Main content

Denise schrijft in deze blog over de gebeurtenissen rondom het verblijf en de vrijlating van heer T. Nadat hij zijn straf heeft uitgezeten komt T. weer vrij. Een maand voor zijn vrijlating ontdekt Denise dat er maar weinig is geregeld rondom zijn vrijlating. Het blijkt een hele klus om opvang te regelen.

Tot oktober 2012 verbleef heer T. in de PI Vught

Denise vertelt in deze blog hoe dat kwam. Daarna volgde opname in de forensische kliniek in Den Dolder. Aanvankelijk was hij daar op zijn plek – eindelijk de zorg die hij nodig had. Er was een goed contact met de behandelaars en het maatschappelijk werk. Ik bezocht hem daar regelmatig. Het was voor hem wel moeilijk dat hij daar niemand kende. Na verloop van tijd kreeg hij meer vrijheden in de kliniek. Maar hij ging die vrijheid misbruiken om stuff te kopen. Er volgde ontslag uit de kliniek en hij moest het voorwaardelijke deel van de straf alsnog uitzitten.

Hij vertrok in mei 2013 naar de PI te Zwolle. Eerlijk gezegd was het voor mij een raadsel. Waarom was dit het beleid in deze kliniek?

Waarom wordt iemand die behandeld wordt voor een dubbele diagnose eruit gezet als het mis gaat?

Als hij terugvalt in gedrag dan moet hij daar toch juist voor behandeld worden? Dus heer T.. Je mag nu tot 13 augustus je straf uitzitten in Zwolle. Ik moet hier nog wel bij opmerken dat het personeel, het maatschappelijk werk, bijzonder begripvolle mensen waren. Echt mooi in zulke moeilijke tijden.

Een maand voordat hij vrij zou komen ben ik gaan informeren wat er zou gebeuren als hij vrij kwam

Wat bleek: er was geen plek waar hij terecht kon. Er was helemaal niets geregeld. Ik kwam toen terecht bij het zo geheten Veiligheids-Huis. Dat is een samenwerkingsverband tussen Politie, Justitie, Reclassering, de Brijder verslavingszorg en de GGZ. Zij komen bijeen om te overleggen over wat er geregeld moet worden bij de vrijlating van een gedetineerde.

Aanvankelijk reageerde tijdens het overleg de dame die de zaak coördineerde nogal koeltjes. Zij vroeg mij: “Wat is eigenlijk uw functie hier?” Ik heb haar toen duidelijk gemaakt dat ik zijn moeder, maar ook zijn mantelzorger was. Dat ik ervoor wilde zorgen, dat hij niet op straat kwam te staan. Later bedacht ik, dat ik bang was dat er helemaal niets geregeld zou zijn als ik niet bij die bespreking aanwezig was geweest. Tot mijn verbazing en ontzetting ontdekte ik, dat er helemaal niets was geregeld.

De verschillende aanwezige partijen waren allemaal bezig elkaar de hete aardappel toe te schuiven

Niemand wilde de verantwoordelijkheid nemen om deze toch ernstig zieke jonge man te helpen. Een ambtenaar in dienst van de gemeente vertelde dat hij ter oriëntatie bij T. op bezoek was geweest.

Hij was verrast tijdens deze ontmoeting: “Het bleek zo’n aardige jongeman te zijn

Uiteraard ben ik tijdens die bespreking heel boos en verdrietig geworden. Ik heb een emotionele oproep gedaan om die ‘aardige jongeman’ te helpen. Naast mij zat op die bewuste dag een medewerker van de Politie. Hij was de enige die adequaat reageerde en heeft na die bespreking contact met mij opgenomen.

Hij heeft de mannen van Vangnet & Advies (GGD) naar mij toegestuurd

Die zijn bij mij langs geweest en hebben met mij de zaak doorgesproken en mij geadviseerd wat de beste aanpak zou zijn. Ook bood een van hen mij aan om bij de volgende bespreking aanwezig te zijn om mij te steunen. Echt mannen waar je wat aan hebt.

De laatste bespreking zou een week later zijn.

En toen bleek dat er nog steeds helemaal niets geregeld was. En dat terwijl T. drie dagen later vrij zou komen. Op die bewuste bespreking is weer opnieuw alles door gesproken. Met dezelfde ‘IJzeren Heinen aanpak’: iedereen hield alles af. Na een korte pauze kwam het nieuws: de GGZ zou hem opnemen. Ik zou later die dag gebeld worden door een van hun medewerkers met de precieze locatie waar T. terecht kon.

De politieman sprak af om later die dag nog even langs te komen om alles door te spreken

Hij kwam bij ons thuis en ik vertelde hem hoe blij en opgelucht ik was dat er toch een oplossing was gevonden. Hij sprak toen de gedenkwaardige woorden: “Ja, maar wel nadat ik een paar van die leden op hun kop heb gehouden bij de koffieautomaat!” Ik ben hem veel dank verschuldigd. Wat een man. In de verwarring heeft hij nog zijn portefeuille bij ons laten liggen, met van alles erin. Die kwam hij ’s avonds ophalen, net toen een vriend en zijn vrouw bij ons op bezoek waren. Die vriend had ik gevraagd om de volgende dag samen T. op te halen.

We moesten heel vroeg op pad, omdat ze mensen gewoon ontslaan om negen uur ’s ochtends

Ja daar stond hij dan, met trillende benen en in zijn hand een vuilniszak met z’n spulletjes. Ik ga hier niet uitgebreid beschrijven hoe dat die dag allemaal ging. Maar ik kan u wel vertellen dat nog steeds als die vriend en ik die dag memoreren hij moet huilen.


Denise Holtkamp (Amsterdam 1952) is moeder van een psychosegevoelige jongeman sinds 1985. Zelf opgeleid als beeldend kunstenaar aan de Rietveld Academie (1980). Werkzaam geweest als docent beeldend aan De Blauwe Schuit te Hoorn, sinds 1985 werkzaam als vrij beeldend kunstenaar/ graficus.

Meer informatie:

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *