Main content

Met onze zintuigen nemen we de wereld waar en geven onze hersenen een betekenis aan wat we waarnemen. Soms doe je dat op een manier die zo gestuurd is door onderliggende persoonlijke emoties van angst, somberheid of andere emoties dat je waarnemingen het karakter krijgen van iets externs.  Als deze waarneming verstoort raakt, kun je dingen zien, ruiken, voelen, horen of proeven die er niet echt zijn. Je eigen gedachten lijken bijvoorbeeld een stem van iemand anders. Dit noem je ook wel hallucineren; de verstoorde waarnemingen worden hallucinaties genoemd.

Wanneer kunnen hallucinaties optreden?

Hallucineren wordt vaak in verband gebracht met het gebruik van drugs, zoals LSD. Dit wordt ook wel trippen genoemd. Maar je kunt ook gaan hallucineren van andere middelen zoals alcohol of sommige medicijnen. Andere triggers die hallucinaties kunnen veroorzaken zijn oververmoeidheid, en psychose.

Mensen die hallucineren in het kader van een psychose zijn er soms helemaal van overtuigd dat wat zij waarnemen ook echt is, ook al geven andere mensen dat zij niets kunnen waarnemen.  Maar het kan ook zijn dan mensen met een psychose, net zoals mensen die hallucinaties krijgen na het gebruik van verdovende middelen of door langdurig slaapgebrek, zich bewust zijn van het feit dat ze weliswaar dingen zien en horen, maar dat deze dingen niet ‘echt’ zijn, en dat andere mensen ze niet kunnen horen.

Vijf vormen van hallucineren

Er zijn vijf verschillende soorten hallucinaties. Tijdens een psychose kun je meerdere vormen van hallucineren tegelijkertijd ervaren.

  • Auditieve of geluidshallucinaties – je hoort dingen of stemmen die andere mensen niet kunnen horen.
  • Visuele hallucinaties – Je ziet dingen die andere mensen niet zien.
  • Tactiele of gevoelshallucinaties – Je voelt dingen die andere mensen niet kunnen voelen.
  • Smaakhallucinaties – Je proeft andere dingen dan die andere mensen niet kunnen proeven.
  • Reukhallucinaties – Je ruikt dingen die andere mensen niet kunnen ruiken.

Het kan soms lastig zijn om contact te maken met mensen die hallucineren. Ze zitten immers in hun eigen belevingswereld en het kan voor de omgeving moeilijk zijn te begrijpen welke onderdelen van de omgeving anders worden waargenomen. Dingen die mensen waarnemen zijn vaak eng of onprettig. Een minderheid echter heeft prettige hallucinaties. Denk aan iemand in een manie die een engelenkoor hoort zingen. Maar vaak is het naar. Denk maar aan het gevoel dat er beestjes onder je huid lopen of dat stemmen je allerlei  nare dingen opdragen te doen.

Hoe ontstaat hallucineren?

Het is niet precies bekend hoe hallucinaties worden veroorzaakt. Men vermoedt dat er een proces is waarbij teveel emotionele betekenis wordt toegekend aan de eigen interne spraak en visualisatie, zodanig dat die iets ‘externs’ krijgen, en worden waargenomen als ‘van buiten’. Er is wel aangetoond dat bij visuele hallucinaties en gehoorhallucinaties (stemmen horen) dezelfde hersengebieden actief zijn als wanneer ze échte beelden zien of geluiden horen. Bij stemmenhoorders zijn ook de taalgebieden actief in de hersenen die bij luisteren en spreken gebruikt worden. Maar wat dat precies betekent is niet duidelijk – het lijkt logisch dat het brein van iemand die hallucinaties hoort ‘bezig is’ met spreken en luisteren. Het legt niet veel uit.

Psychose en hallucinatie

Een van de symptomen die bij psychose kunnen voorkomen zijn hallucinaties. Mensen in psychose kunnen de hallucinaties angstaanjagend en vreemd vinden, maar ook soms prettig. Vaak gaan hallucinaties gepaard met een zekere mate van wantrouwen naar de buitenwereld. Dit wantrouwen kan dan weer de vorm aannemen van een waan. Wanen die optreden bij hallucinaties zijn vaak pogingen van de persoon om een uitleg te vinden voor de hallucinatie. Bijvoorbeeld bij stemmen horen ontwikkelen mensen vaak het idee dat bijvoorbeeld de buren bezig zijn met een telepathisch apparaat of electromagnetische golven.

Stel een vraag over hallucinaties


Biografie Jim van Os

Prof. dr. Jim van Os, Voorzitter Divisie Hersenen, UMC Utrecht. Hij is tevens verbonden als Visiting Professor Psychiatric Epidemiology aan het Institute of Psychiatry te Londen. Hij is sinds 2011 lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en werd in 2016 benoemd tot Fellow van King’s College London

Jim van Os werkt op het raakvlak van ‘harde’ breinwetenschap, gezondheidszorgonderzoek, kunst en subjectieve ervaringen van mensen met ‘lived experience’ in de GGZ. Hij verschijnt sinds 2014 op Thomson-Reuter Web of Science lijst van ‘most influential scientific minds of our time’. In 2014 kwam zijn boek De DSM-5 Voorbij uit, en in 2016 het boek Goede GGZ! (samen met Philippe Delespaul e.a.)

Lees hier meer over Jim van Os. Of volg Jim op LinkedIn, Facebook, Twitter en YouTube!

Meer informatie over psychose:

  • Deel deze pagina: