Main content

François vertelde vorige week wat ego is en hoe die kan groeien en groeien en de macht kan grijpen en kan veranderen in een depressie. Deze week enkele voorbeelden om te zien wanneer niet ons betere ik, je wijze, spirituele zelf spreekt, maar je ego.

Als je, zoals de meeste mensen, door je ego wordt geleefd, dan ziet je leven er zó uit: je bent ongeduldig, ontevreden, vlug geïrriteerd, je voelt je tekortgedaan en je ziet op die manier niets van de mooie dingen in de wereld, in anderen en in jezelf. Je piekert over ellende in het verleden en over ellende in de toekomst. Je bent gestrest, boos en jaloers. Je wreekt je op jezelf (vrouwen straffen zichzelf, bewerken zichzelf met een mes, worden depressief) of op ande­ren (mannen straffen anderen, bewer­ken anderen met een mes, worden psy­chopathisch). Je moét bijzonder zijn en horen bij het succesvolle groepje dat “ertoe doet”, maar of die dingen nou wel of niet lukken (vaak niet), jij vindt het nooit genoeg en gaat drie minuten na elk succes(je) wanhopig verder met een ander succes(je) najagen. De tijd vervliegt, maar jij arriveert nooit, geniet nooit, voelt je nooit goed genoeg met je baan, je huis, je auto, je vakanties, je partner, en al je indruk-wekkende succes.

Hoe weet je dat je ego praat? Hoe herken je ego?

Als je ego praat, is het onrustig in je hoofd; de zeurende, bange, negatieve lawaaistem vergalt je leven. Hieronder een aantal manieren om te weten te komen wanneer niet je spirituele zelf spreekt, maar je ego.

  • Je vergelijkt jezelf steeds met mensen die het beter doen dan jij, die meer succes hebben, en aan die mensen ga je een hekel krijgen. Alles in je leven wordt een wed­strijd, je moet beter zijn dan anderen, meer hebben en zijn dan anderen, mooier, opvallender en rijker. Je maakt luidruchtig duidelijk dat jij meer hebt en beter bent dan al die luie slappelingen. De beste zijn!
  • Ook ontmoetingen en gesprekken met anderen zie je als wedstrijden. Als je praat met anderen, luister je niet of slecht en je bent steeds bezig met wat jij straks gaat zeggen. Je over­drijft en liegt als dat nodig is, en dat is best vaak.
  • Je bent snel beledigd en gaat dan zeuren en je gelijk halen: “Hoe durven ze!” Je wordt eerst boos, daarna bitter en als het moet, span je een proces aan.
  • Al je eigen, egoïstische daden vergoelijk je, ja, het verdient misschien niet de schoonheidsprijs maar in dit geval was het gewoon echt nodig. Je zit vol smoezen: je gedraagt je slecht want “iedereen doet het”.
  • Je bent enorm gespitst op andermans fouten: als iemand maar de minste hint van een vergissing maakt, zal je geen gelegenheid voorbij laten gaan om het op te merken, erop terug te komen en van een mug een olifant te maken (veel columnisten, advocaten, politici, tv-praatjesmakers en alle internetblaffers).
  • Jij moet altijd bijzonder zijn, of het nou een nieuwe, dure auto is of een ontmoeting met een bekende Neder­lander, als je er maar op feestjes over kunt opscheppen en anderen jaloers mee kunt maken. Voor sommigen is het een fulltime job om de hele dag bij elke gelegenheid het kinderachtige ‘Kijk mij!’ impliciet te roepen. Voor jou geen vakantie maar supervakanties, geen baan maar een superbaan, geen sport maar supersport, geen huis maar een superhuis, geen partner maar een superpartner.
  • In je hoofd zit steeds die stem die je onderuithaalt, die zegt dat je dit stom zei en dat stom hebt gedaan. Voor je ego ben je nooit perfect genoeg.
  • Door al dat gepieker van je ego ben je zo ongelukkig dat je die pijn gaat verdoven met een of meer obsessies: voedsel, suiker, drank, geld, spullen, aandacht, applaus, opscheppen, gokken, videogames, porno, Netflix, godsdienst, misdaad, televisiekijken, veiligheid, shoppen, bezuinigen, schranzen, vermageren, winnen, het slachtoffer spelen, verliefdheid, relatie, seks, aanzien of succes.
  • Je denkt veel na over geld en seks. Eigenlijk is de hele wereld een potentieel slachtoffer om geld aan te verdienen en de helft van de wereld een potentieel seksobject. Alle geluk zoek je buiten jezelf.
  • Je voelt je slecht, er is altijd schaamte, schuld, boosheid of verdriet over dingen uit het verleden, en je blijft altijd piekeren, je zorgen maken en angstig zijn voor dingen in de toekomst. Zodat je nooit geniet, nooit kan genieten van het huidige moment, het hele leven in de vorm van alle nu­-momenten gaat aan je voorbij en na jaren en jaren van leven in deze zombietoestand, zeg je als je eenmaal wakker wordt dat je je “leeg” voelt. Je leven voelt als een leugen, een masker, een pretentie, een buitenkant, een façade, nep. Is that all there is?
  • Er is altijd sprake van ruzie, roddelen, conflicten, spanningen, confrontaties en willen overtuigen. Je bent altijd bezig met anderen veroordelen, je hebt steeds iets aan te merken. De lelijke mensen zijn losers en de mooie zijn opscheppers. De dikke mensen zijn varkens en de dunne zijn geobsedeerd door sport­ en gezondheid. De arme mensen zijn zielige sloebers en de rijken zijn opschepperige uitslovers. Het is nooit goed. Jij probeert jezelf naar boven te stuwen door anderen naar beneden te halen, te veroordelen.
  • Je stelt doelen waar je je aan moét houden, je moét perfect zijn. Je stelt jezelf strakke deadlines zoals de belachelijkste: vóór mijn veertigste moet ik miljonair zijn. Je zúlt je doel bereiken; als het moet met liegen en bedriegen.
  • Je bent blij als het succesvolle anderen slecht gaat, als ze ontslagen worden, als ze ongelukkig zijn, als ze ziek worden, scheiden, failliet gaan, depressief raken, zelfs als ze doodgaan. Ja, ook je “vrienden”.
  • Je bent altijd druk druk druk, je neemt geen seconde rust en wilt zoveel moge­lijk dingen tegelijk doen, werken, rennen, ro­ken, drinken, nagelbijten, gevaarlijke dingen doen, vergelijken, sexen, tv ­kijken, alles snel doen, met als gevolg tanden­ knarsen, spierpijn, hoofdpijn, maag­zweren en hartinfarcten. En oh ja, ie­mand die het niet druk heeft, is “een watje”.
  • ‘Kleine’ (zwakke, arme, jonge, onopgeleide, ondergeschikte) mensen minacht je, verneder je, behandel je slecht, schof­feer je, lach je uit, beledig en negeer je, maar bij ‘grote’ (machtige, imponerende, be­kende, “belangrijke”, rijke, invloedrijke) mensen ben je behaag­ziek, knik je schijnheilig ja en ga je ineens slijmen. Likken naar boven en trappen naar beneden.
  • Je maakt je verleden mooier dan het is, je vaders/moeders baan maak je belangrij­ker, het vroegere, huiselijke geluk maak je mooier, zelfs je naam probeer je deftiger te maken.
  • Je hebt eeuwige twijfels over jezelf, je hebt veel zelfkritiek en anderen duw je weg want je bent bang dat zij dan ook die kwetsbare kant van je zullen zien. Niemand mag dichtbij komen om je echte, authentieke, zachte kant (het kwetsbare vlees onder het plastic masker) te zien en je bent dus ook bang voor intimiteit. Al je relaties zijn geen relaties.
  • Uiterlijk is erg belangrijk, dus modieuze kleren, opvallende juwelen, prestigieuze auto, opschepperig huis(inrichting), aanstellerig haar, rare kijk-mij-eens-make­ up, tattoos en piercings, te witte tanden en plastische chirurgie, een ordi­nair glimhorloge en zonder oponthoud geld uitgeven aan je uiterlijk.
  • Prijzen willen winnen zoals diplo­ma’s, een lintje, een titel, erebaantjes, promotie en salarisverhoging, want status en carrière zijn erg belangrijk.
  • Eindeloos klagen over alles en iede­reen, maar nooit tegen de persoon die er wat aan zou kunnen doen en hele­maal nooit actie ondernemen om het probleem daadwerkelijk op te lossen.
  • Bang en gek worden als je alleen bent en het stil is, maar dat dan ‘saai’ en ‘burgerlijk’ noemen, net zoals rust en tevre­denheid dingen zijn voor ‘saaie, burger­lijke typetjes’. Het lawaai opzoeken om je pijn erin te verdrinken.
  • Er is maar één manier, de jouwe, en verder is iedereen gek; je voelt je dus stiekem eenzaam, apart en buitenge­sloten en niet verbonden met anderen.
  • Je bent een nemer, geen gever, en als je al wat geeft, doe je dat alleen om er iets, liefst iets groters, voor terug te krijgen. Wanneer dat niet gebeurt, sla je op tilt.

Nog een heel onschuldig voorbeeld van ons ego

Je ego fluistert in je oor dat er een heerlijk stuk chocoladecake in de koelkast op je ligt te wachten. Als je verstandig bent, jezelf kan beheersen en “nee, dank je” zegt, zal ego net zo lang zeuren tot je gaat twijfelen. Hij is sluw en zal alle smoezen en rechtvaardigingen verzinnen om je naar de koelkast te lokken. Ja, hij kent je als geen ander. Ach joh, je bent gek op chocoladecake. Hij ziet er echt heerlijk uit. Je hebt de hele dag hard gewerkt, jij hebt toch wel recht op één pleziertje? Voor één keertje maar! Je kan er niet meer tegen en loopt naar de koelkast, haalt hem eruit en begint. En terwijl je aan het eten bent, gaat ego alles verpesten, hij gaat je veroordelen en uitschelden. Slapperd! Dikzak! Waar ben je mee bezig? Waar is je wilskracht?!

Dus eerst verleidt je ego je, dan dwingt hij je, dan doe je wat hij wil, en dan gaat hij je veroordelen. Op deze manier zijn er talloze, veel en veel ergere dingen die ego veroorzaakt en zo ons leven tot een hel maakt. Bij ego kan je het nooit goed doen, een wedstrijd die bij voorbaat is verloren. Hoe dan ook zal hij je vloeren, je met huid en haar opeten.

Uit deze opsomming wordt duidelijk in wat voor een zeurende hel de meeste mensen dagelijks leven

Dit geldt ook voor Quote­-miljonairs en BN’ers, nee, voorál voor hen. Hun angst is zó groot dat zij harder dan de rest geknokt hebben om die nepoplossingen (roem, poen) te pakken te krijgen. Maar hoe rijk, beroemd, succesvol en mach­tig je ook wordt, je blijft een trillende angsthaas, een slaafje van ego.

Besef dat je ego alleen nepoplossin­gen kent en dat er maar één echte oplossing is. Wijsheid, kalmte, deugdzaamheid, zelfbeheersing, gezond verstand. Je ego is een spirituele kanker die zeurt, dramt en doodt. Als jij je ego niet breekt, breekt hij jou.


François de Waal werkte als tv-maker en jurist. Hij werkt nu als ervaringsdeskundige bij de Depressie Vereniging.

Meer lezen?

Meer lezen over het dagelijks leven?

  • Deel deze pagina:

Reacties:

  1. Beste Iffy, hartelijk dank voor je reactie. Je hebt gelijk. Ik denk dat onze doodsangst (ego) veel verschillende uitingsvormen heeft. Dus niet of-of, maar en-en. Bij de één is het paranoia, bij de ander is het stemmen horen, bij mij is het depressie (je leven is kapot en het komt nooit meer goed → pijn, wanhoop, verdriet, dood willen).

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *