Main content

De Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) regelt de rechten van mensen die te maken hebben met verplichte zorg vanwege een psychische stoornis.

In de wet heten zij: “betrokkene”. Verplichte zorg is nodig als er door de psychische stoornis gevaar is of dreigt voor de persoon zelf of voor anderen. De wet noemt dit “ernstig nadeel”.

Verplichte zorg kan via twee procedures worden verleend: de crisismaatregel en de zorgmachtiging. Onder de Wvggz is het ook mogelijk om verplichte zorg buiten een instelling te organiseren – dus bijvoorbeeld verplichte medicatie die thuis genomen moet worden.

De Wvggz werd in 2020 van kracht

In het wetsvoorstel Wet Verplichte Geestelijke Gezondsheidszorg (Wvggz)  is in 2017 een wetswijziging voorgesteld om meer maatwerk te bieden aan cliënten. De wet is in 2020 van kracht geworden.

Belangrijkste kenmerken van de Wet verplichte GGZ

In de oude wet BOPZ is het criterium ‘gevaar voor zichzelf of anderen’ bepalend. De Wvggz ziet een basis voor gedwongen zorg voor de psychiatrische patiënt van wie stoornis een aanzienlijk risico op ernstige schade voor zichzelf of anderen veroorzaakt. Dit is een ruimer kader dan de BOPZ toestaat.

Dwang mag alleen worden toegepast als andere mogelijkheden van zorg zijn onderzocht en tekortschieten. In dat geval moet er worden gekozen voor de lichtst mogelijk vorm van dwang. In de wet zijn een aantal beginselen verankerd, namelijk dat van:

• Subsidiariteit: is dit de beste manier om iets te bereiken of zijn er andere manieren?
• Proportionaliteit: staat belang in verhouding tot inbreuk?
• Doelmatigheid: dwangtoepassing is voorzienbaar effectief

De dwang mag niet alleen zoals in de BOPZ in de instelling, maar ook thuis of op de polikliniek worden toegepast.

Wederkerigheid is een nieuw begrip. Die bestaat eruit dat de overheid kwalitatief goede zorg biedt er een hoogst haalbare mate van maatschappelijke participatie moet worden gewaarborgd. Er moet tijdens verplichte zorg aandacht zijn voor maatschappelijke participatie van cliënt.

Wvggz en de invloed van de cliënt

In de Wvggz wordt de invloed van de cliënt gedurende de periode van verplichte zorg geregeld. Er moet met de cliënt overlegd en geëvalueerd worden. Verder mag de cliënt aangeven wat de zorg van zijn/haar voorkeur is en moet hierover uitleg worden gegeven in begrijpelijke taal. Hulpverleners moeten zoveel mogelijk aan de wensen van de cliënt tegemoetkomen, tenzij dit in strijd is met goede hulpverlening.

Familieleden en andere direct betrokkenen worden meer betrokken bij de beslissing of verplichte zorg nodig is. Familievertrouwenspersonen zullen advies en bijstand geven aan familieleden en andere directbetrokkenen van (on)vrijwillig opgenomen personen.

Jim van Os is een herstelgerichte psychiater, hoogleraar psychiatrische epidemiologie en Voorzitter Divisie Hersenen, UMC Utrecht. Jim van Os werkt op het raakvlak van ‘harde’ breinwetenschap, gezondheidszorgonderzoek, kunst en subjectieve ervaringen van mensen met ‘lived experience’ in de GGZ. Jim is ook familielid van mensen met psychosegevoeligheid.

Volg Jim van Os ook op LinkedInFacebookTwitter en YouTube of Wiki.

Wist je dat Jim van Os regelmatig nieuwe podcasts, mini-colleges en blogs plaatst?

  • Deel deze pagina: