Main content

In dit gedetailleerde herstel- en levensverhaal van Iris, komen allerlei onderwerpen voorbij die te maken hebben met psychose; het proces dat er aan voorafgaat; de worsteling met de crisis en wat het daarna met je doet; en het op zoek gaan naar een nieuw persoonlijk toekomstperspectief.

De dynamiek met familie, ouders en vrienden, het gevoel van eigenwaarde, het zijn allemaal belangrijke onderwerpen om aandacht aan te besteden in dit ingewikkelde proces. Dit achtergrondverhaal geeft op een zeer persoonlijke wijze uiting aan de algemene informatie die PsychoseNet biedt op allerlei pagina’s. Deze onderstaande pagina’s sluiten heel goed aan op dit verhaal:

De vijf fasen van psychose en herstel en behandeling en de 5 fasen.

 

Deel 1: september 2016

Psychose

In de zomer van 2015 onderging ik een psychose. Het ging al ruim een jaar niet goed met mij. Ik veranderde van een sociaal en ondernemend meisje in een teruggetrokken en achterdochtig persoon. Mijn omgeving kende mij niet meer zoals ik was. In veel verschillende situaties ondervond ik problemen.

Leefsituatie

Ik woonde toentertijd in Utrecht voor mijn studie in een studentenhuis. Ik merkte dat ik vervreemdde van mijn huisgenoten.

Sociale netwerk

Verder verwaarloosde ik mijn vriendschappen. Ik had van een vriendin afstand genomen vanwege belevingen die ik omtrent haar had.

Ook binnen mijn studie ging het niet goed. Veelal moest ik in projectgroepen samenwerken. Ik versleet werkgroepje na werkgroepje zonder het project af te ronden en zonder een goede samenwerking. Ik was hier niet meer toe in staat. Ik wantrouwde mijn groepsgenootjes.

Ik werd onzeker door de situatie. Dacht bij mezelf: “Waarom ondervind ik veel problemen met anderen? Ik doe toch normaal en mijn best om het hen naar de zin te maken?”

Uitsluiting

Daarnaast voelde ik mij vaak vernederd. Mijn huisgenoten hadden door dat ik psychotisch was en waren naar eigen zeggen bezorgd. Hun bezorgdheid voelde niet altijd even hartverwarmend. Ze dreven de spot met mij. Het huis was gehorig en ik hoorde hen over mij praten en om mij lachen. Ze sloten mij buiten door bijvoorbeeld gezamenlijk te eten en mij hier niet bij te betrekken. Ik raakte vaak in conflict met hen. Ook omdat ik zelf niet geloofde dat ik psychotisch was wanneer ze dit tegen me zeiden.

Een huisgenoot durfde niet meer thuis te zijn als ik aanwezig was. Ze zei tegen de huisbaas dat ze bang was dat ik mijn polsen zou doorsnijden. Ook gaven mijn huisgenoten aan dat ik agressief was en dat ze bang waren door mij aangevallen te worden. Terwijl ik mij juist heel teruggetrokken, vermijdend en angstig gedroeg. Ik voelde geen warmte, betrokkenheid, bezorgdheid of medeleven. Alleen afwijzing en uitsluiting.

Crisis

Toen ik echt uit huis gezet was, ging ik bij mijn ouders wonen. Inmiddels was ik, dankzij mijn zus, in beeld bij de crisisdienst en kreeg ik antipsychoticum. Mijn ouders wilden niet dat ik opgenomen werd. Ze zorgden thuis voor mij. Na drie weken in mijn ouderlijke huis gewoond te hebben, kwam ik dankzij medicatie uit mijn psychose.

Onbegrip

Een opluchting voor iedereen, maar een nieuw hoofdstuk met andere obstakels. Een zware periode brak aan waarin ik opnieuw geconfronteerd werd met de vooroordelen en het onbegrip ten aanzien van mijn kwetsbaarheid. Ik dacht dat het beter zou worden wanneer iedereen in mijn omgeving op de hoogte zou zijn. Mijn gedrag zou verklaarbaar zijn. Men zou het kunnen relativeren.

Iedereen reageerde vriendelijk en begripvol wanneer ik vertelde dat ik een psychose had gehad, maar als puntje bij paaltje kwam, merkte ik dat zij mij op afstand hielden.

Zelfbeeld

Daarnaast wil ik ook niet te negatief over mezelf oordelen. Ik heb vaak pessimistische gevoelens en gedachtes over mezelf: ‘’Ben ik wel de moeite waard?’’ ‘’Zou ik ooit een vriend krijgen of haakt hij af wanneer hij weet dat ik een psychose heb gehad?’’

Schuldgevoel

Ik heb ook soms het gevoel dat het mijn eigen schuld is dat ik een psychose heb gekregen. In de tijd dat ik een psychose ontwikkelde, slikte ik medicatie, Ritalin. Ik heb namelijk ADD. Mijn psychiater had een hoge dosering voorgeschreven en het slikken van Ritalin heeft waarschijnlijk bijgedragen aan het ontwikkelen van mijn psychose. Mijn familie en vrienden merkten dat het niet goed ging en ze raadden mij aan om te stoppen met het gebruik van Ritalin. Ik bagatelliseerde mijn problemen en bleef Ritalin gebruiken. Mijn ouders stuurden mij naar een psychiater, maar gedurende het bezoek speelde ik mooi weer en werd mijn psychische aandoening niet onderkend. In plaats van een recept voor een antipsychoticum ging ik naar huis met een voorschrift voor Ritalin. Ik schaam mij hiervoor. Wanneer ik eerder aan de bel had getrokken, had het minder uit de hand hoeven lopen.

Zelfstigmatisering

Ook vind ik het in sommige situaties lastig om aan te geven dat ik een psychische kwetsbaarheid heb. Ik ben bang voor de reactie van anderen. Zo ben ik na mijn psychose in de ouderenzorg gaan werken als oproepkracht. Gedurende mijn sollicitatiegesprek heb ik niet eerlijk verteld dat ik een psychose heb gehad terwijl ik toentertijd vaak last had van restverschijnselen zoals het horen van stemmen en het hebben van wanen. Bij bepaalde familieleden of kennissen maak ik het ook niet bespreekbaar. Ik weet niet precies of dit iets met zelfstigmatisering te maken heeft of dat het gaat om een stukje privacy. Ik denk allebei. Ik ben vrij extravert, dus heb geen moeite om dingen te bespreken tenzij ik het gevoel heb dat de persoon in kwestie mij veroordeelt of het niet interesseert.

 

Deel 2: December 2017

Studie

In het najaar van 2016 kreeg ik mijn tweede psychose. Ik was net begonnen met de studie ‘’Associate Degree Ervaringsdeskundige in de zorg’’. Ik liep stage in een ambulant team en ik werd steeds achterdochtiger. Ik merkte dat zelf ook en ik ging vaker mijn ideeën toetsen. Ik dacht ik ben goed bezig, want ik pas de vaardigheden toe die ik heb geleerd in de gesprekken met mijn psycholoog.

Medicatie

Ik dacht dat ik de situatie enigszins in de hand had, dus ik wilde mijn medicatie niet ophogen. Ik slikte een lage dosering Abilify. Ik was overgestapt van Risperdal naar Abilify omdat ik bij Risperdal veel bijwerkingen had. Ik kon naar mijn idee goed functioneren op de lage dosering Abilify en als ik meer ging slikken was ik bang dat ik een zombie zou worden, passief en weinig initiatief nemen. Aangezien ik net begonnen was met een studie wilde ik een goede indruk maken en kon ik deze bijwerkingen niet gebruiken. Ook slikte ik in overleg met mijn psychiater een lage dosering Ritalin 10 à 20 mg per dag. Voorheen heeft dit middel een psychose bij mij aangewakkerd, maar ik gebruikte toen een hele hoge dosering. Mijn psychiater en ik dachten dat dit bij een lagere dosering niet psychotisch zou worden. Dit bleek niet het geval, want ik gleed steeds meer af.

Stage

In oktober sprak mijn werkbegeleider haar zorgen naar mij uit. Ze zij dat ik meer ik mezelf gekeerd was en dat ik misschien wat gas terug moest nemen. Ik schrok hier behoorlijk van, want ik had een goede start gehad binnen mijn stage. Ik wilde het heel graag goed doen en ik probeerde haar te overtuigen dat ik verder wilde gaan op mijn huidige werkplek. In het weekend was ik nog psychotischer geworden en ik besloot me op aandringen van mijn ouders ziek te melden.

Crisis

Gedurende die week raakte ik alsmaar verstrikt in een diepere psychose. Ik deed agressief naar mijn moeder. Ik weigerde medicatie. Op een avond liep ik weg van huis. Mijn ouders renden achter mij aan en bij een stoplicht hield mijn vader mij tegen. Ik werd boos en sloeg zijn bril kapot en spartelde wild tegen. De politie moest er bij komen en ik werd weer naar huis gebracht. De dag daarop belde mijn moeder met ACT het vroege psychose team waar ik in behandeling ben. Eerder die week hadden mijn vader en ik contact gehad met de psychiater. We hadden besloten in overleg met de psychiater dat ik weer Risperdal ging gebruiken omdat dit effectief was. Abilify leek weinig voor me te doen ook in een hogere dosering. Ik was het hier niet mee eens en dit zorgde voor de nodige conflicten. Na het telefoongesprek kwamen de sociaal psychiatrische verpleegkundige en een psychiater naar mijn huis. Ik gaf aan dat ik opgenomen wilde worden. Ik had inmiddels een hoop paranoïde ideeën ten aanzien van mijn ouders en wantrouwde ze. Dit deed mijn ouders veel verdriet. Normaal gesproken hebben we een goede band, maar ik keerde me van ze af en deed vijandig. In tegenstelling tot mij eerste psychose werd nu besloten om mij op te laten nemen, omdat dit mijn wens was en ik thuis niet te houden was.

Opname

Ik heb drie maanden opgenomen gezeten. Dit was een zeer angstige periode voor mij. Ik was bang dat de verpleegkundigen op de afdeling mij wilden vermoorden. Ik stond argwanend tegenover familie en vriendinnen. Zij kwamen mij trouw opzoeken en waren lief en begaan. Achteraf gezien heb ik de opname als zeer prettig ervaren ondanks dat ik zo angstig was. Gelukkig was er geen separeer en de verpleegkundigen waren steeds op de groep zodat de sfeer veilig was. Toen ik eenmaal uit mijn psychose begon te raken, deed ik bordspelletjes met de anderen op de afdeling. Ik hoor vaak van anderen dat een opname een verschikking is, maar ik vond mijn opname fijner dan mijn verblijf in mijn ouderlijke huis gedurende mijn eerste psychose. Ik had veel steun aan het lotgenotencontact op de afdeling.

Toekomst

Ik ben nu bijna een jaar psychosevrij en ik merk dat het steeds beter met mij gaat. Ik gebruik Invega en dit is effectief. Ik heb hierbij minder bijwerkingen dan van de Risperdal. Ik heb nog af en toe last van het horen van stemmen, maar verder heb ik geen klachten meer. Ik heb veel geleerd van mijn tweede psychose. Zo gebruik ik geen Ritalin meer. Ik neem minder hooi op mijn vork. Na mijn eerste psychose wilde ik heel snel weer opkrabbelen. Ik kon niet accepteren dat ik een kwetsbaarheid had. Ik was gemotiveerd en gedreven, maar verloor mijn eigen gezondheid uit het oog. Nu wil ik de draad rustig oppakken. Momenteel heb ik geen (vrijwilligers)werk. Ik neem veel rust door minimaal 9 uur per nacht te slapen. Ik sport veel, hardlopen, fietsen, wandelen en met slecht weer op de crosstrainer. Ik ben gestopt met roken. Ik volg de cursus de WRAP (Wellness Recovery Action Plan). Ik heb een mindfulness training afgerond. Verder neem ik deel aan een taalcursus Engels. Ook zie ik geregeld vriendinnen. Aan deze activiteiten heb ik mijn handen op het moment vol. Na de zomervakantie als het nieuwe schooljaar begint, wil ik weer vrijwilligerswerk doen. Ik hoop dat dit leidt naar betaald werk met het diploma dat ik al heb of een opleiding tot ervaringsdeskundige.

Zelfvertrouwen

Ik heb minder zelfvertrouwen gekregen door wat ik heb meegemaakt. Ik stond altijd onbevangen en enthousiast in het leven. Dat is minder zo. Ik denk dat dit voor een deel met mijn medicatie te maken heeft. Hierdoor ben ik wat afgevlakt. Om die reden vind ik het prettig dat ik begonnen ben met afbouwen. Ik doe dit heel rustig aan, want ik wil geen nieuwe psychose riskeren. Ik merk dat ik mijn enthousiasme meer terug krijg door de medicatie vermindering en doordat ik mijn tweede psychose beter verwerkt heb. De crisis die ik heb doorgemaakt kan ik beter een plaats geven.

(Zelf)stigma

Ook heb ik meer geaccepteerd dat ik een psychosegevoeligheid heb en dat ik hier altijd rekening mee moeten houden. Ik schaam mij niet meer voor hetgeen ik heb meegemaakt. Dit komt doordat ik lotgenotencontact heb. Nu ik ondervind dat ik niet de enige ben kan ik mijn kwetsbaarheid beter accepteren.

Ook merk ik dat mijn omgeving mij minder stigmatiseert. Zij zijn ook gewend aan het idee. We praten over mijn kwetsbaarheid en deze openheid leidt tot begrip. Mijn leven is anders gelopen dan hoe ik het mij heb voorgesteld, maar dat neemt niet weg dat ik nog steeds een waardevol en mooi leven kan hebben.


Iris

  • Deel deze pagina: