Main content

“Uit hoeveel personen bestaat het redactieteam van PsychoseNet eigenlijk?” of “Wat is jullie persoonlijke achtergrond?” We horen deze vragen regelmatig op de redactie. Lees hier hoe onze webredacteur Geeske Roorda haar plek vond bij PsychoseNet.

De redactie van PsychoseNet bestaat uit twee personen: Anne Marsman (hoofdredacteur) en Geeske Roorda (webredacteur).

We starten met een interview met onze kersverse webredacteur Geeske. Geeske is sinds anderhalf jaar betrokken bij PsychoseNet. Ze startte twee jaar geleden als blogger op PsychoseNet en werd vervolgens in juli 2018 ook vrijwilliger. Ze werkte achter de schermen o.a. aan de Sociale kaart en het eSpreekuur. Per 1 augustus 2019 is Geeske in dienst getreden bij PsychoseNet als webredacteur, waar ze vier dagen per week redactie bemant.

Wie ben je?

Ik ben Geeske Roorda, ik ben geboren in 1982 en ik ben woonachtig in Heerenveen. Ik heb een leuke man en twee ondeugende zoons die in 2010 en 2012 ter wereld kwamen. We kamperen graag met onze caravan, waarbij we doorgaans helemaal niet ver hoeven te reizen om de mooiste plekjes te ontdekken.

Waar kom je vandaan?

Ik ben samen met mijn zus en broertje opgegroeid in Bergum, een middelgroot dorp in Friesland. Mijn ouders hadden daar een twee-onder-één-kap woning aan de rand van het dorp, waar ik vanuit het dakraam van mijn slaapkamertje over de landerijen uitkeek. Er was veel mis bij mij thuis. Het was er niet veilig. Mijn ouders hadden een ingewikkelde onevenwichtige relatie en ook een ingewikkelde omgang met de buitenwereld. Dit schermden we als gezin zorgvuldig af voor de buitenwereld. Mijn aanwezigheid binnen het gezin leidde vanaf mijn geboorte tot jaloezie en afgunst.

In mijn ouderlijk huis had ieder kind een rol:

  • ‘Liefdegevend kind’: mijn zus was al piepjong de beste vriendin van mijn moeder. Ze luisterde trouw, troostte, gaf mijn moeder liefde en advies. Ze kreeg nooit liefde terug.
  •  ‘Zorgenkind’: mijn broertje was een zeer moeilijk kind, had ADHD  en heeft een zware vorm van ASS. Hij mocht nooit gestoord of geïrriteerd worden.
  • ‘Prestatiekind’: Mijn rol was om heel goed te presteren, en om mooi te zijn voor de buitenwereld. Ik mocht niet (merkbaar) aanwezig zijn of aandacht vragen.

Allemaal erg ongezonde rollen voor een kind. Op mijn achttiende ben ik, zodra me dat werd toegestaan, direct uit huis gegaan en ben ik op mezelf gaan wonen in Leeuwarden.

Vandaag de dag weet ik dat mijn ouders ons naar hun beste kunnen hebben opgevoed. Ze hadden allebei een eigen specifieke achtergrond en eigen beweegredenen. Het waren geen slechte mensen en ze hebben op hun eigen manier wel hun best gedaan. Dat is belangrijk. Ik heb daar vrede mee.

Mijn moeder is in 2015 heel ruw overleden. Mijn vader is sindsdien aan een tweede leven begonnen waarin er weinig contact is. Hij heeft een metamorfose ondergaan en is nu gelukkiger dan hij ooit is geweest. Ik gun hem dat.

Wat is je professionele achtergrond?

Als kind had ik op de lagere school een duidelijk plan over wat ik later wilde worden; Radiodiagnostisch laborant. Ik zag me als de spil tussen techniek en de mens. Ik bleef bij dat idee tot er op mijn vijftiende een event plaatsvond dat me aangreep. Het deed me op het laatste moment beslissen om toch een andere richting in te slaan. Ik besloot om de opleiding ‘Bedrijfskundige Informatica’ te gaan doen. Zo kon ik het component ‘menselijkheid’ in combinatie met IT behouden.

Ik had het naar mijn zin op de opleiding, ik slaagde. Daarna was ik 15 jaar werkzaam binnen de energiemarkt, meestal in functies waar ik met mensen binnen IT omgevingen werkte. Ik leefde mijn leven, worstelde met werk, met familie en met nare gebeurtenissen, en stuwde mezelf steeds verder vooruit. Tot ik in 2014 ernstig uit balans raakte. Ik heb er een aantal blogs over geschreven.

Hoe kwam je uiteindelijk tot herstel?

Ik heb een lange weg afgelegd. Ik was in nood, maar met een breed scala symptomen paste ik echter in geen enkel hokje binnen de regionale GGZ instelling. Na twee jaar zoeken had ik talloze doorverwijzingen (en evenzoveel afwijzingen) op maar liefst vier verschillende locaties achter de kiezen. Ten slotte werd ik weggestuurd met de mededeling dat ze het gewoon niet wisten en dat ik daarom ‘uitbehandeld’ was. Zonder behandeling. En zonder ooit een psychiater te hebben gezien.

Na nog een jaar manisch/psychotisch rondzwerven in de eerstelijnszorg vond ik gelukkig een fijne behandelplek waar ik direct mocht blijven, en waar mijn partner voor het eerst werd gehoord. Ik kreeg direct medicatie tegen mijn hallucinaties, de wanen en de inktzwarte depressie die zo vaak bij de bipolaire stoornis type I hoort, die ik bleek te hebben. Een uitgebreide second opinion bij een TRTC leidde tot de aanvullende diagnoses CPTSS en DSNAO (AGDS). De traumagerelateerde symptomen die ik heb werden bespreekbaar in de behandelkamer en -voor mezelf- ook beter te plaatsen. Ik begon uiteindelijk te stabiliseren.

Zo brak de fase van herstel voor me aan. Alleen dat herstellen, dat leek bij mij aanvankelijk helemaal niet vanzelf te gaan… Hoe begin je aan herstel als je zoveel verloren bent? En wat als je vaardigheden totaal niet meer hetzelfde zijn? Ik herkende mezelf helemaal niet meer. En ik was mijn baan ook kwijtgeraakt. Hoe kon ik zo nog ‘trots’ op mezelf zijn? Wie was ik eigenlijk nog? Dat vond ik aanvankelijk heel lastig.

Mijn toenmalige psycholoog zei toen tegen me: ‘Geeske, waarom pak je je camera niet? Ga de bloemen in je achtertuin toch eens fotograferen!’ Ik moet vast heel afwijzend gekeken hebben, want als er iets was wat ik op dat moment niet wilde, dan was dàt het wel. Toch begon ik er over na te denken… Ik heb altijd graag gefotografeerd. Ik stelde mezelf de vraag: ‘Wat zou ik dan wel willen fotograferen?’ Dit leidde ertoe dat ik enkele weken later alle meubels op mijn zolderkamer aan de kant schoof, dat ik mijn oude spiegelreflexcamera opzocht en die op een oud statief zette: Ik maakte die middag mijn eerste klassieke portret -van mezelf- in een glimmende kobaltblauwe jaren ’50 jurk.

Deze actie bleek de start van een hele nieuwe carrière: Ik begon me te verdiepen in de surrealistische portretfotografie; ik ging heel veel oefenen en maakte veel zelfportretten. Ik kreeg er steeds meer plezier in. Gimp bleek een prima gratis programma om mooie fantasie-achtige taferelen mee te maken. Ik leerde dat jaar heel veel over fotografie en fotobewerking. Uiteindelijk kocht ik een kleine portable fotostudio, een professionele fotocamera en stapte ik over op Photoshop.

De volgende stap was dat ik zelf model ging staan bij andere fotografen. Dat was ook ontzettend spannend (eng!), maar het gaf me ook voldoening. Mijn eigen fotoprojecten vielen daar op. Het leidde tot de kans om samen met een drietal fotografen en visagiste in een grote professionele fotostudio aan mooie fotoprojecten te werken. Dat was een prachtige stap vooruit. Het was megaspannend, maar ik zette door en het lukte. Ik ben mijn collega-fotografen dankbaar voor de kansen die ze me gaven.

De stap naar professioneel fotograaf lag daarna eigenlijk voor de hand. Zo kon ik, naast mijn WIA-uitkering, weer eigen inkomen te gaan genereren. Het was ook wat mijn omgeving van mij verwachtte. Toch heb ik die stap bewust niet genomen…

Heeft dat te maken met PsychoseNet?

Inderdaad. In 2017 ontdekte ik PsychoseNet en was direct gecharmeerd van de site. Ik voelde me altijd best wel alleen op het gebied van mijn ziek-zijn, ik vond mezelf maar een ‘alien’. Op PsychoseNet vond ik blogs waarin ik herkenning vond. De eerste keer ben ik best wel lang aan het lezen geweest. Hoe zoet kan het zijn het om opeens verhalen te lezen met zulke herkenbare verhalen? Ik ontdekte bijvoorbeeld ook een lastige waan waar ik heel lang mee heb geworsteld (het idee dat mijn gedachten door bepaalde personen konden worden gelezen) veel vaker voorkomt!

Enkele weken later schreef ik mijn eerste blog voor Psychosenet. Dat was best wel spannend, gelukkig kreeg ik mooie reacties. Ik bleef zo nu en dan blogs schrijven. Ten slotte stuurde ik vorig jaar een mail aan de redactie waarin ik aangaf dat ik graag vrijwilliger bij PsychoseNet wilde worden. Een leuk gesprek met Jeroen Zwaal en Anne Marsman volgde. Ik ging aan de slag als vrijwillig redacteur voor acht uur per week, wat ik combineerde met mijn fotografie. Dat voelde goed. Ik ontdekte langzaam dat ik weer dingen kon, allemaal dingen waartoe ik een paar jaar geleden niet toe in staat was.

En nu…?

Inmiddels ben ik alweer een aantal stappen verder. Ik heb op één augustus 2019 de stap naar webredacteur gemaakt. Daarmee ben ik in het kernteam van PsychoseNet gestapt en ben ik vaak te vinden op de redactie.

Als ik nu terugkijk op de jaren die achter me liggen, vind ik het verbazingwekkend om te zien hoe al die kleine stapjes me hier gebracht hebben!


Geeske Roorda is webredacteur voor PsychoseNet. Ook schrijft ze regelmatig over haar zoektocht naar goede hulpverlening en het goed zorgen voor zichzelf.

Lees hier haar andere blogs.  

Meer informatie:

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *