatie “Hoe kom ik van medicatie af?”

Het verschilt per persoon hoe iemand op afbouwen reageert. Sommige mensen merken helemaal niets, anderen hebben enige tijd last van ontwenningsverschijnselen. Langzaam en geleidelijk afbouwen, zeker wanneer je langere tijd antidepressiva hebt geslikt, verkleind het risico op vervelende bijwerkingen.

Hieronder vind je de meest voorkomende onttrekkingsverschijnselen per type antidepressiva:

• SSRI: duizeligheid, slaapproblemen, je geïrriteerd voelen, levendig dromen, griepachtige verschijnselen (hoofdpijn, zweten, rillen), huilerig zijn
• SNRI:
vermoeidheid, duizeligheid, hoofdpijn, slaapproblemen, nachtmerries, droge mond, misselijkheid, agitatie, tintelingen in je lijf
• TCA:
slaapproblemen, veel dromen, griepachtige verschijnselen
• MAO-remmer:
  sufheid, je angstig en geïrriteerd voelen, slaapproblemen, veel dromen, vertraagde spraak en gebrek aan spiercoördinatie


Logo Jim van Os

Prof. dr. Jim van OsVoorzitter Divisie Hersenen, UMC Utrecht. Hij is tevens verbonden als Visiting Professor Psychiatric Epidemiology aan het Institute of Psychiatry te Londen. Hij is sinds 2011 lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en werd in 2016 benoemd tot Fellow van King’s College London

Jim van Os werkt op het raakvlak van ‘harde’ breinwetenschap, gezondheidszorgonderzoek, kunst en subjectieve ervaringen van mensen met ‘lived experience’ in de GGZ. Hij verschijnt sinds 2014 op Thomson-Reuter Web of Science lijst van ‘most influential scientific minds of our time’. In 2014 kwam zijn boek De DSM-5 Voorbij uit, en in 2016 het boek Goede GGZ! (samen met Philippe Delespaul e.a.)

Lees hier meer over Jim van Os. Of volg Jim op LinkedInFacebookTwitter en YouTube!

Externe informatie:

Lees verder over:

Lees verder over medicatie:

  • Deel deze pagina: