Main content

Scholing ervaringsdeskundigheid

Een opleiding om ervaringsdeskundige te worden is nodig omdat persoonlijke ervaring pas ervaringskennis wordt door deze te delen met anderen, te analyseren, erop te reflecteren en te koppelen aan literatuur. Ook vraagt het inzetten van ervaringskennis specifieke vaardigheden. In een opleiding tot werker met ervaringsdeskundigheid wordt iemand hierop gedegen voorbereid.

Ervaringsdeskundigheid is een competentie en geen beroep. Iemand die werkt als ervaringsdeskundige zal dat meestal doen als ervaringswerker of beleidsadviseur (met ervaringsdeskundigheid). Dat vraagt dus ook andere specifieke competenties, zoals schrijfvaardigheid, mondelinge presentatie of hulpverlenerschap. Ook die kunnen in een passende opleiding worden geleerd.

Wat is ervaringsdeskundigheid

Ervaringsdeskundigheid is het vermogen om op grond van eigen herstelervaring voor anderen ruimte te maken voor herstel. De kennis die door reflectie op de eigen ervaringen en ervaringen van deelgenoten is vergaard, aangevuld met kennis uit andere bronnen, wordt op een professionele manier ingezet ten behoeve van anderen.

De ervaringsdeskundige heeft het vermogen ontwikkeld om:

  1. de eigen ervaringen met een ontwrichtende aandoening en het te boven komen ervan (herstel) in wederkerigheid in te zetten om anderen te ondersteunen bij het vinden of maken van ruimte voor hun persoonlijk herstelproces.De inbreng van de persoonlijke dimensies van herstel onderscheidt een ervaringsdeskundige van een reguliere hulpverlener.
  2. de eigen ervaringen met stigmatisering en empowerment in te zetten om een herstelondersteunende (maatschappelijke) omgeving en herstelondersteunende zorg te bevorderen.De beargumenteerde inbreng van deze aan den lijve ondervonden kennis voor de inrichting van herstelondersteunende zorg is onderscheiden van reguliere disciplines.

Het ontstaan van ervaringsdeskundigheid begint met reflecteren op eigen ervaringen met ontwrichting en herstel. De ervaringskennis wordt breder door uitwisseling van ervaringen met lotgenoten, raadplegen van literatuur en verdere analyse/reflectie.

De volgende stap is die naar ervaringsdeskundigheid. Deze komt tot stand door het aanleren van vaardigheden om de ervaringskennis professioneel te gaan inzetten. Er zijn verschillende opleidingen om dit te bereiken.

Klik hier voor de kerntaken van ervaringsdeskundigen in de praktijk.

Ervaringen(met beperkingen en herstel)

Wat is herstelondersteunende zorg

Herstelondersteunende zorg is alle zorg die ten dienste staat van herstelprocessen van cliënten.

Herstelondersteunende zorg heeft tot doel de cliënt te helpen zoveel mogelijk zichzelf te helpen. Zij sluit aan bij de overlevingsstrategieën van de cliënt en moedigt hem aan deze verder te ontwikkelen.

Herstelondersteunende zorg heeft de volgende kenmerken:

De hulpverlener

  • is present (aandachtig aanwezig) en hoopvol
  • gebruikt zijn professionele referentiekader op een terughoudende en bescheiden wijze
  • maakt ruimte voor het eigen verhaal van de cliënt, ondersteunt het maken ervan en sluit er bij aan
  • herkent en stimuleert het benutten van eigen kracht van de cliënt (empowerment) zowel individueel als collectief
  • erkent en maakt gebruik van ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid
  • erkent, benut en stimuleert de ondersteuning van de cliënt door belangrijke anderen (familie, naastbetrokkenen)
  • is gericht op het verlichten van lijden en het vergroten van autonomie/regie van de cliënt

Dit betekent

  • Niet: herstelondersteuning invoegen in behandeling
  • Maar: behandeling invoegen in herstelprocessen

Werken volgens de herstelvisie vergt een cultuuromslag in de organisatie. Er zijn verschillende mogelijkheden voor deskundigheidsbevordering op het gebied van herstelondersteunende zorg.

Kerntaken

De drie kerntaken van de ervaringsdeskundige zijn:

Ondersteuning bij individuele herstelprocessen
De ervaringsdeskundige ondersteunt de cliënt bij het individuele herstelproces, bij zijn dagelijkse bezigheden en maatschappelijke participatie en emancipatie. Daartoe creëert hij vanuit (h)erkenning, reflectie en begrip ruimte zodat de cliënt zelf aan zijn herstelproces kan werken. De ondersteuning is een samenwerkingsproces waar, vanuit zelfbepaling, ook de omgeving bij betrokken kan worden. Dit zijn voor de cliënt belangrijke personen, maar ook maatschappelijke organisaties die ondersteuning bieden.
Inrichting van herstelondersteunende zorg
De ervaringsdeskundige ondersteunt en bevordert de inrichting van herstelondersteunende zorg. Deze component strekt zich uit binnen en buiten de ggz en gaat gepaard met culturele verandering en het tegengaan van stigmatisering. Dit betreft o.a. scholing, coaching en ondersteuning van medewerkers, de beïnvloeding van de cultuur en visie van de ggz, maar ook het bevorderen van samenwerking en aansluiting tussen ggz en andere maatschappelijke sectoren. Overkoepelend is het streven om het aanbod en inrichting van de zorg zo te veranderen dat zij daadwerkelijk aansluiten op de behoeften van de gebruikers van die zorg.

Creëren van maatschappelijke kansen
De ervaringsdeskundige draagt bij aan het scheppen van maatschappelijke ruimte en participatie. Hij gaat discriminatie en stigmatisering tegen door een positieve cultuur te scheppen. Hij draagt bij aan een compassievol klimaat waarin diversiteit leidraad is. Hij faciliteert het proces van empowerment door een vrije ruimte te genereren waarbinnen mensen in samenspraak met anderen zelf bepalen hoe zij hun leven vormgeven.

Voor de uitvoering van deze taken zet de ervaringsdeskundige eigen ervaringen in. Hij biedt hoop vanuit een doorleefd herstel en heeft kennis van binnenuit over herstel, empowerment en stigma.

Activiteiten

  1. Inrichten van een vrijplaats
    Pas vanuit een vrije ruimte waarin talenten en het verkennen van eigen kracht centraal staan, kunnen cliënten gaan ontdekken wat persoonlijk herstel betekent. Daarnaast hebben ervaringsdeskundigen samen met cliënten vrije ruimte nodig om in hun eigen tempo na te denken over de manier waarop een organisatie herstel kan agenderen en inhoud kan geven.

Deze vrije ruimte noemen we een (link naar Wat-is-een-vrijplaats)vrijplaats. Ervaringsdeskundigen ondersteunen de inrichting van zo’n vrijplaats.

  • Kwartiermaken voor herstel en ervaringsdeskundigheid binnen de ggz
    Om werkelijk herstelondersteunende zorg te realiseren moeten herstel en ervaringsdeskundigheid bij alle lagen in de organisatie op de agenda staan. Dat gaat niet vanzelf; ervaringsdeskundigen en cliëntenmoeten hier het voortouw nemen.
  • Kwartiermaken voor herstel en ervaringsdeskundigheid in breder verband
    Ervaringsdeskundige inzet is ook van belang in allerlei maatschappelijke verbanden. Wie de mogelijkheden voor maatschappelijke participatie (mede in het kader van de Wmo) wil vergroten, doet een beroep op de ervaringsdeskundige. Ervaringsdeskundigen kunnen voorlichting geven, adviseren, actief zoeken naar participatiemogelijkheden, cliëntgestuurde projecten opzetten en/of dergelijke projecten coachen.
  • Bestrijden van stigma en discriminatie zowel binnen als buiten de ggz
    Hier gaat het om voorlichting over psychiatrische diagnoses en het weerleggen van vooroordelen die daarover bestaan. Door inbreng van eigen ervaringskennis wordt de blik op ontwrichtende psychische ervaringen verruimd, ook bij hulpverleners.
  • Verbetering aansluiting tussen zorg en herstel in het zorgbeleid
    Onbedoeld is de bestaande hulpverlening soms herstelondermijnend, stigmatiserend en meer op beheersen dan ontwikkelen gericht. Het is een kernactiviteit voor ervaringsdeskundigheid om de aansluiting tussen goede zorg, herstel en zelfhulp te verbeteren. Daarbij is kennis van alternatieve programma’s en keuzemogelijkheden in de zorg noodzakelijk om cliëntsturing in de zorg te vergroten.
  • Herstelgerichte zorg organiseren
    Bij de huidige wijze van bekostiging en organisatie ligt de nadruk op wat er mis is. De diagnose en niet de hersteldoelen zijn daarbij leidend. Organisatie van herstelondersteuning vraagt een ombuiging in de bekostigingssystematiek en organisatie van zorg. Afstemming met andere maatschappelijke partijen is noodzakelijk om de nodige verbinding naar de maatschappij te realiseren.

[/vc_column_text][/panel][/vc_column][/vc_row][vc_row height=”tiny”][vc_column width=”1/2″][panel title=”Functies en inschaling”][vc_column_text]

Functies en inschaling

Een functiebeschrijving beschrijft de taken en verantwoordelijkheden die binnen de functie worden uitgevoerd. De functiebeschrijving legt ook de (hiërarchische) plaats van de functie in de organisatie vast en wordt ‘gewogen’ in de systematiek van de functiewaardering (FWG). De weging bepaalt in welke schaal de functie wordt ingedeeld. De functie wordt vervolgens opgenomen in het functiehuis van de organisatie.

Het realiseren van taken en activiteiten voor ervaringsdeskundigheid en herstel vraagt om het scheppen van nieuwe functies. Daarnaast kan er voor ervaringsdeskundigheid en herstel ruimte gemaakt worden in bestaande functies, zoals beleidsfuncties.

De beroepsmatige inzet van ervaringsdeskundigheid is betrekkelijk nieuw, net als de taken en activiteiten zelf. Het is nog een zoektocht naar hoe de taken in te passen in een functie, naar wat het juiste niveau is om de verschillende functies op te positioneren, en naar de verhouding tot bestaande functies. Ook over de inschaling is veel discussie en er is ook onvrede, omdat veel ervaringsdeskundigen zonder perspectief op groei in schaal 35 zitten, terwijl zij daarbij ook verschillende beleidstaken uitvoeren. Dit is zowel voor de ervaringsdeskundige als voor de instelling die herstelondersteuning structureel wil vorm geven, geen houdbare situatie. In de praktijk ontstaat er functiedifferentiatie en de bijbehorende inschaling die past bij een volwassen vak. Dit biedt ervaringsdeskundigen doorgroeimogelijkheden en de instelling de mogelijkheid om ervaringsdeskundigheid in alle lagen van de organisatie functioneel te realiseren.

Inschalingsoverwegingen:

  • De nieuwe functie moet zoveel mogelijk met vergelijkbare functies gelijkgetrokken worden. Een beleidsfunctie voor ervaringsdeskundigheid zit bijvoorbeeld in dezelfde schaal als andere beleidsfuncties.
  • De mate van zelfstandigheid, verantwoordelijkheid en de positie in de organisatie is mede leidend.
  • De mate van invloed die de functie heeft op het beleid en de processen van een organisatie is een belangrijke factor voor gewicht.
  • Het vereiste kennis- en denkniveau is mede bepalend.
  • De onderscheidende rol – namelijk de pioniersrol – in de instelling is van belang. De vereiste om het hersteldenken in de instelling te ontwikkelen en te bevorderen vraagt veel van medewerkers. De omgang met belangentegenstellingen en omgang met weerstand zijn daarbij zwaar wegende factoren.
  • De complexiteit van situaties is een factor van gewicht. Hierbij kan de confrontatie met levensverhalen voor ervaringsdeskundigen verzwarend zijn evenals het inzetten van eigen kwetsbaarheid.
  • De ontwikkeling van kennis in nieuwe producten en de overdracht van kennis in themabijeenkomsten, cursussen of workshops is van invloed op het gewicht.

Stage- en leerwerkplekken

Regelmatig lopen ervaringsdeskundigen tijdens hun opleiding stage binnen een instelling of kiezen zij voor een leerwerkplek.

De afstemming tussen opleidingsinstituut en de stage- of leerwerkplek vraagt speciale aandacht. Voor alle betrokken partijen gaat het om een nieuwe beroepsmatige ontwikkeling. Het team dat met de nieuwe collega gaat werken zal behoefte hebben aan goede voorlichting en een goede inhoudelijke begeleiding.

De samenwerking met het team en met de cliënten loopt vaak erg goed als zij zich herkennen in het ervaringsgebied van de stagiair. Wanneer iemand zelf veel ervaring heeft met alcoholverslaving, maar de cliënten en het team vooral ervaring hebben met psychosen is wellicht een andere match zinvoller.

Daarnaast vraagt de financiering van het scholingstraject aandacht. Veel startende ervaringsdeskundigen komen uit een uitkeringssituatie. Om dan aan een opleiding te kunnen beginnen is medewerking van de uitkeringsinstanties nodig. Willen zij bijdragen aan het re-integratietraject, dan moeten zij het nut en de mogelijkheid ervan inzien. Goede voorlichting en samenwerking met de UWV en gemeentelijke sociale dienst kan mogelijkheden voor hen creëren.

Rol PenO-afdeling
De PenO-afdeling van de instelling kan in dit geheel veel bijdragen aan de inrichting van stage- en leerwerkplekken. Zij beschikt over kennis van het woud van regels rond re- integratie, subsidiepotjes en financieringsmogelijkheden bij gemeente en UWV. Bovendien kan PenO samen met de betrokken leerling zoeken naar aanpassingen aan de individuele persoonlijke omstandigheden. Enkele relevante thema’s kunnen zijn: vergoeding van reiskosten, afstemming op persoonlijke zorgbehoefte, het bieden van extra coaching.

 

Voorbeelden functiedifferentiatie

Zie hier drie voorbeelden van functiedifferentiatie binnen organisaties. Klik op de naam voor de bijbehorende functiebeschrijving.

GGZ Eindhoven heeft als één van de eersten een differentiatie aangebracht:

Ervaringsdeskundig begeleider (FWG 35)

Senior ervaringsdeskundige (FWG 45)

GGZ Drenthe heeft drie verschillende functiebeschrijvingen vastgesteld:

Ervaringwerker Herstel (FWG 40)

Ervaringwerker Zorgteam (FWG 45)

Beleidsmedewerker Herstel (FWG 50)

SBWU (met een groot Bureau Herstel) maakt onderscheid tussen vier functies:

Medewerker herstel i.o. (FWG 40)

Medewerker herstel (FWG 45)

Coördinator Bureau Herstel (FWG 55)

Beleidsadviseur Herstel (FWG 60)

Vrijwilligerswerk

Niet alle ervaringsdeskundigen willen of kunnen meteen in een betaalde baan aan de slag. Soms zijn de banen niet voorhanden of sluiten ze niet aan bij hun mogelijkheden en kwaliteiten. Soms schrikken mensen terug voor de consequenties van een overstap van uitkering naar een betaalde baan. Beschikbare functies zijn vaak laagbetaald en in deeltijd waardoor het salaris niet voldoende is om uit de uitkering te raken. Een keuze voor vrijwilligerswerk is dan ook vaak geen echte keuze.

Vrijwilligerswerk kan mensen een goede mogelijkheid bieden om in de luwte hun talent en ambitie te verkennen. Het biedt de instelling de mogelijkheid de inzet van ervaringsdeskundigheid te verkennen en talent en ambitie van mensen in de organisatie aan het licht brengen. Vrijwilligerswerk kan daarbij zowel een voorstadium zijn voor betaald werk als één van de beschikbare mogelijkheden om ervaringsdeskundigheid in te zetten.

De organisatie van de werkomstandigheden, onkostenvergoedingen dan wel beloning, moet goed geregeld zijn. Vrijwilligers die een uitkering hebben mogen maar beperkt bijverdienen. Een vrijwilligersvergoeding kan tijdelijk een welkome bijverdienste zijn maar biedt op den duur weinig perspectief. Door daarnaast scholing, nascholing of coaching aan te bieden kan een opstap naar de ontwikkeling van competenties voor een betaalde baan geboden worden, met eventueel inzet van een traject van Erkenning Verworven Competenties. Ook deelname aan congressen en symposia bevorderen de participatie en kennisuitwisseling.

Vrijwilligerswerk kan ook een meer permanente vorm voor participatie zijn. Ook hierbij kan gekeken worden naar (versterken van) belonende aspecten van het werk of leuke uitjes als leermogelijkheden in brede zin.

De keuze voor betaald of vrijwillig werk moet uiteindelijk gemaakt kunnen worden door de ervaringsdeskundige zelf. De instelling ondersteunt de ontwikkeling van ervarings deskundigheid en herstelondersteuning met de mogelijkheid van betaalde functies. Daarmee draagt de instelling tevens bij aan re-integratie van mensen die vaak al heel lang een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben.

 

Werving en selectie

Het vinden van een geschikte kandidaat is niet altijd eenvoudig. Een paar tips voor werkgevers (Posthouwer en Timmer, 2013):

  • Stap 1 is het vaststellen van een duidelijke functieomschrijving, opleidingseisen en een passende inschaling. Zie hiervoor de informatie elders op deze website.
  • Het ontwikkelen van een functieprofiel moet ingebed zijn binnen een visie op ervaringsdeskundigheid. Dit dient terug te komen in de manier waarop het profiel vorm en inhoud krijgt.
  • De vijver is nog klein, zeker als het gaat om HBO-opgeleide ervaringsdeskundigen, dus wees flexibel in de eisen en bied voldoende ontwikkelruimte.
  • Zet de vacature breed uit, zowel binnen als buiten de kaders.
  • Wees flexibel in praktische eisen, zoals het aantal uren dat iemand kan werken. Soms beginnen mensen sinds lange tijd weer aan een baan of volgen daarnaast een opleiding.
  • Betrek ervaringsdeskundigen bij de wervings- en selectieprocedure.
  • Bespreek de volgende thema’s tijdens de selectiegesprekken:
  • – Gezond leren werken: In hoeverre kun je ertegen om blootgesteld te worden aan alles wat er op je afkomt
  • – Re-integreren: Wat heb je hierbij nodig? Wat zijn de consequenties?
  • – Basisattitude die past binnen de visie op herstel, empowerment en ervaringsdeskundigheid.
  • Hoe denkt iemand zijn eigen ervaringen in te kunnen zetten?
  • Wat heeft iemand voor visie op het zorgsysteem en op herstelbevorderende en belemmerende factoren die een rol spelen?
  • Heeft iemand een holistische mensvisie?
  • Durft iemand vanuit bondgenootschap met cliënten zijn werk te doen?
  • Durft iemand (op den duur) in te gaan tegen de gevestigde orde en een ‘luis in de pels’-functie te vervullen?
  • Welke ontwikkeling heeft iemand al in de cliëntenbeweging?

Begeleiding bij weer werken

Soms hebben ervaringsdeskundigen, voordat ze beginnen aan de functie, langdurig niet gewerkt of hebben ze überhaupt nog nooit gewerkt. Er komt dan veel op de medewerker af: wennen aan een arbeidsritme, wennen aan het werknemer zijn, verder ontwikkelen van bepaalde vaardigheden en kennis en het omgaan met eventueel nog bestaande psychische kwetsbaarheden. Daarnaast is het vaak zoeken naar de manier waarop ervaringsdeskundigheid het best kan worden ingezet. Het weer gaan werken vraagt dus extra veel van de ervaringsdeskundige. Een goede inwerkperiode is daarom noodzakelijk.

Tips voor werkgevers:

  • Bied een inwerkperiode op maat.
  • Bied de ervaringsdeskundige begeleiding door een (senior) ervaringsdeskundige bij vragen rond de inzet van de eigen ervaringskennis.
  • Bied de ervaringsdeskundige begeleiding bij re-integratie door een jobcoach/re-integratiecoach, met aandacht voor weer gaan werken, opbouw in uren/taken en financiële zaken (afspraken met uitkeringsinstanties).
  • Wees open en duidelijk in verwachtingen, rollen en taken.
  • Stem hierin steeds af met de ervaringsdeskundige. Wees alert op een te hoge druk of irreële verwachtingen vanuit de persoon zelf.

Tips voor ervaringsdeskundigen:

  • Neem de tijd om te wennen aan de organisatie, je nieuwe rol en het weer aan het werk zijn. Geef duidelijk aan bij je leidinggevende wat je wilt en aankunt. Bouw het rustig op. Bewaak je eigen grenzen.
  • Maak vooraf samen met je werkgever de financiële situatie met betrekking tot uitkeringen inzichtelijk, zodat je niet onverwachts voor verrassingen komt te staan.
  • Ga niet alleen ‘zwemmen’, maar zorg dat je begeleiding ontvangt van een (senior) ervaringsdeskundige waarmee je kunt sparren.
  • Ambitieus zijn mag, maar pas op dat je niet direct te veel verwacht van jezelf. Overcompenseren en het ervaren van een hoge druk zijn risico’s.
  • Trek op tijd bij je leidinggevende aan de bel als rollen of taken niet helder zijn of als je het gevoel hebt niet te kunnen voldoen aan de verwachtingen van anderen of jezelf.

Introductie binnen het team

Bij de komst van een ervaringsdeskundige in het team zijn de verwachtingen vaak hoog gespannen. Het is daarom belangrijk om alle medewerkers vooraf goed te informeren over het doel en de betekenis van de inzet van een ervaringsdeskundige. Er moet een duidelijke visie zijn op herstel en ervaringsdeskundigheid. Ook moet helder zijn in welke rollen de ervaringsdeskundige zal worden ingezet. Hiervoor kunnen speciale visiebijeenkomsten (link naar visie) worden georganiseerd.

Ervaringsdeskundigen moeten een duidelijke en volwaardige positie in het team krijgen, zodat daarover voor niemand verwarring ontstaat. Een goed inwerktraject op maat is belangrijk. Ervaringsdeskundigen voelen soms een druk om – naast het gewoon werknemer zijn – direct iets extra’s toe te voegen vanuit hun ervaringsdeskundigheid. Zij zijn zoekende hoe ze hun ervaringskennis kunnen benutten. Het is belangrijk dat men weet dat het gaat om een groeiproces, waarin de ervaringsdeskundige de ruimte krijgt om te wennen aan zijn nieuwe rol en samen met anderen kan verkennen hoe deze het best kan worden ingevuld. Om te voorkomen dat ervaringsdeskundigen zich hierin alleen voelen staan en worstelen met hun aparte status, moeten zij vanaf het begin kunnen uitwisselen met andere ervaringsdeskundigen binnen de organisatie.

Ervaringsdeskundigheid onderhouden

Het risico bestaat dat de specifieke ervaringsdeskundige inbreng uiteindelijk op de achtergrond raakt of overspoeld wordt door de dominante cultuur van hulpverlenen. Daarom is het goed van meet af aan aandacht te hebben voor het ‘onderhoud’ en ervaringsdeskundigheid te versterken door een goede inbedding. Dit kan door:

Samenwerking met andere ervaringsdeskundigen

  • Bij voorkeur worden twee ervaringsdeskundigen in één team aangesteld.
  • Wanneer dit niet mogelijk is kan teamoverstijgende samenwerking georganiseerd worden, bijvoorbeeld in een Platform voor Ervaringsdeskundigen of in een vrijplaats.
  • Een ervaren ervaringsdeskundige kan als mentor van beginnende collega’s worden aangesteld.

Intervisie

  • Instellingen waar meerdere ervaringsdeskundigen werken kunnen intern intervisie aanbieden.
  • Intervisie kan ook regionaal georganiseerd en aangeboden worden.

Coaching en supervisie
Het aantal ervaringsdeskundige coaches is nog beperkt. Er bestaat nog geen officiële scholing op ervaringsdeskundige coaching of supervisie. Het HEE-team heeft wel een aantal senior docenten die coaching aanbieden.

Contact met de oorsprong
Het is voor ervaringsdeskundigen belangrijk om contact te houden met de oorsprong van hun kennis. Dit kan door deel te blijven nemen aan zelfhulpgroepen en/of actief betrokken te blijven bij cliëntenorganisaties. Zo blijven zij zelf goed op de hoogte en tegelijk voeden zij deze organisaties met hun deskundigheid.

Bijscholing
Ervaringsdeskundigen moeten zich regelmatig laten bijscholen over nieuwe ontwikkelingen, ondersteuningsmogelijkheden of voorzieningen.

Cultuuromslag nodig in het werken met ervaringsdeskundigen

Zorg- en hulpverleningsorganisaties moeten een cultuuromslag maken om ervaringsdeskundigheid en herstelondersteuning met succes te kunnen inzetten. Dat kost tijd, vergt inspanning en vereist helderheid over rollen, taken en verantwoordelijkheden, zonder daarbij de eigenheid van ervaringsdeskundigen uit het oog te verliezen.

Dit blijkt uit onderzoek van Max Huber, Paulina Sedney en Joep Holten. Het artikel is verschenen op de site van Sociale Vraagstukken en is hier te lezen.

 

Herstelcursussen en -groepen

Voordat cliënten zich kunnen ontwikkelen tot ervaringsdeskundige, is het belangrijk dat er ruimte onstaat om aan het eigen herstel te werken. Herstelactiviteiten bieden individuele deelnemers perspectief, hoop en ruimte voor ontplooiing en persoonlijk herstel. Door voorlichting en herstelverhalen van ervaringsdeskundigen kunnen cliënten enthousiast raken om zelf hun ervaringen te gaan inzetten voor anderen. Dit is een groeiproces waarvoor tijd en ruimte nodig is. Er is een divers aanbod van herstelcursussen en zelfhulpmethodes beschikbaar:

WRAP in NL
WRAP staat voor Wellness Recovery Action Plan, een in Amerika ontwikkeld zelfhulp-instrument. WRAP in NL ondersteunt door scholing en voorlichting de verspreiding van WRAP in Nederland. WRAP in NL is een initiatief van Kenniscentrum Phrenos en het HEE-team en werkt nauw samen met vijf organisaties: Markieza, GGZ Noord-Holland-Noord, GGZ Oost-Brabant, Pameijer en SBWU.

Meer info

Herstelwerkgroep
Een herstelwerkgroep is een zelfhulpgroep waarin de leden, onder begeleiding van een ervaringdeskundige, kennismaken met het begrip herstel. Aan de hand van thema’s worden eigen ervaringen ingebracht en besproken. Zo verwerven de deelnemers ervaringskennis en ontwikkelen zij een persoonlijk en gezamenlijk herstelperspectief.

Om deelnemers de kans te bieden hun eigen herstelproces ter hand te nemen en te gaan onderzoeken wat zij zelf willen, is het nodig dat een groep zeker een jaar kan draaien. Daarmee onderscheiden herstelwerkgroepen zich van cursussen als Begin maken met herstel.

Meer info

Herstellen doe je zelf
Een andere methode voor cliënten die in de beginfase van het traject kan worden ingezet is Herstellen doe je zelf. Deze cursus is in 1996 ontwikkeld door het Regionaal Service Centrum GGZ Tilburg en wordt inmiddels in het gehele land aangeboden. Centraal staan het bekend raken met het begrip herstel, herstelervaringen delen met anderen en eigen krachten en mogelijkheden hervinden. Er wordt aandacht gegeven aan onderwerpen als: de betekenis van rehabilitatie en herstel, toekomstwensen, keuzes maken, verwerven van steun en medezeggenschap. De cursus herstellen doe je zelf wordt op vele plaatsen in het land aangeboden. Phrenos heeft de taak op zich genomen het materiaal te updaten en de landelijke intervisies te regelen.

Studiedag herstel
De Studiedag herstel is bedoeld voor koppels bestaande uit een hulpverlener en een cliënt. De cliënt nodigt hiervoor naar eigen keuze één van zijn eigen hulpverleners uit (woonbegeleider, psychiater, ambulant begeleider etc.) Er wordt een inleiding geboden op het concept herstel, zowel door herstelverhalen als door een korte presentatie, met veel ruimte voor eigen inbreng van de deelnemers. De studiedag is ontwikkeld om cliënten en hulpverleners de gelegenheid te geven met elkaar in gesprek te gaan over herstel en als koppel te onderzoeken welke betekenis herstel kan hebben voor hun onderlinge relatie. Samen wordt geoefend hoe op een andere manier met elkaar kan worden omgegaan.

Meer info

Fotovoice
In de cursus Fotovoice van twaalf bijeenkomsten gaan de deelnemers op een praktische manier aan de slag met het thema (zelf)stigma. De ‘opgeplakte’ en eigen (stigmatiserende) beelden worden door middel van zelfgemaakte foto’s en ervaringsverhalen van de deelnemers zichtbaar gemaakt. Ook is hierbij aandacht voor de kracht en positieve beelden die hier tegenover staan. Deelnemers onderzoeken hun eigen kwaliteiten en vaardigheden om met (zelf)stigma om te gaan. Er wordt toegewerkt naar een tentoonstelling die zowel intern als buiten de instelling aan publiek getoond wordt.

Meer info

Werken met eigen ervaring
Werken met eigen ervaring is een oriëntatiecursus van twaalf bijeenkomsten voor mensen die belangstelling hebben hun ervaringen in de psychiatrie en/of verslavingszorg in te gaan zetten ter ondersteuning van anderen. Deze cursus is meer dan tien jaar geleden ontwikkeld en is verspreid over het land. De cursus wordt in vele regio’s succesvol gebruikt om deelnemers te ondersteunen in hun eerste stappen op weg naar werken als ervaringsdeskundige binnen de ggz of verslavingszorg. In 2010 is de cursus herzien door HEE!, die de rechten heeft overgenomen. Hierbij is de essentie van de cursus overeind gebleven; vooral de literatuur is geactualiseerd en sommige opdrachten zijn aangepast op basis van praktijkervaringen.

Meer info

Ervan verhalen
In een serie van 4 bijeenkomsten van elk 2,5 uur worden de deelnemers uitgenodigd om aan de slag te gaan met een persoonlijk herstelverhaal. Tijdens de 5e en laatste bijeenkomst worden de verhalen door de deelnemers gepresenteerd.

Meer info

Schrijf je herstelverhaal (digitaal)

In deze cursus schrijven mensen individueel aan hun herstelverhaal. De cursus is digitaal en verloopt aan de hand van opdrachten en bouwstenen. Die bouwstenen zijn opgesteld vanuit het herstelprincipe. Hoe lang je de tijd neemt voor iedere bouwsteen en in welke volgorde je bezig gaat met je verhaal, hangt af van hoe lang en waarmee je zelf bezig wilt zijn. Je volgt dus je eigen tempo hierin. De bouwstenen zijn terug te vinden op een website waar je een login voor krijgt bij aanmelding. Je krijgt een ervaringsdeskundig begeleider aangewezen die je via e-mail zal begeleiden. Deze begeleiding is vooral gericht op het schrijven/delen van je verhaal. De cursus is in 2013 overgedragen van GGzE naar  Markieza, waar nu de rechten liggen.

 

Scholing herstelondersteunende zorg

Herstelondersteunende zorg is niet een kunstje wat medewerkers moeten leren. Het vraagt een attitudeverandering. Medewerkers moeten ruimte maken voor herstel. Dit moet deel uit gaan maken van hun basishouding. Om dit te bewerkstelligen is scholing nodig, scholing voor medewerkers in alle lagen van de organisatie en in alle functies.

De scholing kan starten met een Basiscursus herstelondersteunende zorg(HEE! of Markieza). De cursus is een aanzet tot veranderingen, maar er is meer nodig. Medewerkers leren in de basiscursus wat zij zelf kunnen en willen veranderen in hun attitude. Dit dient ook besproken te worden met de leidinggevende, zodat het niet op zichzelf blijft staan. Herstelondersteunende zorg is iets wat gezamenlijk ondernomen en gedragen moet worden. Daarom is na een basiscursus teamcoaching of intervisie gericht op herstelgericht werken aan te bevelen: het houdt medewerkers bij de les en het zorgt ervoor dat het een gezamenlijk doel wordt en blijft.

Na de basiscursus zijn er mogelijkheden voor vervolgcursussen, zoals deVerdiepingscursus herstelondersteunende zorg (HEE! of Markieza). Ook kunnen op maat verschillende workshops worden geboden, bijvoorbeeld over het werken met herstelondersteunende begeleidingsplannen.

Meer info: http://www.markieza.org of  http://www.hee-team.nl/

 

  • Deel deze pagina: