Main content

François schrijft wekelijks over zijn leven met depressie. François schrijft in deze blog over zijn ervaringen met medicatie. “Ik ben vóór antidepressiva. Als die krengen nou maar werkten. De misère is enorm en wat zou het goed, geweldig, geniaal zijn als ze deden wat ze beloofden.”

Begin 2017 voel ik mezelf vallen, diep diep vallen in een zwarte put en gek worden van spijt, woede, verdriet en wanhoop. Totaal van slag sleep ik mezelf naar de dokter en smeek hem snotterend om antidepressiva. Ik krijg meteen Sertraline (Zoloft). Later lees ik dat dit een SSRI is, de meest recente soort antidepressiva. Een pil die iets met mijn serotonine doet? Na enkele dagen wordt alles erger, het lijkt wel of ik nog enkele meters dieper de put in wordt geschopt. Alles is al veranderd en ik begin nu ook anders te praten, met een andere stem. Maar het devies is duidelijk: “Niet stoppen, doorgaan, het duurt weken voordat de positieve effecten gaan werken.” Op een bepaald moment lig ik in bed te huilen en te jammeren en kan ik niet stilliggen van de stuiptrekkingen.

De dokter komt langs en stuurt me diezelfde dag naar het ziekenhuis

De psychiater in het ziekenhuis geeft me andere antidepressiva: Nortrilen. Ik moet langzaam afbouwen van Sertraline en tegelijk langzaam opbouwen van Nortrilen. De psychiater verandert kalmeringsmiddel Oxazepam in Lorazepam. En ik krijg antipsychotica voorgeschreven: Olanzapine.

Pas later besef ik dat ik in die tijd zo’n vaatdoek was dat ik alles had geslikt, alle pillen en alle praatjes. Maar het wordt niet beter, niet na enkele weken en ook niet na enkele maanden. Wel blijf ik alles slikken. Ongeveer een jaar later vraag ik aan mijn (inmiddels derde) psychiater of ik de Nortrilen mag inruilen voor Mirtazapine. Een vriend vertelt me dat het als bijwerking de slaap verbetert. Nou, daar heb ik wel oren naar, want beroerd slapen of liever niet slapen is één van de meest giftige symptomen van mijn depressie. Ik begin met Mirtazapine.

Coldplay: When you get what you want but not what you need.

Ook Mirtazapine geeft geen soelaas, zie blog De cardioloog. Mijn psychiater denkt helaas wel ineens hartproblemen te zien (nooit eerder gehad) en stuurt me naar de cardioloog. Mogelijke bijwerkingen van antidepressiva en antipsychotica: hartproblemen. Ik ga van mijn woonplaats in Zeeuws-Vlaanderen drie keer op en neer naar het ziekenhuis van Leiden voor een second opinion en spreek daar voornamelijk met een jonge psychiater in opleiding die andere antidepressiva voorstelt.

Rond die tijd ben ik weer iets beter in staat om wat te lezen en kom ik tot een vreemde, verrassende ontdekking

Al jaren, nee, al decennia woedt er een heuse oorlog omtrent antidepressiva. Er wordt heel erg aan het nut getwijfeld, sommige psychiaters noemen het vergif en raden het sterk af. Er is een tsunami aan negatieve berichtgeving over antidepressiva. Ik schrik. Wat heb ik al die tijd in hemelsnaam geslikt? Maar blijkbaar zijn al die artsen en psychiaters die miljoenen mensen over de hele wereld antidepressiva voorschrijven het niet eens met al die negatieve berichtgeving.

Tsunami, welke tsunami?

Ik denk – natuurlijk!, zoals altijd in mijn leven – dat ik de enige ben waarbij de pillen niet helpen. Maar weet nu beter. Ik voel me bedrogen. Natuurlijk heb ik wel gehoord dat er kritiek was, vooral over de bijwerkingen, maar de hoeveelheid kritiek uit serieuze hoek op antidepressiva is echt schrikbarend veel en oorverdovend hard. Ik kom zoals zo vaak in mijn leven te laat achter de waarheid: ik denk dat ik de enige ben, nee, ik ben één van de velen. Het enige verschil is dat ik erover schrijf.

Ik duik in alle kritiek en alle steun voor antidepressiva

Het is een enorme berg en ik besef al snel dat ik hier als leek nooit uitkom. The New York Times spreekt van The antidepressant wars. Ik lees over ontelbare onderzoeken tijdens de afgelopen decennia, talloze methodes, statistieken, getallen, grafieken, veel gedoe over placebo’s, de ene test nog wetenschappelijker dan de ander, en mensen die de uitslagen van de onderzoeken en testen toejuichen of heftig tegenspreken.

Wat het meest verbluffend is, zijn de wetenschappelijke onderzoekers, artsen en psychiaters, officiële toezichthouders op geneesmiddelen en redacteuren van medische tijdschriften die financiële belangen dan wel een verstrengeling van belangen hebben met de machtige en rijke farmaceutische industrie.

Men maakt, ook in ons land, elkaar uit voor rotte vis. Voorstanders zeggen: je maakt depressieve mensen bang voor medicijnen die hun leven kunnen redden. Tegenstanders hebben het over de enorme schade die antidepressiva aanrichten.  Op de site van Medicating Normal vind je talloze filmpjes van tegenstanders uit de Engelstalige wereld. Maar er zijn veel meer sites vol deskundigen die twijfel zaaien.

Zelfs psychiater Peter Kramer, de man die het beroemde/beruchte Listening to prozac (1993) schreef, en die de bijnaam Prozac man kreeg, vertelt nu dat hij terughoudend is in het voorschrijven van antidepressiva. “Ik vertrouw erg op therapie en stel antidepressiva uit tot ik niks anders meer tot mijn beschikking heb. En zelfs dan zal ik hoe dan ook eerder te weinig dan te veel pillen voorstellen, een lagere dosering en voor kortere tijd.”

Wat nu gezegd moet worden: misschien was mijn ellende zonder de antidepressiva nóg erger geweest

Ik denk van niet, maar weet dat niet zeker. Wat ook gezegd moet worden: toen ik in overleg afbouwde van antidepressiva bleek dat geen probleem.

Sinds enkele jaren werk ik als vrijwilliger voor de Depressie Vereniging en spreek veel mensen die met depressie te maken hebben. Elke keer als ik iemand spreek die antidepressiva slikt, dan is die persoon… depressief. Allemaal. Ja, er zijn enkelen die niet meer depressief zijn, die slikken al decennia en hoewel ze zich beter voelen en redelijk functioneren, blijven ze slikken want “ik ben bang dat die depressie anders terugkomt.”

Als antidepressiva niet werken dan stelt de arts/psychiater andere antidepressiva voor, en als die niet werken weer een ander.

Als het slechter gaat, zegt de arts niet “Die antidepressiva werken niet”, maar verhoogt-ie de dosis.

Als het beter gaat, denk je dat het de antidepressiva zijn en ga je door met slikken.

Als je klaagt over de akelige bijwerkingen en dat de pillen niet werken, dan hoor je: ze werken pas positief na weken, gewoon doorgaan.

Als het écht beter gaat zegt de arts: nog minstens zes maanden doorgaan met slikken, anders is er een risico dat je terugvalt.

Als je langzaam stopt en afkickverschijnselen hebt, dan hoor je: dat zijn verschijnselen dat de depressie terugkeert, beter weer terug naar een hogere dosis.

Als je leven niet goed of slecht is, dus ‘gewoon’, dan ga je door, bang dat als je stopt de depressie erger wordt of terugkomt.

Kortom: als je leven beter gaat, slechter gaat of hetzelfde is, je gaat door met slikken. Dus iedereen, altijd, overal, levenslang. Wie hoor ik huilen en wie hoor ik lachen?

Wetenschapsjournalist Robert Whitaker vertelt het volgende verhaal

Vroeger werden psychiaters door hun collega-specialisten in het ziekenhuis niet serieus genomen. Wij, de echte specialisten, zijn met iets concreets bezig, met het gezond maken van zieke lichamen door middel van medicijnen, apparatuur, ingrepen en operaties. Jullie psychiaters zijn bezig met therapie, dus met iets wazigs, iets vaags, het hoofd, de geest. Genezen jullie echt zieke lichamen? De psychiaters wilden ook serieus worden genomen en maakten van geestelijke ziektes een biologisch iets, dat – ja, zo gaat dat met lichamelijke ziektes – genezen kan worden met medicijnen, met pillen.

Nadat de psychiaters therapie uit handen hadden gegeven aan psychologen, bleef er voor de psychiaters maar één middel over: pillen, antidepressiva. Dus ik begrijp waarom psychiaters niet blij zijn als je kritisch bent over antidepressiva, het enige dat ze nog tot hun beschikking hebben. Als je antidepressiva afpakt van psychiaters dan blijven ze achter met niks in hun handen. Het is als een soldaat de oorlog insturen zonder een geweer.

Conclusie: ik ben vóór antidepressiva. Als die krengen nou maar werkten

De misère is enorm en wat zou het goed, geweldig, geniaal zijn als ze deden wat ze beloofden. Natuurlijk, pillen zijn tijdelijke, chemische symptoombestrijders en oppervlakkige quick fixes, geeft niet, op de lange termijn zijn er andere, echte oplossingen. Als je midden in een depressie zit en ligt te kronkelen van de pijn, dan is het een broodnodig middel. We hebben ze heel erg hard nodig. Ik had ze heel erg hard nodig.

Nu, achteraf gezien, had ik misschien alleen pammetjes (Oxazepam, Lorazepam) moeten slikken, die werkten, en meteen, ze haalden tijdelijk de scherpste kantjes van de ellende af. Ook toen ik daar langzaam mee stopte, bleek dat geen probleem¹.

Woody Allen komt in zijn film Stardust Memories enkele buitenaardse wezens tegen die net uit hun vliegende schotel zijn gestapt. In zijn wanhoop stelt Woody de voor hem meest wezenlijke, essentiële, existentiële vraag: “Alsjeblieft! Vertel me, wat is de zin van het leven?” Hun antwoord gaat niet over God en niet over de Ultieme Zin van het Leven.

Afbeelding Pills

De buitenaardse wezens zeggen tegen hem met krakende stemmen: “Tell better jokes!”

Ik zou zeggen: “Make better pills!”

Als u het helemaal niet eens bent met deze tekst en het veel te negatief vindt over antidepressiva, veel te anti, dan bent u anti anti antidepressiva.


François de Waal werkte als tv-maker en jurist. Hij werkt nu als ervaringsdeskundige bij de Depressie Vereniging.

Meer lezen:

¹ Benzodiazepinen hebben een verslavende werking. Gebruik deze medicijnen altijd in goed overleg met een arts en bouw zorgvuldig af. Je kunt er op deze pagina meer over lezen.
  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *