Main content

In dit blog beschrijft Geeske hoe een opeenstapeling van activiteiten ervoor zorgt dat haar lichaam aangeeft dat grenzen stellen van belang is.  

Zaterdag. Ik zit net een kwartiertje in mijn auto wanneer ik schrik van het alarm van mijn telefoon. Het overruled de navigatiefunctie ruw en galmt op een fiks volume door de boxen van mijn auto. Ik zucht even. Met een snelle veeg swipe ik de oplichtende melding van het beeldscherm: ‘22.00 uur – medicatie’.

De stilte valt weer in. Ik neem de eerstvolgende afslag naar een parkeerterrein voor een slok fris water om mijn dagelijkse hoeveelheid Lithium mee in te nemen.

Ik ben vanavond nog laat op pad besef ik me

Ik moet nog ruim twee uren rijden voor ik thuis ben en de weersomstandigheden zijn slecht, het sneeuwt. Het wordt een stuk later dan ik vooraf had verwacht. Ik besluit niet te lang tussen de bonte verzameling vrachtwagens op het parkeerterrein te blijven staan. Ik zet mijn auto weer in de versnelling en rijd rustig verder naar huis waar ik uiteindelijk, royaal na middernacht, arriveer.

Zondag. Ik hoor de bel en ren naar beneden om mijn vriendin binnen te laten. Ze heeft me al een tijd geleden uitgenodigd om mee te gaan naar een concert dat vanavond in Amsterdam plaatsvindt. We drinken nog een gezellig kopje thee, alvorens we gaan geef ik mijn man en kinderen een ‘knuffel en een kusje’ volgens de ingesleten gezinstraditie. Dan vertrekken we. Ik heb er zin in!

De reis verloopt voorspoedig, alles is gepland en we arriveren mooi op tijd. Zorgeloos. Eenmaal binnen blijkt het geluid wel heel erg luid voor mijn toch wel gevoelige gehoor te zijn. Ik onderdruk drie uren lang het gevoel mijn vingers in mijn oren te willen stoppen. Ik lijk de enige die er last van heeft. Ik verman me en beleef gelukkig toch een prachtige avond.

Om half twee ben ik weer thuis en ik kan de slaap niet vatten. Het wordt laat

Maandag. Het is ochtend. Ik zit tegenover mijn psychotherapeut in de praktijkruimte op een sofa. We bespreken een onderwerp dat me ongewild meer raakt dan ik zou willen en ik stap over de emotie heen. Ik weet wat ik hierover wil vertellen en hoe ik dat wil zeggen en dat gaat voorspoedig.

Opeens word ik me gewaar dat er iets niet lijkt te kloppen: Ik maak mijn blik los en neem de ruimte om me heen vluchtig in me op. Er lijkt een soort van stabiliteit verloren te zijn gegaan te zijn in de ruimte. De meubels deinen zachtjes op en neer op een ogenschijnlijk vloeibare eikenhouten vloer. Wat irritant hinderlijk. Ik negeer het onprettige fenomeen.

Ik richt me weer op de persoon tegenover me en vervolg mijn verhaal, pretendeer dat alles normaal is. Ik heb de lijn van het verhaal gelukkig nog te pakken en ik ben niet van plan me af te laten leiden. Dat lukt me nog enkele seconden.

En dan vanuit het niets overvalt de paniek me, want… Ik val!

De bank glijdt vanuit het niets onder me weg. Mijn adem stokt. In een razendsnelle reflex zet ik me schrap en kijk ik in een reflex naar wat er bij mijn voeten gebeurt en grijp ik de sofa krachtig vast.

Mijn voeten hebben nog contact met de vloer zie ik met enige opluchting, zij het wel op een vreemde manier. Ik verleg mijn aandacht. Mijn therapeut bestudeert me aandachtig zie ik.

Ik heb geen flauw idee meer wat ik aan het vertellen was en besef me tegelijk dat mijn reflexen en schrik hem waarschijnlijk opgevallen zijn. Ik constateer dat ik dit nu eigenlijk, een beetje tot mijn spijt, niet meer verzwijgen kan.

‘Sorry, ik ben een beetje duizelig’.

Nu dat hoge woord eruit is kan ik mijn blik gelukkig zonder enige schroom focussen op een hoge geplaatste draagbalk in de muur, mijn blik zo ver mogelijk verwijderd van het wild golvende eikenhout dat me beangstigt.

Ik voel dat ik scheel kijk. Het kan me niet schelen, ik houd vast. Ik voel korte tijd later dat de ruimte weer tot rust komt, ik hoef er mijn blik niet eens voor los te maken. Ik laat mijn blik weer zakken.

De rust is wedergekeerd

Ik richt me weer tot mijn therapeut en maak voorzichtig weer oogcontact. Ik voel me verlegen. Hij kijkt open geïnteresseerd en zegt niets. Dat is wel vreemd. Dan besef ik me dat ik hem nog niet verteld heb dat alles weer normaal is. Ik vervolg quasi onschuldig:

Het is alweer over hoor.”

Er volgt een stilte…

Komt dit door je slaaptekort of vanwege de emotionele belasting denk je?

Ik weet het niet.

 We ronden de sessie kalm af.

Ik ben me opnieuw bewust van het feit dat ik grenzen heb en neem me voor weer wat beter op mijzelf en op mijn grenzen te letten. Dat voelt goed.


Geeske Roorda schrijft regelmatig voor PsychoseNet over haar zoektocht naar goede hulpverlening en het goed zorgen voor zichzelf.  Lees hier haar andere blogs. 

Fotocredits: Model: Geeske Roorda. Foto en bewerking door Geeske Roorda

Meer informatie:

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *