Main content

Informatie over psychose

Intrusie

Op de snelweg met een snelheid van 120 km per uur uit de auto stappen. Je kleine nichtje keihard in haar armpjes knijpen. De kat een schop verkopen. Seks met je oma. Allemaal gedachtes die behoorlijk bizar zijn en die je niet snel hardop zal uitspreken, als je ze hebt. Dit soort bizarre gedachtes worden intrusies genoemd en bijna iedereen heeft ze wel eens. Ongeveer driekwart van de mensen die ervaring hebben met psychose heeft ervaring met intrusies.

Het is pas een probleem als je last hebt van je intrusies

Je kunt enorm schrikken van je eigen gedachten en je er voor schamen maar meestal zijn dit gedachten die komen en gaan. Je hebt er verder geen last van. Het wordt pas een probleem als de gedachten, beelden of impulsen steeds vaker opkomen en ze niet uit je gedachten gaan. Je gaat je steeds schuldiger, viezer of banger voelen en de gedachte proberen weg te drukken. Het is aangetoond dat juist dát niet helpt.

Je hersenen kunnen het woord ‘niet’ niet registreren

Als je een woord hoort, leggen de hersenen meteen verbanden van associaties en emoties. Het woord ‘niet’ wordt door de hersenen niet als ontkenning herkent. Een bekend voorbeeld is: je mag niet aan een roze olifant denken. Waar denk je dan aan? Juist, een roze olifant. Precies zo werkt het met het proberen weg te drukken van storende intrusies.

Waarom hebben mensen intrusies?

Waarom mensen intrusies hebben en waarom de een vaker dan de ander, is niet bekend. Het is wel duidelijk dat mensen die onder hun intrusies lijden, vaak van alles doen om de intrusies te vermijden. Stel je voor dat je dagelijks met de trein naar je werk gaat en je hebt steeds vaker de gedachte om voor de trein te springen als hij aan komt rijden. Behoorlijk griezelig als die gedachte niet weggaat en je bang bent dat je het écht gaat doen of twijfelt of je dit misschien diep in je hart écht wil. Dan is de kans groot dat je voortaan met de bus naar je werk gaat en zo de intrusie probeert te ‘ontlopen’.

Wat werkt wel als je last hebt van intrusies?

Allereerst is het goed om je te realiseren dat het dus normaal is om af en toe intrusies te hebben. Iedereen denkt wel eens: wat zou er gebeuren als ik spring, sla, knijp, wurg of schreeuw. Wetenschappers denken dat je deze gedachtes juist kunt zien als waarschuwing. Je denkt iets wat je níet zou willen en je hersenen maken daar een voorstelling bij. Je ziet de gevolgen voor je en ziet dit als waarschuwing om niet te springen, slaan, knijpen, wurgen of schreeuwen. Eigenlijk heel functioneel dus.

Omdat wegdrukken van de gedachte niet werkt, is het goed om er of helemaal geen aandacht aan te schenken of om de gedachte juist heel erg uit te vergroten. Het is belangrijk om hierover te praten met iemand die je vertrouwt als je er vee last van hebt.

Als de intrusies dwangmatig zijn, ze ervoor zorgen dat je niet gewoon kunt functioneren, als de intrusies een obsessief karakter krijgen, bespreek dit dan met een hulpverlener. Ongeveer driekwart van de mensen met psychose heeft dit soort beelden. Cognitieve Gedragstherapie en eventueel medicatie kunnen je helpen om de gedachten weer terug te brengen naar normale proporties.